Plus

Vrouwelijke rechercheurs: hoe realistisch zijn politieseries?

Vrouwelijke rechercheurs doen het goed in Scandinavische en Engelse politieseries. Ze zijn stoer, eigenzinnig en hebben vaak een onorthodoxe kijk op zaken. Ook in Amsterdam werken veel vrouwen bij de recherche. In hoeverre lijken ze op populaire tv-personages als Sarah Lund en Saga Norén?

Vrouwelijke rechercheurs doen het goed in Scandinavische en Engelse politieseries.Beeld Odilo Giraud

'Zijn penis was niet groot," zegt rechercheur Saga Norén droogjes tegen haar collega nadat ze de lijkschouwing van een gigolo heeft gedaan. Norén is het type vrouw dat na een wilde vrijpartij - haar minnaar ligt nog te hijgen - stoïcijns haar laptop openklapt om een afgehakte romp te bestuderen.

Ze blinkt uit in lompheid, voert bizarre dialogen en antwoordt met keelgeluiden als 'noh' en 'nah'. Helemaal uit het niets komt dat niet, want Norén heeft een autistische stoornis. Desondanks is ze steengoed in haar werk, wat ze bij voorkeur doet in een leren broek en rijdend in een olijfgroene, vintage Porsche. Het maakt haar tot een even markant als geliefd personage in de Zweeds-Deense hitserie The Bridge.

Stereotype
Ze is niet de enige vrouwelijke rechercheur die tot de verbeelding van de kijkers spreekt. Zowel in boeken als tv-series doen ze het goed. Vrijwel allemaal voldoen ze aan hetzelfde stereotype: ze zijn bezeten van hun werk, eigenzinnig, slecht in relaties, kinderloos of bijna vergeten dat ze een kind hebben. Kenmerkend zijn de beelden van onuitgepakte verhuisdozen in de Deense serie The Killing, omdat rechercheur Sarah Lund er door een tijdrovende zaak maar niet aan toekomt bij haar vriend in te trekken.

Net zo'n monomane loner is de hyper-Britse inspecteur Vera Stanhope uit Vera, een vrouw op leeftijd die in een plompe, middelbaredamesjas en kaplaarzen door de velden van Northumberland banjert op zoek naar een lijk of verdachte. Een vrouw die vaak vergeet te eten, zodat het kan gebeuren dat een collega in haar auto stapt en op een ontdooide zak diepvriesgroenten gaat zitten.

Wijkt af
Vermakelijk om naar te kijken, zeker voor wie een zwak heeft voor tristesse, maar op de meeste punten wijkt het af van wat zich dagelijks afspeelt op de burelen van de Amsterdamse recherche. De vrouwelijke rechercheurs Michelle (44), Anouk (35) en Geertje (31) kunnen zich qua uiterlijk en gedrevenheid meten met aantrekkelijke personages uit series, maar daarmee houdt de vergelijking grotendeels op.

Michelle kent de Scandinavische series wel en kan er om lachen: "Saga is een geweldig personage en ik kijk er graag naar, maar bij ons had ze alláng een gesprek gehad over haar gedrag en was ze naar een cursus sociale vaardigheden gestuurd. Ze zijn in die series ook altijd aan het werk. Geen relatie houdt stand. We werken hard, maar zo extreem is het bij ons niet."

Vrouwelijke rechercheurs in recente crimi's:

Saga Norén in de Zweeds-Deense serie The Bridge
Sarah Lund in de Deense serie The Killing
Katrine Jensen in Those Who Kill
Vera in de gelijknamige Britse detective Vera
Elly Miller in de Britse crimi Broadchurch
Robin Griffin in de Nieuw-Zeelandse serie Top of The Lake

Bij de Dienst Regionale Recherche werken ruim 300 vrouwelijke rechercheurs.Beeld Odilo Giraud

Michelle, Anouk en Geertje zijn alle drie in dienst bij de regionale recherche, die zich richt op zware criminaliteit. Dagelijks houden zij zich bezig met moorden, liquidaties, overvallen en geweldsdelicten. Hun team bestaat voor veertig procent uit vrouwen. En nee, zij racen niet de hele dag van hot naar her in opvallende, groene Porsches. Broeken dragen ze wel, maar doorgaans niet van leer. "Als er maar lussen aan zitten voor je riem met holster," zegt Anouk. Dat dan weer wel.

Michelle is de 'oude rot' in het vak en werkt sinds 1996 bij de politie in Amsterdam. "Dat wilde ik als meisje van twaalf al. Ik heb eerst drie jaar in uniform op straat gewerkt. Toen ik voor een paar maanden bij de recherche was geplaatst, kreeg ik het recherchevirus te pakken. Ik wist meteen zeker dat ik daarin verder wilde. Als rechercheur graaf je dieper in een zaak en richt je je op de lange termijn. Dat vind ik interessant."

Rechtvaardigsheidsgevoel
Anouk deed de heao in Groningen en werkte eerst een aantal jaar bij een inkoop-adviesbureau. "In 2006 zag ik een advertentie met vacatures bij de politie. Ik had mijn afstudeeronderzoek bij de politie in Groningen gedaan. Het leek me toen al een interessante, spannende wereld. Ik solliciteerde bij de politie in Amsterdam en heb de tweejarige hbo-master voor recherchekundige gedaan. Dit werk past goed bij me. Dat zoeken naar die speld in een hooiberg vind ik erg leuk."

Geertje deed in 2008 dezelfde opleiding, nadat ze eerst criminologie aan de universiteit studeerde. "Ik wilde graag bij de recherche werken vanuit een rechtvaardigheidsgevoel, de drang om iets te betekenen voor de maatschappij. Als de daders gestraft worden dankzij ons werk, haal ik daar veel voldoening uit."

Spannend werk
Michelle en Anouk zien dat ook zo. "Natuurlijk is het ook spannend werk, maar echt niet altijd, hoor," nuanceert Michelle. "We zitten vaak achter ons bureau stapels gegevens uit te werken voor een dossier. Dat zie je in die flitsende tv-series niet terug. Alles wat je zintuigen waarnemen, tot aan de geur aan toe, beschrijf je. Hoe waren de omstandigheden, hoe gedroeg iemand zich? Een advocaat kan bijvoorbeeld zeggen dat iets van een bepaalde afstand niet te zien was. Aan de hand van wat je hebt genoteerd, kun je aantonen dat het anders was. Het vormt de bewijslast."

Politievrouwen
Bij de Dienst Regionale Recherche werken ruim 300 vrouwelijke rechercheurs. Daarnaast werken in de vier sectoren van de Districtsrecherche zo'n honderd vrouwen.

Als ze een verdachte moeten observeren, zitten ze hele dagen in de auto. Michelle: "Dan gaat zo'n man uit eten en dat duurt úren. Maar het kan net zo goed zijn dat je heel Nederland door rijdt, omdat de verdachte dat ook doet."

Kroeg of verjaardag
Hoewel de drie steeds ook de saaiere kanten van hun werk belichten om daarmee de sensationele politieseries wat te relativeren, hangt er rond hun beroep wel degelijk een soort magie. Het is stoer, spannend en wekt nieuwsgierigheid bij mensen op. Dat is precies de reden waarom Michelle, Anouk en Geertje in een kroeg of op een verjaardag nooit hun beroep onthullen. Omdat het gesprek dan alleen nog over hun werk gaat, er geheid iemand is die wil weten hoe dat nou zat met die Holleeder, maar vooral omdat ze niet willen dat half Amsterdam weet wie ze zijn.

Michelle: "Dat is voor een rechercheur niet handig. Ik zeg daarom altijd dat ik achter de kassa werk. Niet omdat ik niet trots ben op mijn werk, maar omdat het verstandiger is." Geertje zegt dat ze bij de overheid werkt als mensen ernaar vragen en Anouk vertelt alleen over haar vorige baan bij het inkoopadviesbureau.

Gruwelijke taferelen
Om dezelfde reden willen ze ook niet met foto en achternaam in de krant. "We moeten regelmatig mensen observeren. Dan wil je niet herkend worden. We werken met zware criminelen. Als die mijn achternaam weten en gaan googelen, staan ze diezelfde dag nog bij me voor de deur. En dat heb ik liever niet," zegt Michelle.

Het verbaast haar soms dat mensen meteen zo aan haar lippen hangen als ze toch iets over haar werk loslaat. Ze spreidt haar armen en lacht: "Je ziet; ik ben een heel normale vrouw. Ik woon samen, sport graag en wandel buiten met mijn hond. Niets bijzonders."

Beeld Odilo Giraud

Maar wel een gewone vrouw die soms gruwelijke taferelen op een plaats delict aantreft, het immense verdriet van nabestaanden moet aanschouwen, oog in oog staat met verdachten van zware misdaden, het talent heeft om tijdens verhoren tot hen door te dringen en een blocnote naast haar bed heeft liggen. "'s Nachts lig ik vaak nog te denken over dat ene puzzelstukje in een zaak. Als me dan iets te binnen schiet, móet ik het meteen opschrijven, anders blijft het in mijn hoofd zitten."

Dynamiek en hectiek
Soms beginnen de dagen voor Michelle, Anouk en Geertje aanvankelijk niet zo anders dan een doorsnee kantoordag. Geertje schuift om zeven uur 's morgens achter haar bureau om haar lijstje voor die dag af te werken. Totdat ineens een melding van een calamiteit binnenkomt, bijvoorbeeld een ontvoering of gijzeling. Daar moet ze dan op af. "Zo'n melding gooit je hele dag overhoop. Niks lijstjes afwerken. Je rent en vliegt. Uiteindelijk ben je pas twee uur 's nachts thuis. Die dynamiek, die hectiek: dat onverwachte is het mooie van het vak. Geen dag is voorspelbaar," vertelt Geertje.

Hoe laat ben je thuis? Kan iemand anders dat niet doen? Dat zijn vragen die je ze beter niet kunt stellen. Ze wonen alle drie samen en hebben een vriend die begrijpt wat hun werk inhoudt. "Ik weet nooit hoe laat ik thuis ben. Dat weet je als je dit werk gaat doen," zegt Anouk. Anouk en Michelle hebben geen kinderen, maar Geertje is sinds een jaar moeder. "Dat kan ik goed combineren met mijn werk; mijn vriend werkt ook bij de politie. We stemmen de zorg voor ons kind op elkaar af. De ene keer is hij thuis en werk ik over, de andere keer is het andersom."

Pieper
Het werk heeft invloed op hun sociale leven. Als ze piketdienst hebben en kunnen worden opgeroepen, moeten ze soms een verjaardag afzeggen of een feestje vroegtijdig verlaten. Geertje zat eens in vol ornaat klaar voor het kerstdiner toen haar pieper ging. "Ik droeg een jurkje en hoge hakken, maar ik heb gelukkig altijd een tas met sneakers en spijkerbroek bij me, zodat ik er als een haas vandoor kon."

Het zijn niet de meest idyllische situaties waar ze van het ene op het andere moment in terechtkomt. Ontredderde nabestaanden, ontzielde lichamen, doorgedraaide verdachten. Geertje werkt ook als familierechercheur en blijft vaak lang in contact met nabestaanden. "Dan leef en voel ik mee, maar ik neem die ervaringen niet mee naar huis. Dat weet ik wel goed te scheiden."

Oplossen
Ook Michelle slaagt daarin: "Ik zie vreselijke dingen, maar als ik op een plaats delict kom, denk ik: dit is mijn werk, en dat probeer ik zo goed mogelijk te doen. Natuurlijk raakt het verdriet van de nabestaanden me, maar ik schakel om als ik naar huis ga." Anouk vindt dat moeilijker. "Ik ben een gevoelsmens. Thuis denk ik nog wel een tijdje na over wat ik heb meegemaakt."

Gedrevenheid, volharding, tomeloze energie; het gaat allemaal om dat ene doel: dat heerlijke gevoel als een zwaar delict eindelijk kan worden opgelost. Een zaak die Michelle bijbleef, was de gruwelijke moord op garagehouder Rick Haster in Amsterdam-Noord in 2008.

"De daders bleken twee ontevreden klanten te zijn. Ze hebben uiteindelijk straffen van achttien jaar gekregen. De minderjarige verdachte werd als volwassene berecht; dat was nooit eerder gebeurd. Daar ben ik heel trots op. We hebben met z'n allen keihard gewerkt aan deze zaak en konden hem op een goede manier bewijzen. Dan wil je graag dat daar goede straffen uitkomen. En dat is gelukt."

Slim zijn
De beloning vergt wel geduld. Een zitting komt soms pas twee jaar later. "Omdat je lang moet wachten op de rechtszaak haal ik ook voldoening uit kleine succesjes: een goede getuigenverklaring, iemand vinden die ik al langere tijd zocht, aanknopingspunten die me een stapje verder helpen," vertelt Geertje. Ze vindt het ook leuk om innovatief te zijn. "Veel verdachten weten inmiddels wel hoe de politie werkt. Met de middelen die je normaal inzet, zoals observeren en telefoontaps, red je het niet altijd. Door iets nieuws te bedenken, kun je ze te slim af zijn."

Anouk houdt zich op dit moment veel bezig met wat voorafgaat aan de misdaad: "We kijken naar wat een crimineel nodig heeft om een liquidatie te plegen: een vluchtauto, wapens, drugs. We gaan op zoek naar de personen die dat faciliteren. In het kader van die interventiemethode hebben we onlangs in een woning vuurwapens aangetroffen. De verdachte is aangehouden en de woning is op last van de burgemeester gesloten. Dat was een mooi resultaat."

Michelle haalt veel voldoening uit een goed verhoor: "Als het lukt tot iemand door te dringen, krijg ik een beeld van die persoon, van de omstandigheden, zijn hevige emoties, zijn jeugd en levensverhaal. Je bouwt in dat gesprek een band op. Hoewel ik zijn misdaad nooit zal goedkeuren, helpt het me in te zien waarom iemand zoiets vreselijks doet. In dit werk heb ik geleerd dat niemand voor zijn lol de straat op gaat om een ander te vermoorden. Dan heb ik het niet over liquidaties, maar over andere moordzaken, bijvoorbeeld in de familiesfeer. Je beseft dan: ook een moordenaar is gewoon maar een mens."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden