Plus Het wietcircuit

Waar komt alle wiet in Amsterdamse coffeeshops vandaan?

De hasj en wiet vliegen over de balie van de coffeeshop, voor vaste klanten en de gestage stroom toeristen. Waar komt al dat spul vandaan?

Beeld anp

Het is een geliefde methode van de Nederlandse politie: net na de eerste sneeuwval een rondje maken door de buurt, om te zien of er nog een hennepkwekerij is te ontdekken.

De plantages geven doorgaans zo veel warmte af dat sneeuw op het dak van een hennepkwekerij veel sneller smelt dan dat op omliggende panden.

Maar voor zover in Amsterdam de daken vanaf de straat zichtbaar zijn, ligt daar 's winters gewoon sneeuw, stelt een ingewijde.

Hoewel de stad misschien mondiaal het centrum is van hasj- en wietgebruik, worden binnen haar grenzen nauwelijks enorme hennepkwekerijen opgerold. Waar komen de hasj en wiet in de Amsterdamse softdrugshandel dan vandaan?

Voor hasj, de hars van een cannabisplant, is dat duidelijk: die komt in partijen van veelal duizenden kilo's uit vooral Marokko naar Nederland. Ook wordt in Afghanistan en Libanon geproduceerd.

De productie is in handen van professionele boeren, die er vaak van generatie op generatie in handelen. Een uitgebreid logistiek netwerk verspreidt de drugs over Europa.

Idealisten
De productie van wiet is versnipperd, met een heleboel verschillende types telers. Van ver komt de wiet in Amsterdamse coffeeshop doorgaans niet, al doen de exotische namen anders vermoeden. Vrijwel alle varianten zijn het resultaat van Nederlands 'agrarisch' vakmanschap.

Nog steeds zijn er de idealisten die vanuit overtuiging en liefhebberij telen, het liefst biologisch en zonder bestrijdingsmiddelen. Zij leveren onvoldoende voor de enorme vraag in Amsterdam.

Om al die joints voor de rokende Amsterdammer en de drommen gretige toeristen te vullen, zijn de coffeeshops voor hun toelevering aangewezen op een breder netwerk.

Elke dag een wiethok
Het begint bij vele Amsterdammers met kleine kwekerijtjes op zolder, van zo'n twintig of dertig planten. Hobbyisten en kleine ondernemers, die heel behoorlijke kwaliteit produceren.

Dan volgen de (semi)professionele telers die grotere plantages van enkele honderden planten beheren, soms net buiten de stad.

De Amsterdamse politie ontmantelt ruwweg elke dag een 'wiethok', meestal met 150 tot 700 planten. In een loods in pakweg het Westelijk Havengebied gaat het zo nu en dan om een paar duizend planten.

Amsterdam is te dichtbevolkt om onopvallend een grote kwekerij te drijven, al dook er bij hoge uitzonderingen ooit een op in een souterrain aan de Keizersgracht. Verder worden in het uitgestrekte ­havengebied volgens ingewijden ook stekjeskwekerijen gerund.

Geen garanties
De benodigdheden voor de teelt betrekken de telers bij voormalige growshops. Die zijn sinds 2015 verboden, maar op internet is de handel springlevend en een enkele growshop is verder gegaan als tuincentrum. Bestrijding van growshops heeft voor de politie geen prioriteit.

Voor de Amsterdamse coffeeshophouder is het essentieel toegang te hebben tot een gestage stroom wiet van velerlei soorten, om een kleurrijk menu te kunnen handhaven.

Garanties en keiharde leveringsafspraken zijn er niet: de inkoop is binnen het gedoogbeleid immers nog steeds verboden. Veel gaat op basis van vertrouwen, vaak omdat een inkoper van de coffeeshop zijn leverancier al jaren kent.

Intermediairs tussen de (hobby)kweker en de coffeeshop zijn de smeerolie van de wietketen. Deze tussenhandelaren verzekeren de telers van een eerlijke prijs, zonder dat die hoeven te leuren met hun spullen, terwijl de coffeeshop­houders weten wat voor vlees zij in de kuip ­hebben.

In deze branche zijn onbekende handelsreizigers met proefmonsters ongewenst. Hoewel de kans klein is dat de politie een pseudokoop organiseert, doen paranoïde verhalen nu eenmaal snel de ronde. Sommige tussenhandelaren zijn al decennia actief en pakken een aardige winst.

Stroom voor 30.000 plantages
Over de totale Nederlandse wietproductie valt nauwelijks een zinnig woord te zeggen. Schattingen lopen ver uiteen: van 29 tot 130 ton per jaar.

Per jaar worden in Nederland ongeveer vijf- tot zesduizend wietkwekerijen opgerold, maar dat zegt wellicht evenveel over de capaciteit die de politie aan de jacht op de producenten besteedt als over de hoeveelheid kwekerijen.

Uit andere hoek is nog een indicatie te krijgen. In Nederland wordt jaarlijks 1 miljard kilowattuur aan energie gestolen, buit die vrijwel vol­ledig voor hennepkwekerijen wordt gebruikt. Daarop kunnen zo'n 30.000 plantages voortdurend draaien, die samen ongeveer evenveel energie gebruiken als de stad Den Haag.

Sinds justitie in strafprocessen en 'ont­nemingszaken' bij de winst betrekt hoe vaak in een opgerolde plantage is geoogst, ziet de politie dat kwekerijen na elke cyclus grondig worden schoongemaakt: nieuwe plantenpotten, verse koolstoffilters, even een doekje over de warmtelampen. De wietkwekerij professionaliseert, constateren politieonderzoekers.

De grootste professionele plantages staan in het zuiden van het land, waar hennepgerelateerde criminaliteit tot grote zorgen leidt bij politie, justitie en bestuurders. De maatschappij wordt ondermijnd, waarschuwen burgemeesters.

Door de enorme softdrugswinsten die via allerlei faciliterende dienstverleners hun weg naar de bovenwereld vinden, maar ook doordat crimineel gedrag kennelijk steeds meer wordt geaccepteerd. Er zijn onder de grote rivieren gevallen bekend van wietcriminelen die probeerden voet aan de grond te krijgen in de lokale politiek.

In de hennephandel wordt zwaar geweld gebruikt, bij het 'rippen' (stelen) van drugs of bij het beslechten van conflicten. Tussen 2013 en 2015 zijn in Nederland zeker tien mensen doodgeschoten vanwege een hennepconflict. Meerdere wietcriminelen zijn voorgoed uit het zicht verdwenen - mogelijk geliquideerd.

Randstadwiet eerst
Maar Amsterdamse coffeeshophouders zijn volgens kenners van de markt niet zo happig op een Brabander of Limburger als handelspartner. Ze vertrouwen het volk uit het zuiden niet en de wiet zou geregeld van bedenkelijke kwaliteit zijn.

Er is nauwelijks wietverkeer tussen de zuidelijke provincies en de Amsterdamse coffeeshops. De handel hier wil zo weinig mogelijk te maken hebben met de grimmige hennepcriminaliteit uit het zuiden van het land, waar motorbendes, Turkse criminele organisaties en woonwagenbewoners ruwweg de markt verdelen.

Amsterdam haalt zijn wiet daarom vooral uit de Randstad. Dat die leveranciers zich veel beter gedragen, spreekt niet vanzelf. Maar de vele liquidaties binnen de Amsterdamse onder­wereld zijn veel vaker tot harddrugs en wraak te herleiden dan tot de wiethandel.

Dit is deel 3 van een vijfdelige serie over het gevolg van het gedoogbeleid. Volgende week dinsdag deel 4: Leven met cannabisverslaving.

Aflevering 1: Ondanks sanering nog 165 coffeeshops in stad
Aflevering 2: Met de wietteelt valt goed geld te verdienen

Beeld Merel Corduwener
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden