Plus

Vier gezichten van de Februaristaking

Duizenden mannen en vrouwen legden 25 februari 1941 uit protest tegen de Jodenvervolging het werk neer. Het Stadsarchief is op zoek naar foto's en verhalen van de stakers. Diverse (klein)kinderen hebben zich al gemeld. Vier gezichten van de Februaristaking.

Vuilnisman Hannes Haakenhout tijdens de FebruaristakingBeeld Stadsarchief Amsterdam

Communist
Vuilnisman Hannes, straatveger en later vuilnisman bij de Stadsreiniging, was een communist in hart en nieren. Tegen onrecht kon hij niet. Dat hij meedeed aan de Februaristaking was geen onderwerp van discussie. "Staakte je niet, dan was je een verrader," zegt zijn zoon Hans Haakenhout.

Hannes pikte het net als zijn collega's niet dat de Joden werden opgepakt. "Hij vond dat er iets gedaan moest worden. Stakingsrecht bestond toen niet. Je kon je ontslag krijgen. Toch deed hij mee."

Binnenvetter
Hans vond de naam van zijn vader vorige week terug in de zogeheten Lijst van ambtelijke stakers die zijn bestraft met salariskorting. Tussen de 4400 namen las hij de naam en functie van zijn vader: Haakenhout, J. Straatr. Arbeider bij de Stadsreiniging. "Ik ben er heel trots op dat hij ertussen staat. Ik wist niet zeker of hij gestaakt had, maar vermoedde het wel. Hij heeft er trouwens nooit over gesproken. Ook over de oorlog niet. Mijn vader was een binnenvetter."

Haakenhout woonde indertijd in de Trouringhstraat, was getrouwd en had nog geen kinderen. "Hij was een jo­viale man en stond altijd voor iedereen klaar. Een sterke man ook." Hij groeide later uit tot 'icoon' van Bos en Lommer. Toen hij op 95-jarige leeftijd overleed, wijdde de toenmalige stadsdeelvoorzitter Jeroen Broeders een bericht aan hem op zijn site.

Rollator
'Ome Hannes was nog altijd iedere dag te vinden op de markt, de laatste jaren schuifelend achter zijn rollator, maar tot voor kort nog iedere dag in de weer met dozen, kisten en oude stofzuigers. Ome Hannes was een bewoner van Bos en Lommer van het eerste uur: hij woonde hier vanaf het moment dat in 1941 zijn woning aan de Trouringhstraat werd opgeleverd.'

Toen Hans zijn vaders naam op de lijst zag staan, is hij meteen naar het Stadsarchief gegaan en heeft een foto van zijn vader ingeleverd - van hem staand naast de vuilniswagen. "Dat ben ik aan mijn vader verplicht."

Naam Hannes Haakenhout (1912)
Beroep vuilnisman

Vuilnisman Gerrit Schmidt in 1939Beeld Stadsarchief Amsterdam

Verzet
Gerrit Schmidt was als communist gepokt en gemazeld. Hij was actief in de partij en omringde zich met communistische vrienden. Toen de oproep voor de staking kwam, gaf hij daar meteen gehoor aan. Hij zag het als een kameraadschappelijke daad van verzet, een protest tegen de razzia's en deed het uit sociale bevlogenheid. Dat zijn vrouw zwanger was, weerhield hem er niet van de barricaden op te gaan. "Hij had het niet zo op het gezag," zegt kleinzoon Michel Hobbij (1959).

Kort daarna werd Gerrit op zijn werk bij de Stadsreiniging opgepakt en naar Duitsland gebracht, waar hij moest werken in onder meer Bremen en Wuppertal. Afscheid nemen van zijn vrouw was er niet bij. De geboorte van zijn dochter Bep in 1941 en haar eerste levensjaren maakte hij niet mee.

Bep Hobbij-Schmidt: "Ik groeide op bij mijn moeder. Ik weet nog wel dat hij een poppenwagen met een zak snoep eraan bij ons thuis liet bezorgen. Maar verder wist ik natuurlijk niets van hem."

Reinigingsfluitje
In 1944 wist Gerrit met hulp van anderen uit Duitsland te ontsnappen. Hij was vanaf Amersfoort naar Amsterdam gelopen, zegt Bep. "Ik herinner me het nog, hoe klein ik ook was. Mijn moeder liep met mij op straat en hoorde ineens zijn reinigingsfluitje. Toen ze mijn vader aan de overkant van de Bestevaerstraat zag lopen, stormde ze op hem af, mij alleen latend op de stoep. 'Je kind!' zou mijn vader hebben geroepen."

Bep dook weg voor haar vader; hij was een vreemde voor haar. Maar al snel, zegt ze, herstelde de relatie zich. Bep woonde later met haar eigen gezin bij haar ouders in. "Toen Michel was geboren, genoot mijn vader van hem. Hij had mij niet groot zien worden en zei bij elke ontwikkeling van zijn kleinkind: o kijk, dat heb ik nooit kunnen meemaken."

Dokwerker
Over de oorlog en de Februaristaking heeft Gerrit weinig gesproken. Als de familie ernaar vroeg, werd hij emotioneel. "Het raakte hem elke keer," zegt Bep. Wel ging hij tot op hoge leeftijd trouw naar de herdenking van de Februaristaking bij de Dokwerker op het Jonas Daniël Meijerplein. "Hij zette zijn fiets aan de brug. Zelfs toen hij een hernia had, ging hij erheen. Hij zag daar altijd zijn vrienden terug."

Ook Bep ging er steevast heen, zelfs toen haar oudste zoon Michel in 1959 werd geboren. Moeder en kersverse zoon kwamen met hun foto in De Waarheid terecht, de krant die Gerrit, die in 2003 op 89-jarige leeftijd overleed, trouw las.

"Maar toen het IJzeren Gordijn viel, raakte hij teleurgesteld. Hij vond zijn idealen niet meer in het communisme terug," zegt Michel, die na de oproep van het Stadsarchief enkele foto's van zijn grootvader langsbracht. "Uit eerbetoon aan mijn opa. Wat hij heeft gedaan, was zeer heldhaftig en dapper van hem."

Naam Gerrit Schmidt (1914)
Beroep vuilnisman

Onderhoudsmonteur Cornelis van der Horn staat voor de middelste tramBeeld /

Plichtsgetrouw
Cor van der Horn was plichtsgetrouw en een harde werker. Hij werkte ten tijde van de Februaristaking als monteur in de tramremise in de Tollensstraat. Toen de trams de ochtend van de staking niet uitreden, sloot Van der Horn zich meteen aan uit solidariteit met zijn collega's en de Joden in de stad. Hij was niet alleen plichtsgetrouw - hij zou de rest van zijn leven bij de Gemeentetram (thans GVB) blijven werken - maar ook een man van actie.

"Het hele gebeuren rondom de staking was angstaan­jagend. Hij heeft het altijd voor zich gehouden en er na de oorlog nooit meer over gesproken," zegt zijn in 1942 geboren zoon Cor Vanderhorn, die in Australië woont en de oproep van het Stadsarchief in Het Parool zag staan.

Rotmoffen
Hij vertelt dat zijn vader, geboren in de Spaarndammerbuurt, een goed contact had met zijn collega's. Zijn grootvader Rein van der Horn werkte jaren als conducteur op tramlijn 12. "Mijn vader dook later onder omdat hij niet voor de Arbeitseinsatz in aanmerking wilde komen. Ik woonde tijdens de Hongerwinter bij mijn grootvader en een ongetrouwde tante in Sloterdijk. Toen op Bevrijdingsdag de vliegtuigen eten dropten, hoorde ik mijn ouders praten over die rotmoffen."

Zijn vader was atheïst, zijn moeder katholiek. Zoon Cor verhuisde op zijn twintigste naar Australië, werd dominee en bleef altijd, net als zijn vader, uit interesse voor Amsterdam Het Parool lezen.

Trots
"Toen ik via de site van de krant op de lijst met namen van de 4400 stakende ambtenaren klikte, zag ik mijn vaders naam staan. I was blown away. Zo trots ben ik op hem. Mijn vader zei nee tegen de Duitse bezetter en tegen het kwaad. Ik heb daarna meerdere keren de lijst aan­geklikt en kijk steeds naar zijn naam."

Van der Horn is in 2004 op 88-jarige leeftijd overleden. Hij ontving van de gemeente in 1978 nog een oorkonde vanwege veertig jaar trouwe dienst.

Naam Cor van der Horn (1915)
Beroep onderhoudsmonteur

Cornelis van der Horn met zijn echtgenoteBeeld /

Concentratiekamp
Gerrit Blom, Joods en vader van twee jonge kinderen, woonde met zijn gezin in de Valkenburgerstraat 102a in de Jodenbuurt en was een actieve communist. Hij sloot zich aan bij de organisatie van de Februaristaking, maar zou die echter niet meemaken. Tijdens de razzia van
22 op 23 februari 1941 was hij een van de 427 Joodse mannen die werden opgepakt om via het concentratiekamp Buchenwald naar ­Mauthausen te worden gedeporteerd. Blom werd in augustus 1941 door de Duitsers uit Buchenwald gehaald en naar het huis van bewaring in Amsterdam gebracht.

Frans Lavell, een van de 22 opgepakte organisatoren die door de Duitsers waren aangeklaagd, was tijdens de zware verhoren en martelingen om namen van andere stakers gevraagd. Zoon Frans Lavell: "Mijn vader heeft de naam van Gerrit Blom genoemd. Hij wist dat Blom bij de razzia was opgepakt en dacht dat hij er geen kwaad mee kon doen."

Tuchthuizen
Terwijl de andere Joodse mannen (op één na) naar Mauthausen gingen om te worden vermoord, stond Blom een proces te wachten met 21 organisatoren van de staking. Hij kwam na het proces in verschillende tuchthuizen in Duitsland terecht en overleefde uiteindelijk de oorlog. "Mijn vader had dus eigenlijk Bloms leven gered," aldus Frans Lavell jr.

Zijn vrouw en twee kinderen zou Gerrit Blom nooit meer terugzien. Zij waren naar Sobibor gedeporteerd, waar ze in 1943 werden vermoord.
Kleindochter Manja Mooy (1979) haalt een dikke map tevoorschijn, waarin foto's, brieven, persoonsbewijzen, kopieën van de processtukken, het arrestatiebevel en krantenknipsels over haar grootvader zitten. In een van die artikelen vertelt Blom over de verschrikkelijke belevenissen in Buchenwald. Manja: "Mijn grootvader was in wezen verraden. Maar daardoor heeft hij het wel overleefd. De staking heeft zijn leven gered."

Auto-ongeluk
Ook Gerrits zus, drie broers en zijn ouders zijn in kampen vermoord. Gerrit kreeg met zijn nieuwe vrouw in 1948 een dochter, Lydia. Zij was zeventien jaar oud toen haar vader in 1965 op 56-jarige leeftijd overleed bij een auto-ongeluk in Roemenië, waar hij om gezondheidsredenen naartoe was gereisd.

Hij werd in de krant gememoreerd als voorzitter van het districtsbestuur van de Amsterdamse CPN en als man die voor lotsverbetering van de arbeidersklasse 'groot gezag en vertrouwen genoot'. Manja: "Mijn grootvader werd in de overlijdensadvertenties beschreven als een charismatische, bevlogen en betrokken man. Ik kijk met trots naar hem. Mijn moeder zei: 'Ik heb altijd geweten dat ik de dochter van een held ben.' En dat is ook zo."

Badmeester Gerrit BlomBeeld /

Naam Gerrit Blom (1909)
Beroep badmeester

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden