Plus

Voor elke bloedneus een belletje: riskant voor 'echte' patiënten

Een blaar of vaginale jeuk is geen reden om in de avond of nacht de huisartsenpost te bellen. Maar het gebeurt wel, en steeds vaker. 'Regel het maar, ik betaal toch zorgpremie.'

Beeld Lieke Janssen

Haar hand is héél dik. Héél dik zelfs. Rood en kloppend. Er zit een dikke splinter in. En het doet verschrikkelijk veel pijn. Vertel haar wat over pijn, mevrouw heeft zelf drie kinderen gebaard. Pijn kent ze. Triagist Sharon Mennens luistert aandachtig door de telefoon en stuurt aan op een huisartsbezoek morgenochtend, want nu is die dicht, maar nee, mevrouw wil per se direct naar een huisartsenpost - het is een noodgeval.

Mennens geeft haar een afspraak.

De diagnose van de arts ter plaatse, zo ziet de triagist later die avond in het systeem: een minimale zwelling. Mogelijk een beginnende ontstoken nagelriem.

Mennens, die het voorzichtig formuleert: "Dit had wel tot morgen kunnen wachten."

Dit is de meldkamer van de Huisartsenposten Amsterdam voor spoed. Locatie: de tweede verdieping in een pand aan de Hoogte Kadijk. Aan de telefoon hangen triagisten, medisch geschoolde mensen die vragenlijsten afnemen, advies geven en zo nodig doorverwijzen naar een van de vijf huisartsenposten bij de ziekenhuizen in de stad. Iedereen die in de avonduren en in het weekend met spoed een huisarts nodig heeft, komt in eerste instantie hier terecht. Jaarlijks beantwoorden ze circa 200.000 telefoontjes.

Wachttijd
Dat zijn er te veel. Dat merkt de beller ook, want er zijn vaak lange wachttijden. Volgens de Huisartsenposten Amsterdam is dat probleem opgelost als alleen de mensen met spoedvragen bellen. Maar steeds meer mensen kloppen aan met medische wissewasjes. Ongemakken die de gezondheid heus niet schaden als je ze over het weekend tilt.

Wondjes in de categorie pleister-erop-en-klaar, jeuk die al drie dagen aanhoudt en op vrijdagavond de tolerantiegrens bereikt, vaginale jeuk, een anticonceptiestrip die op zaterdagochtend plotsklaps leeg blijkt. "Een simpele verkoudheid of het verzoek om een oor uit te spuiten," gaat medisch manager Ingrid Umans-Mohan verder, zelf ook huisarts in Osdorp.

Ze staat midden op de post. Het is 20.30 uur. Om haar heen wordt druk gebeld door negen triagisten en een regiearts, een huisarts uit de stad met 'dienst'.

Rode knipperende lichtjes op de telefoon geven aan dat er wachtenden in de rij staan. 21 om precies te zijn, zo valt te lezen op een groot digitaal bord aan de muur. Gemiddelde wachttijd: 15 minuten. De langst wachtende sinds het begin van de dienst om 17.00 uur hing 28 minuten en 20 seconden voordat er een levend mens aan de lijn kwam.

231.478

Het aantal telefoontjes (inclusief de mensen die ophingen) naar de Huisartsenposten Amsterdam is sinds 2010 met 26 procent gestegen naar ruim 231.478 in 2016.

Dat is lang, heel lang zelfs als iemand benauwd is of druk op de borst heeft. Het is cru, maar iemand die belt voor een bloedneus, houdt de lijn bezet voor iemand met een hersenbloeding.

Mantelzorgers
Bij acute gevallen mogen bellers de spoedknop - de 9 - indrukken, maar de ervaring leert dat uitgerekend de bescheiden patiënt met serieuze klachten vaak zijn beurt afwacht - ook als het dringend is. "Die beginnen zich al te excuseren voor hun telefoontje," zegt triagist Soumaya Amjarso. "Dat zijn mensen die zeggen: 'Ik wilde eigenlijk morgen naar de huisarts, maar ik moest van mijn vrouw bellen.' Mensen die het bagatelliseren. Als ik ze vraag een cijfer aan hun pijn te geven, dan gaan ze heel laag zitten. Tegelijkertijd hoor ik dat ze van de pijn moeilijk ademen."

Er bellen ook eenzame mensen. "Patiënten die niet kunnen opstaan van de rugpijn en niemand kunnen inschakelen om een paracetamol uit de la te pakken. Die mensen kunnen wij niet in de steek laten."

Er zijn ook seizoensgebonden oproepen. In de zomervakantie melden de mantelzorgers zich vanuit een zonnig vakantieoord, weet Umans-Mohan. "Dan krijgen ze geen contact met moeder en dan willen ze dat wij gaan kijken."

Dikke huid
Weekendpieken zijn er ook, met veel herhaalrecepten en kinderen die gevallen zijn. "Vroeger belden ouders met een oma of een tante over een verstopte neus of een schaafwond, maar het lijkt alsof wij die plek hebben ingenomen."

De regiearts is ondertussen druk in de weer met een mevrouw die op hoge toon eist dat er een huisarts naar haar schoonmoeder gaat, die zich niet lekker voelt na een oogoperatie. De schoondochter doet dit alles van achter haar telefoon aan de andere kant van het land. De oogarts had ze al gesproken en de regiearts heeft nóg een arts laten bellen, maar toen was de sfeer al onaangenaam. "Het gaat op een toon van: wat is uw naam, dan weet ik tegen wie ik een klacht kan indienen."

De triagisten moeten uitgerust zijn met een dikke huid en het nodige begrip voor het onfatsoen dat paniek en ongerustheid onmiskenbaar met zich meebrengen. "We krijgen ook wel te horen: wat weet jij er nou van? Jij bent geen arts," zegt Amjarso. "Of, ook veelgehoord: regel het maar, ik betaal toch zorgpremie. Of: bij mij is het wél spoed."

Timing
Een campagne moet vanaf maandag mensen bewust maken dat de huisartsenpost geen verlengde van de huisartsenpraktijk is. Maar wanneer mag je de huisartsenpost dan wel bellen? Simpel gesteld: bij dingen die de gezondheid schade toebrengen als je niet ingrijpt. Dat dit een vage grens is, blijkt al wel bij het opsommen van een paar 'kleine kwalen'. Dat je voor een schaafwondje, een ingegroeide teennagel of een ontstoken pukkel niet in het holst van de nacht hoeft te bellen, dat is klip en klaar (al gebeurt het wel), maar genuanceerder ligt dat bij oorpijn.

"Dat hangt van het stadium af," zegt Umans-Mohan. "Als de oorschelp rood en dik is en van het hoofd af staat, dan is het ernstiger. Een beginnende oorpijn kan best een paar uur wachten met pijnstillers." Maar als ouders in paniek zijn, bellen ze toch. Triagisten kunnen dan adviseren en geruststellen. Een bloedneus dan? Nee, niet als het gestopt is met bloeden. Maar wel als het doorbloedt, bijvoorbeeld bij het gebruik van bloedverdunners.

Mennens hangt net op na een gesprek met een vrouw met een urineweginfectie. Op zich een goede reden om een arts in te schakelen, al schort het bij deze vrouw aan de timing. "Ze had er vanochtend al last van, maar toen moest ze werken. Toen ze om zeven uur 's avonds klaar was met werken, was haar huisartsenpraktijk dicht en daarom belde ze ons, want morgenochtend moet ze ook weer aan het werk." Umans-Mohan kan daar kort over zijn: "Als ze vanochtend bij haar eigen huisarts had gezeten, was ze eerder behandeld door degene die haar dossier kent."

Los van de belasting van de huisartsenpost, was dat ook medisch beter geweest. Toch heeft de mevrouw met de urineweginfectie een recept gekregen - de patiënt moet toch geholpen worden.

Ondertussen horen we een andere triagist door haar headset zeggen: "Ik hoor van uw vrouw dat u kortademig bent, dat u zweet en pijn op de borst heeft. Ik ga een ambulance voor u bellen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden