PlusNieuws

Verzorgende kan amper rondkomen: ‘Salaris móét omhoog’

null Beeld ANP
Beeld ANP

Startende verzorgenden verdienen zo weinig dat ze nauwelijks in hun dagelijks levensonderhoud kunnen voorzien. Dat motiveert niet om in de zorg te blijven werken, concludeert een belangrijke adviesraad. Een oplossing kan ‘geen dag langer wachten’.

Voorzitter Jet Bussemaker van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS) maakt zich zorgen over de financiële positie van verzorgenden, blijkt uit het dinsdag verschenen kabinetsadvies Applaus is niet genoeg. Daarin staan aanbevelingen om de uitstroom uit de sector tegen te gaan. De RVS-voorzitter en oud-PvdA-bewindsvrouw noemt de situatie van verzorgenden met een deeltijdbaan ‘precair’. “Het is op die manier moeilijk om economisch zelfstandig te zijn.”

Om je eigen broek te kunnen ophouden, zo stelt het CBS, is een bruto-inkomen van 1115,94 euro nodig. Het startsalaris van een verzorgende, die 22 uur per week werkt, zit daar met 1141,20 euro maar 25 euro boven. Doordat het werk vooral om piekuren draait, is het lastig meer te werken. Als dat al lukt, gaat het geld naar kinderopvang. “Dan loont het niet.”

Dat lage startsalaris is volgens Bussemaker te verklaren door het feit dat in het verleden met name vrouwen de baan als verzorgende er ‘min of meer bij deden’. “Ze hoefden er niet economisch zelfstandig mee te zijn, de man was toch kostwinner.” Maar zo is het allang niet meer, stelt Bussemaker. “Als je het beroep serieus neemt, en dat doen we allemaal, dan moeten ook de beloning en waardering omhoog.”

Meer voor billen wassen

In de Tweede Kamer maakt een aantal partijen, PVV en SP voorop, zich al langer sterk voor hogere zorgsalarissen. “Hoe oneerlijk kan het zijn? Hardwerkende mensen in de zorg krijgen een kruimel, Kamerleden krijgen een fortuin,” aldus PVV-leider Geert Wilders. Hij wil dat mensen die ‘billen wassen en mensen naar de wc brengen’ meer gaan verdienen.

Een salarisverhoging voor de groep verzorgenden die financieel nauwelijks rond kan komen, moet mogelijk zijn, vindt Bussemaker. Zij pleit er nadrukkelijk niet voor om álle zorgsalarissen te verhogen. “Wat wij voorstellen, is met beperkte middelen mogelijk; het gaat om een specifieke groep.”

De RVS adviseert verder een aparte cao voor verzorgenden en verpleegkundigen, om beter rekening te kunnen houden met hun arbeidsvoorwaarden. Bussemaker wijst erop dat medisch specialisten het wél goed geregeld hebben in de cao. Het verschil tussen de artsen en de verpleegkundigen? “Verpleegkundigen en verzorgenden staan niet vooraan om eisen te stellen.”

Een ‘precaire’ situatie, aldus voorzitter Bussemaker. Volgens haar staat Nederland ‘op een kruispunt’. “We zien in de coronacrisis hoe cruciaal de zorg is en het personeelsprobleem blijft groot. Deze discussie gaat nooit meer weg. Laten we het dan nu maar aanpakken. Dit kan geen dag wachten. Als we er niets aan doen, hebben we een megaprobleem voor de toekomst.”

Korte duur

Tegelijkertijd blijkt dat ‘het positieve effect van een hogere materiële beloning maar van korte duur is’, staat in het recent verschenen rapport van de commissie Werken in de Zorg, geleid door oud-vakbondsman Doekle Terpstra. Ja, er is sprake van ‘een aantal specifieke knelpunten’ in de arbeidsvoorwaarden, maar het is volgens de commissie effectiever om in te zetten op modern werkgeverschap. Dat is momenteel een populaire term in Den Haag die doelt op meer zeggenschap voor personeel.

Behandel zorgprofessionals als topsporters, stelt Terpstra, door ze optimaal te ondersteunen bij de uitvoering van hun vak en hen zelf beslissingen te laten nemen in hun vakgebied. Maar regel ook hersteltijd voor hardwerkende mensen en geef zorgprofessionals die meer willen werken juist de kans dat te doen.

Geld is niet alles, stelt Bussemaker eveneens. Waardering speelt ook een grote rol. Daarvoor moeten verpleegkundigen een grotere rol krijgen bij de invulling van hun eigen werk. “Maak bij de Raad van Toezicht van zorginstellingen iemand verantwoordelijk voor werkplezier. Zoals er ook mensen verantwoordelijk zijn voor financiën en bouw.”

Als staatssecretaris schrapte Bussemaker bijvoorbeeld in 2009 al de vijfminutenregistratie in de wijkverpleging, een richtlijn waarbij voor elke handeling een vaste tijd stond. “Maar nu – vier of vijf bewindspersonen later – is die nog steeds niet overal afgeschaft.” Gekmakend, vindt ze dat. “Een verpleegkundige gaat niet tevreden naar huis omdat ze een formulier ingevuld heeft, maar omdat ze van waarde kan zijn voor een patiënt.”

Een van de verpleegkundigen die de RVS voor de studie sprak, sprak haar frustratie uit over haar rol in het ziekenhuis. “Je moet overal iets vanaf weten, maar je mag niks zelf bepalen,” zei ze. Bussemaker vindt dat de discussie zich de afgelopen maanden heeft versmald tot ‘wie het hardste kon klappen en de hoogste salariseisen had’. “Het zou mij een lief ding waard zijn als de discussie zich zou verbreden naar zeggenschap en de professionaliteit van verpleegkundigen zelf.”

Verzorgende Fenny Steunenberg (54) : ‘Het beroep van verzorgende doe je er niet zomaar even bij’

Fenny Steunenberg. Beeld Corné Sparidaens
Fenny Steunenberg.Beeld Corné Sparidaens

Verzorgende Fenny Steunenberg (54) werkt 23 uur per week in de wijkverpleging en verdient daarmee 1764 euro bruto per maand. Een vetpot is dat niet, ook niet toen ze ooit tijdelijk kostwinner was en fulltime werkte. “Toen verdiende ik nét boven uitkeringsniveau,” zegt ze. Het was in die periode wel opletten met de financiën. “Ik moest dingen schrappen, abonnementen opzeggen.”

Steunenberg werkt al jaren in de zorg. Toen ze meer dan dertig jaar geleden begon, was het moeilijk om genoeg uren te kunnen werken. Ze begon met ‘acht uurtjes in de week’ en sprokkelde er steeds meer uren bij. “Ik heb toen nog best lang bij mijn ouders gewoond. Op mezelf wonen was geen optie. Als je nu jong bent en je wilt op jezelf gaan wonen, is dat met het startsalaris nog steeds bijna niet te doen.”

Ze kent de verklaringen ervoor: dat het van oudsher een vrouwenberoep is, dat vrouwen ‘erbij’ deden naast het werk van hun echtgenoot. “Voor de luxe hè?” Zelf, zegt ze, heeft ze ook ‘het geluk’ dat haar partner werkt. “Maar het verzorgende beroep heeft zich ontwikkeld tot een echte professie die je er echt niet meer even ‘bij’ doet.”

Verzorgenden en verpleegkundigen voelen zich vooral verantwoordelijk voor hun patiënten en cliënten, vertelt ze. “Het stukje voor jezelf opkomen wordt vergeten.” Bovendien, zegt ze, zit demonstreren niet in het dna. “We worden op het werk zwaar belast, hebben vaak ook een gezin en zijn misschien ook nog mantelzorger. Wanneer ga je dan actievoeren?”

Verpleegkundige Kelly Kraamwinkel (24): ‘Ik draai veel nachtdiensten’

Kelly Kraamwinkel. Beeld Dingena Mol
Kelly Kraamwinkel.Beeld Dingena Mol

Startend verpleegkundige Kelly Kraamwinkel, werkzaam in verpleeghuis Nellestein van zorginstelling Amsta, pakt iedere nachtdienst die ze kan krijgen. Vanaf 2017 werkt ze in de verpleegzorg, eerst als verzorgende en inmiddels als verpleegkundige. “Als verzorgende deed ik al veel nachtdiensten zodat mijn inkomen hoger werd, naar 1800 tot 1900 netto per maand. Nu ik sinds vorig jaar mbo-verpleegkundige ben, pak ik óók de nachtdiensten mee. Dat scheelt zo veel geld.”

Deze maand doet ze dertien nachtdiensten, waardoor haar netto maandsalaris stijgt van 2100 naar 2400 of 2500 euro. “Sinds augustus woon ik op mezelf. Ik betaal een huur van 740 euro. Met die 300 tot 400 euro per maand extra kan ik ook autorijden en uit eten gaan. Ik hoef dan niet zo op mijn geld te letten en heb net iets meer vrijheid.”

Het nadeel van de nachtdiensten is dat haar sociale leven op een laag pitje staat. “Ook ben ik vaak moe. Het leven draait om slapen en eten. Maar ik heb het ervoor over. In de ouderenzorg bouw je een band op met de mensen en je verzorgt hen tot op het laatst. Dat is het mooie van deze baan.”

Verzorgende Nina Kuijper (22): ‘De helft van mijn salaris zou opgaan aan huur.’

Nina Kuijper. Beeld Dingena Mol
Nina Kuijper.Beeld Dingena Mol

Dat Nina Kuijper als startend verzorgende niet het salaris van een advocaat zou verdienen, dat wist ze wel. Maar dat haar salaris 1600 euro bruto per maand zou bedragen, kon ze niet bevroeden. “Ik ben laatst naar mijn manager gegaan om te vragen of mijn salaris hoger wordt als ik volgende week 23 word, maar dat is niet zo. Het gaat op basis van werkjaren, vertelde zij.”

Kuijper is sinds augustus 32 uur per week bij verpleeghuis De Poort van zorginstelling Amsta werkzaam.

Het werk doet ze met liefde. “Ik wil ouderen helpen.”

Dat haar salaris in november enkele honderden euro’s hoger uitpakt, komt omdat ze die maand nog twee weekenden en acht avonddiensten draait. Ze kan haar salaris nog verder opkrikken met nachtdiensten, die beter betaald worden. “Maar nachtdiensten zijn supersaai,” zegt Kuijper, die nog thuis woont.

Ze wil graag op zichzelf wonen en ziet op Woningnet dat de huren zo’n 600 tot 700 euro per maand zijn. “Met gas en licht erbij ben ik dan de helft van mijn salaris kwijt. Dan kan ik niet meer uitgaan. Maar als ik een huis krijg, wil ik wel meer avonddiensten gaan nemen.”

Hanneloes Pen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden