Volgens de Bijstandsbond helpt bijverdienen in bijstand niks

Het experiment waardoor Amsterdammers kunnen bijverdienen naast hun bijstandsuitkering, levert de deelnemers soms bar weinig op. Ook maakt het meer mensen afhankelijk van een kleine deeltijdbaan.

Arjan Vliegenthart, de vorige wethouder van Sociale Zaken, hoopte dat een op de drie deelnemers aan de proef een fulltimebaan zou vinden Beeld anp

Met die kritiek komt de Bijstandsbond. De belangenbehartiger van de ruim 40.000 Amsterdamse bijstandsgerechtigden stond vorig jaar positief tegenover het begin van de proef. Na de eerste ervaringen denkt de Bijstandsbond er anders over.

Volgens de regels van het Amsterdamse experiment mogen bijstandsgerechtigden de helft houden van wat ze in deeltijd bijverdienen. Wel is er een maximum van 200 euro per maand. Door andere regels houden ze van dat bedrag soms weinig tot niets over, zegt Piet van der Lende van de Bijstandsbond.

Kwijtschelding
Verschillende leden hebben zich gemeld met de klacht dat ze geen kwijtschelding meer krijgen van de gemeentelijke belastingen. Daarom moeten ze hun jaarlijkse afvalstoffenheffing (276 tot 368 euro) zelf betalen, maar ook hun waterschapsbelastingen (167 tot 275 euro).

Met het hogere inkomen houdt de gemeente rekening als een bijstandsontvanger kwijtschelding aanvraagt. Het gaat echter fout bij de vermogenstoets. Veel deelnemers kregen de extra verdiensten voor zes maanden in een keer overgemaakt. Daardoor staat er al snel te veel op hun bankrekening om kwijtschelding te krijgen.

Flexibele arbeidskrachten
De Bijstandsbond zet vraagtekens bij de gevolgen van de bijverdienproef voor de arbeidsmarkt. Het experiment maakt meer bijstandsgerechtigden beschikbaar voor kleine bijbaantjes, waardoor werkgevers kunnen putten uit een groter aanbod van goedkope, flexibele arbeidskrachten.

Dat de arbeidsmarkt meer en meer om tijdelijke, matig betaalde deeltijdbanen draait, is toch al een grote zorg voor de belangenorganisatie. Als voorbeeld verwijst Van der Lende naar oproepkrachten die ongeveer 20 uur per week werk hebben, terwijl wel van hen wordt verlangd dat ze de hele week beschikbaar zijn. "Je kunt er
dus geen andere deeltijdbaan bij nemen."

Beeld .

Piet Van der Lende

Voorzitter Bijstandsbond merkt dat bijverdienproef niet voldoet aan de verwachtingen.

Dat werkgevers meer goedkope arbeidskrachten aanboren, ziet de Bijstandsbond ook op andere plekken waar bijstandsgerechtigden werken met behoud van hun uitkering. Dit soort effecten op de arbeidsmarkt zouden een rol moeten spelen bij de evaluatie van de proef, vindt Van der Lende.

Hoe dan ook acht de Bijstandsbond de kans niet erg groot dat bijstandsgerechtigden vanuit zulke flexibele deeltijdbaantjes vast werk vinden, terwijl dat wel de gedachte was achter de bijstandsproef.

Alleenstaande moeders
Arjan Vliegenthart, de vorige wethouder van Sociale Zaken, hoopte dat een op de drie deelnemers aan de proef een fulltimebaan zou vinden, of in deeltijd zoveel zou verdienen dat een uitkering niet meer nodig was. Hij dacht bijvoorbeeld aan alleenstaande moeders met kinderen die inmiddels op school zitten.

"Deeltijdwerk is een belangrijk onderdeel van de Amsterdamse samenleving, maar ook een belangrijke stap om niet langer op een uitkering aangewezen te zijn," reageert een woordvoerder van Rutger Groot Wassink, de huidige wethouder van Sociale Zaken. "We verwachten dat alle bijstandsgerechtigden die in deeltijd gaan werken, dus niet alleen de deelnemers aan het experiment, normaal betaald worden en niet onder het geldende minimumloon."

Vorig jaar hebben zo'n 1500 deelnemers aan de proef samen ruim 1,7 miljoen euro bijverdiend bovenop hun bijstandsuitkering. Momenteel kunnen bijstandsgerechtigden zich weer aanmelden. Bijna 1100 hebben dat gedaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden