Plus

Waar blijft het beloofde Gerard Reve Museum?

Behalve een lantaarnpaal is er nu ook een brug in Amsterdam vernoemd naar Gerard Reve. Maar waar blijft het beloofde museum voor de schrijver?

Gerard Reve Beeld Steye Raviez/HH

De lantaarnpaal voor Gerard Reve bij het Westerpark heeft sinds vorige week gezelschap gekregen van een brug voor de schrijver. Niet ongeestig is gekozen voor de brug over het Amstelkanaal in de Tweede van der Helststraat.

Want, zei Reve in 1982 in een interview over zijn roem: "Na mijn dood word ik op de scholen tien jaar vrijwillig gelezen en daarna nog eens tien jaar verplicht. Dan noemen ze een straat naar me. En dan ben ik helemaal vergeten. Niemand weet toch meer wie Tweede van der Helst was?"

Gerard Reve Museum
Dat mag Reve niet gebeuren, vindt Piet van Winden, tegenwoordig veilingmeester bij Adams Auctions op de Herengracht, maar tien jaar geleden, na het overlijden van de schrijver, nog antiquaar in Leiden en initiatiefnemer van het Gerard Reve Museum.

"De kracht van zijn proza is onverminderd groot, en ook als verteller weet hij nog steeds een publiek te veroveren. Ik was bij het afspelen van de onlangs opgedoken Revetapes, en daar pakte hij met een paar opmerkingen toch meteen weer zo'n hele zaal in."

Van Winden regelde in 2004 de verkoop van de collectie van verzamelaar Peter van Bergen aan de openbare bibliotheek in Amsterdam (OBA). Een enorme verzameling die niet alleen manuscripten en brieven omvat, maar ook merkwaardige stukken als een verstandskies van de schrijver, zijn ziekenfondspas en een bosje schaamhaar.

Algemeen apostel
"De collectie is eindeloos," zegt Van Winden. "Reve beschouwde Van Bergen als zijn algemeen apostel die vooruitlopend op zijn onvermijdelijke heiligverklaring zijn relieken onder zich hield."

De overdracht van de verzameling ging niet zonder slag of stoot. Een geldschieter die bereid was gevonden een aanzienlijk bedrag voor de collectie te betalen, trok zich op het laatste moment terug.

Van Winden: "Er was een evenement geregeld in de Vondelkerk met een live-verbinding met Reve in zijn woonplaats Machelen en een hoop media. Uitgerekend op dezelfde dag werd Saddam Hoessein aangehouden. Van de aandacht voor onze sponsor bleef niets over en hij haakte teleurgesteld af. Dat heeft nog tot een slepende rechtszaak geleid die jaren heeft geduurd."

In 2007 ging in de OBA alsnog het Gerard Reve Museum open, een iets te uitbundige naam voor een aantal vitrines waarin een deel van de collectie is uitgestald. De keuze voor de bibliotheek als bewaarplaats voor de verzameling is bewust gemaakt, vertelt Van Winden.

"We vonden het juist een mooi idee dat het werk van de volksschrijver op een plek kwam waar zeven dagen per week heel veel mensen voorbijkomen. Je kunt wel ergens in een huis een zelfstandig museum inrichten, maar daar komen dan misschien tien mensen per dag aanwaaien."

Bezuinigingen
Maar, vindt ook Van Winden, er is nu wel sprake van een minimale situatie. "Geen kwaad woord over de leiding van de bibliotheek, want zij willen graag. Maar ze hebben de afgelopen jaren flink moeten bezuinigen, en dat zijn natuurlijk niet de omstandigheden waarin je een museum flink gaat optuigen."

Wat Van Winden graag zou zien? "We hebben in mijn antiquariaat wel eens de huiskamer van Frits van Egters nagemaakt. Dat was een groot succes. En ik vind dat Reve op de een of andere manier ook te horen moet zijn in zijn museum."

OBA-directeur Martin Berendse kent de wensen, en laat weten die mee te willen nemen in de herinrichting van de bibliotheek die voor het volgend jaar op stapel staat.

Revekapel
"We denken voorzichtig na over een speciale ruimte, misschien een Revekapel, waar we meer van de verzameling kunnen laten zien. De collectie is inmiddels geïnventariseerd, zodat de stukken ook toegankelijk worden voor onderzoekers en belangstellenden. We willen hoe dan ook meer bekendheid geven aan de collectie. Ik denk dat veel mensen niet eens weten dat we die hebben."

Zo'n bijzondere plek kan mogelijk ook bijdragen aan een hernieuwde interesse voor de schrijver. De vaste kring van bewonderaars weet de weg naar de OBA wel te vinden, zoals in april van dit jaar toen de tiende sterfdag van de schrijver met een speciaal programma werd herdacht.

"Maar de mensen staan niet in de rij om een boek van Reve te lenen," zegt Berendse. "Dat geldt eerlijk gezegd voor alle Nederlandse schrijvers van de vorige eeuw. Af en toe is er een kleine opleving, maar het houdt niet over."

Reve in Amsterdam

Gerard Reve had wel degelijk warme gevoelens voor Amsterdam.

Dat vertelde Reves levenspartner Joop Schafthuizen tijdens de onthulling van de Revelantaarnpaal in 2006. Het was opzienbarend nieuws, want in interviews en geschriften liet de schrijver zich doorgaans weinig vleiend uit over de stad van zijn geboorte. "Op die stad zou een atoombom moeten worden gegooid," klonk het in 1998 nog.

Gerard Reve kwam op 14 december 1923 als Gerard Kornelis van het Reve ter wereld op het adres Van Hallstraat 25, maar verhuisde al snel naar een grotere woning in de Ploegstraat in Betondorp.

In 1937 trok het gezin naar Zuid om een woning aan de Jozef Israëlkade te betrekken. Eenmaal op eigen benen woonde Reve onder meer op de Oudezijds Achterburgwal, de Eerste Rozendwarsstraat, de Dubbelmondehof in Osdorp en de Plantage Kerklaan.

Begin jaren zeventig vond de schrijver het welletjes en verruilde hij de hoofdstad voor het rustige Weert in het noordwesten van Limburg. Want: "Amsterdam nu, in die laaiende zomer en met die 'hippe' troep van voortschuifelende, inerte imbecielen, dat is voor geen mens vol te houden."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden