Plus PS

Verhuizen naar een betere buurt voor meer kansen? Klinkt leuk, werkt niet

Verhuis van de Kolenkit naar Oud-Zuid en je krijgt sneller een baan. Dat klinkt leuk, maar is niet waar, ontdekte Emily Miltenburg (29), net gepromoveerd aan de UvA.

'Mensen spiegelen zich aan de buurt waarin ze wonen, dus concentratie van bepaalde groepen is een logisch effect' Beeld Hisko Hulsing

Hoe verbeter je een achterstandswijk? Arme en rijke ­bewoners mengen, zeggen we nu. Al lijkt dat misschien gunstig te zijn, het helpt arme wijkbewoners niet vooruit, blijkt uit het promotieonderzoek van politiek socioloog Emily Miltenburg aan de Universiteit van Amsterdam (UvA). De samenstelling van de buurt heeft nauwelijks ­invloed op de baankansen en het inkomen van haar bewoners.

Miltenburg onderzocht duizenden buurten in heel ­Nederland, aan de hand van data van het CBS. Voor een gedeelte van haar promotieonderzoek focuste ze zich op de sloop van sociale huurwoningen in Amsterdam. Miltenburg ontdekte dat door arme huishoudens naar rijkere buurten te verplaatsen, ze daar sociaal-economisch geen baat bij hebben.

De maatregelen om bewoners van achterstandswijken een betere toekomst te geven zijn gebaseerd op de zogenoemde buurteffecten. Wat zijn dat?
"Mensen in een achterstandswijk wonen daar niet voor niets. Ze hebben waarschijnlijk al een laag inkomen of zijn werkloos. Deze wijken worden aangepakt vanuit de gedachte dat daar wonen nog eens een extra negatief werkt. Dat is een buurteffect. Doordat je buren in hetzelfde schuitje zitten, heb je geen perspectief op een baan of een hoger inkomen. Dit vind ik een gek idee. De invloed van de buurt is toch niet voor iedereen hetzelfde?"

Om zulke buurten te verbeteren worden vaak sociale huurwoningen gesloopt of verkocht. Wat gebeurt er met de bewoners die hun huis uit moeten?
"Die mensen krijgen stadsvernieuwingsurgentie: ze ­mogen een sociale huurwoning uitkiezen in de beste buurten van Amsterdam. Ik zeg: neem dat ticket en ga, maar de helft verhuist binnen hun buurt. Ze voelen zich ontheemd dat ze uit hun huis moeten."

"Daarnaast is het misschien zo dat wat wij een achterstandsbuurt noemen voor hun helemaal niet slecht is. Ze hebben er een sociaal netwerk, hun kinderen zitten er op school en ze identificeren zich met die plek."

En de helft die wel verhuist, helpt dat die mensen wel verder?
"Nee, ook niet. Door naar Centrum te verhuizen, gaan mensen niet ineens meer verdienen of krijgen ze sneller een baan. Het klinkt misschien plausibel: verhuis naar een betere buurt, daar heb je meer kansen."

"Doordat je buurman een positief rolmodel voor jou is, krijg jij ineens ook de mogelijkheden om erop vooruit te gaan. Maar zo werkt het niet. In de praktijk leven mensen langs elkaar heen. Ze praten helemaal niet met elkaar."

Is het dan een misvatting dat mensen minder kansen
krijgen in een achterstandswijk?
"Niet per se, maar dat geldt alleen voor bepaalde groepen en heeft waarschijnlijk niets te maken met hun buren. Ik zag dat alleenstaande moeders met basisschoolkinderen en moeders met een partner en een jong kind wel moeite hadden daar een baan te vinden. Dat kan ermee te maken hebben dat het moeilijk is om kinderopvang te vinden of dat deze moeders graag dicht bij huis willen werken, maar dat daar niet genoeg banen zijn."

Waar gaat het in de aanpak van die achterstandswijken precies mis?
"Door naar de buurt als geheel te kijken, schieten beleidsmakers hun doel voorbij. Ze zijn bang dat mensen opgesloten zitten in een achterstandsbuurt, dus geven ze mensen een kans om weg te gaan of ze geven hen buren met middeninkomens. Maar het is niet per se zo dat bewoners nergens heen kunnen. Als studenten een jaar of twee in de Bijlmer gaan wonen, omdat ze daar een betaalbare
kamer vinden, is dit niet meteen iets slechts."

Uw onderzoek is niet het eerste onderzoek dat vraagtekens zet bij de aanpak van armere wijken. Onlangs bleek het met veel Vogelaarwijken slechter te gaan. Waarom houden we vast aan dat beleid?
"Ik denk dat beleidsmakers zo toch de homogeniteit en concentraties van armoede willen tegengaan. Maar mensen spiegelen zich aan de buurt waarin ze wonen, dus concentratie van bepaalde groepen is een logisch effect."

"Je krijgt vanzelf buurten waar mensen op elkaar lijken. Het wordt bijvoorbeeld ook kwalijk gevonden als er alleen maar yuppen in De Pijp wonen. Hoewel het mensen economisch gezien niet verder helpt, houdt het het straatbeeld wel divers."

Welke aanpak werkt volgens u wel?
"Het lijkt mij het beste om bij mensen van bepaalde groepen achter de voordeur te gaan kijken. Dat bijvoorbeeld alleenstaande moeders met kinderen een negatieve ­invloed ondervinden van een achterstandsbuurt laat een structureler probleem zien. Er is iets aan de hand met die groepen, niet met de buurt op zich. Om deze groepen te helpen, moet je de oplossing niet in de wijk zoeken."

Heeft de Ella Vogelaaraanpak ook een positiefeffect ­gehad?
"Dat denk ik wel, ik heb alleen de baan- en inkomensperspectieven van volwassenen onderzocht en dat is een ­beperkte definitie van verbetering. En dit is natuurlijk niet het enige opzicht waarin een buurt erop vooruit kan gaan. Wijken meer divers maken kan wel goed zijn voor het tegengaan van criminaliteit en overlast, het verbeteren van de voorzieningen en een positiever imago."

U heeft alleen volwassenen onderzocht. Is de betere buurt beter voor kinderen?
"Kinderen krijgen door naar een betere buurt te verhuizen de kans naar een betere school te gaan. Voor hen kan het wel heel veel uitmaken of ze in Oud-Zuid wonen of in de Kolenkitbuurt."

Maar de buurt als geheel heeft dus nauwelijks invloed?
"Dat roept bij mij de vraag op: wat is de buurt überhaupt? Je ziet niet die buurtgrens lopen in Amsterdam. Veel achterstand bij elkaar kan wel andere negatieve gevolgen hebben."

"Er kan veel overlast zijn, weinig sociale controle, mensen leven langs elkaar heen, ze durven misschien niet altijd over straat. Als je de buurt ziet in het licht van deze verschijnselen, kan er een nadelig ­effect zijn. Dat de buurt an sich een effect heeft op het economisch welzijn van bewoners, dat is niet zo."

'Voor kinderen kan het wel heel veel uitmaken of ze in Oud-Zuid wonen of in de Kolenkitbuurt' Beeld Hisko Hulsing
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden