'Waar blijft de fietsparkeerruimte in de stad?'

'Hebben parkeerders van fietsen minder rechten dan autobezitters? Integendeel!' Twee briefschrijvers denken mee over het probleem rondom fietsparkeerruimte in de stad.

Briefschrijvers
Fietsen bij het Leidseplein in Amsterdam Beeld Remko de Waal / ANP
Fietsen bij het Leidseplein in AmsterdamBeeld Remko de Waal / ANP

Fietsparkeerruimte

Met alle horecaontwikkelingen in Oost, zoals in de Linnaeusstraat langs het Oosterpark, zijn we natuurlijk blij en gelukkig. Met Kuijper, ­Milo, Pata Negra, Spargo, Knus en Louie Louie wordt het stadsdeel ­opgestuwd in de vaart der volkeren, worden we eindelijk een volwaardig deel van de stad.

Bij een café of een restaurant hoort tegenwoordig een terras. Die ruimte is op de brede trottoirs ter plekke flink voorhanden. Maar daarbuiten blijft voor de gewone 'stadswandelaar' slechts een beperkte ruimte over.

Maar bezoekers van de horeca ­komen, behalve te voet, vooral ook per fiets. In de beperkt overgebleven ruimte moeten al die fietsen ook nog een parkeerplek krijgen. Met de ­bekende klachten als gevolg. In een gesprek tussen de aanpalende horeca-ondernemingen, een goedwillende buurtbewoonster en het stadsdeel werden onlangs de mogelijkheden voor verbetering besproken.

De ­ondernemers waren van goede wil, maar hun speelruimte bleek beperkt; terrassen inruilen voor fietsenrekken leek geen optie. De oplossing moet van het stadsdeel komen, de beheerder van de omliggende openbare ruimte.

Ruimte om te parkeren is riant voorhanden, in alle dwarsstraten van de Linnaeusstraat zijn flinke parkeerstroken bestemd voor auto's. Hebben parkeerders van fietsen minder rechten dan autobezitters? Integendeel! De stad is voor bevordering van het fietsen in de stad en van schonere lucht. Op elke parkeerplaats kunnen ongeveer tien fietsen staan. Tel uit je winst!

Maar in het gesprek zette het stadsdeel de hakken in het zand. Het was 'niet het beleid' autoparkeerruimte in te ruilen voor 'fietsparkeerruimte'. Fietsenstallingen in de zijstraten zijn snel en bijna zonder kosten zijn te realiseren. Een paar fietsbeugels plaatsen, dat is het. Je zou zeggen: dan maken we toch nieuw beleid!
Egbert Schuttert, Amsterdam

Fietsenstalling van Amsterdam CS Beeld Remko de Waal / ANP
Fietsenstalling van Amsterdam CSBeeld Remko de Waal / ANP

Geld voor overlast

De gemeente trekt 365.000 euro uit voor experimenten om de overlast door toenemende drukte tegen te gaan, stond woensdag in Het Parool.

Toen ik de kop las dacht ik meteen aan de overlast die we hier in Oost al meer dan een jaar dagelijks ondervinden en die wordt veroorzaakt door de gemeente zelf. Die plaatst met het grootste gemak borden die voor vier, zes of acht maanden parkeerplekken onttrekken aan gebruik voor bewoners voor bijvoorbeeld verbouwingen of renovaties.

Ik telde op een geven moment 21 plekken waar je niet mocht parkeren. Het gevolg laat zich raden: als je wat later uit je werk komt, ben je vaak nog een uur aan het rondjes ­rijden om een plekje te vinden.

Maar ja, je woont in de stad dus moet je niet zeuren. Alleen als die plekken dan voor een groot deel leeg blijven of gebruikt worden om de busjes van de werklui die vanuit het hele land naar Amsterdam ­komen te parkeren, begint het toch een beetje te knagen.

Een telefoontje met de gemeente om dan ook de prijs van de parkeervergunning te verlagen liep op niets uit. Misschien een mooi experiment?
Saskia Bodemeijer, Amsterdam

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden