Plus

Voor muziekgezelschap Oorkaan zijn kinderen een droompubliek

Muziekgezelschap Oorkaan maakt kans op de Amsterdamprijs voor de Kunst 2017, de grootste cultuurprijs van de stad, in de categorie 'beste prestatie'. 'We zijn er niet alleen voor kleine oren.'

Hugo Bijlsma, Caecilia Thunnissen en Marion Jonk van Oorkaan. 'We zijn altijd onderweg, we bedienen heel Nederland.' Beeld Linda Stulic

Wat kenmerkt uw werk?
Caecilia Thunnissen, artistiek directeur van Oorkaan: "We zijn een muziekgezelschap dat met professionele musici en regisseurs concerten voor kinderen bedenkt, maakt en uitvoert. Bij ons staan enkel musici op het podium. Daarvoor trainen wij makers en musici in de Oor­kaanmethode, namelijk hoe je met muziek en met fysiek spel kunt communiceren, het liefst met zo min mogelijk woorden. En met humor."

"Wij maken per jaar zo'n drie nieuwe producties en spelen vier succesvolle bestaande producties door. Voor kinderen van twee tot vier maakten we bijvoorbeeld Glimp, waarmee we een internationale prijs hebben gewonnen. En voor iedereen vanaf vijf jaar maakten we met het Cello8ctet de internationaal genomineerde productie Cellostorm."

"Dus we doen het niet alleen voor kleine oren. Ook de grote oren hebben er wat aan. We horen vaak van volwassenen hoe prettig het is dat we complexe muziek toegankelijk maken voor ongetrainde luisteraars. We werken nu met het Dudok Kwartet Amsterdam aan Kwartetten met Beethoven, voor zes jaar en ouder, dat op 1 oktober in première gaat en ook in Amsterdam te horen is."

"We hebben nadrukkelijk gekozen voor een andere terminologie dan klassiek, jazz en wereldmuziek. Ik noem het zelf klassieke mondiale muziek. Wel klassiek, omdat het een poging moet doen een bepaalde complexiteit in zich te hebben. De pophits van drie minuten hebben een andere structuur."

Hoe manifesteert u zich in Amsterdam?
"We werken samen met Amsterdamse instituten en ensembles, want Amsterdam is nu eenmaal een walhalla van topmusici. Denk aan het Dudok Kwartet, Nederlands Kamerorkest, Koninklijk Concertgebouworkest en Calefax. Dat is best wel een luxe."

"Omdat het budget beperkt is, moeten we kiezen met wie we willen werken en dat is soms nog weleens moeilijk. Ik wil elk seizoen bij voorkeur verschillende instrumenten aan bod laten komen voor de jonge oren."

"We houden kantoor in Amsterdam, repeteren hier en zijn er zelfs ontstaan. Zeventien jaar geleden in de Kleine Zaal van het Concert­gebouw, om precies te zijn. Ze waren destijds ontevreden met de kinderconcerten daar. Dat was zoiets als 'incommunicatieve Russische ­pianovirtuoos speelt een zwaar stuk van Rachmaninoff - en neem je knuffel mee'. Dat werkte niet."

"Ze besloten toen regisseurs aan musici koppelen. Dat werd zo succesvol dat er een stichting uit voortkwam, Productiehuis Jeugdconcerten, dat samen ging werken met Werkplaats Oorproeven en daar is de Oorkaan uit voortgekomen."

"Onze voorpremières zijn in Podium Mozaïek. Ook werken we nauw samen met scholen. In het project Met de klas naar Amsterdamse ­muziekpodia! stellen we met vijf andere instellingen muziekprogramma's samen die we gezamenlijk aanbieden aan de scholen in Amsterdam."

"Ongeveer de helft van onze concerten spelen we voor scholen die naar de concertzaal komen. Voor Oorkaan is dat extreem belangrijk, omdat we daar een breder publiek bereiken dan gemiddeld bij een concert voor het vrije ­publiek 'op een zondagmiddag'."

"Het is erg leuk te constateren dat het voor kinderen niet uitmaakt of de muziek van een Duitse componist is of een Syrische, of er op een ud wordt gespeeld of een viool, of dat het tonaal is of atonaal. Kinderen zijn een droompubliek, dat nog helemaal open staat. Ook voor de musici is dat bevrijdend. Ze durven buiten de gebaande paden te treden."

Een van de criteria voor de Amsterdamprijs is 'creatief ondernemend'. Wat doet u om uw kunst onder de mensen te krijgen?
"Nou, extreem veel. We werken intensief samen met zalen om publiek te werven. We bieden ook een uitgebreide randprogrammering aan, zodat de kinderen worden voorbereid op wat komen gaat en ze na afloop kunnen ver­werken wat ze hebben ervaren."

"In Amsterdam hebben we een bezettingsgraad van negentig procent. We hebben een interactieve website, maken veel leuke filmpjes rondom de voor­stellingen."

"We hebben ook een Vriendjesclub die voor publieksbinding zorgt. We zijn altijd onderweg, want we bedienen heel Nederland. En omdat we geen taal gebruiken, zijn we ook internationaal onderweg. Voor de musici is dat essentieel, want goede musici willen niet alleen maar in Nederland spelen. Die mondiale spreiding is heel belangrijk."

Wat doet u over vijf jaar?
"Het zou mooi zijn als we met de Oorkaan­methode met nog meer orkesten het symfonisch repertoire voor een jong publiek zouden kunnen ontsluiten. Omdat de musici de muziek uit het hoofd moeten kunnen spelen, zijn we vooral beperkt tot kamermuziekensembles. En ik wil in 2022 met Oorkaan een nog breder pakket kunnen aanbieden. We zijn bijvoorbeeld in gesprek met een Turkse udspeler om misschien met zijn ensemble iets te maken. Het zou een betere afspiegeling moeten worden van de ­Nederlandse samenleving."

Wat vindt u van de andere genomineerden voor de Amsterdamprijs?
"We verdienen die prijs allemaal. Ik vind het geweldig dat alle genomineerden iets heel eigens hebben en niet in elkaars vaarwater zitten. Maar ik hoop natuurlijk dat wij winnen. Vooral omdat we voor de tweede keer zijn genomineerd."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.