Plus PS

Van de pooltafel naar de blackjacktafel

Kort geleden won hij in Las Vegas nog de prestigieuze Mosconi Cup. Nu verruilt Nick van den Berg (37) de pooltafel voor de blackjacktafel.

Nick van den Berg Beeld Ivo van der Bent

Het zijn de snelle en soepele handbewegingen, met links en rechts. Hij heeft de focus en concentratie, zonder zijn omgeving uit het oog te verliezen. En dan is er de gedrevenheid: hij let goed op en traint hard.

Zelfs 's avonds, als hij thuis is, is hij bezig met oefeningen om zich het spel ­eigen te maken. 's Nachts droomt hij van de getallen. Zijn trainer weet het dan ook vrij zeker: Nick van den Berg kan een heel goede croupier worden.

Van den Berg glundert een beetje, aan de blackjacktafel in de High Limit Area van het Holland Casino, terwijl hij de complimenten aanhoort. En dat terwijl hij pas een paar weken aan de croupieropleiding van Holland Casino bezig is. Er volgen nog twee maanden studie, een stage en een examen. Pas daarna is hij klaar om echt aan zijn nieuwe carrière te beginnen.

Het leven van Nick van den Berg had er nu misschien ­anders uitgezien als hij vorig jaar maart, op het EK Poolbiljart in Portugal, die ene bal - de rode 3 - gewoon in de ­pocket had geschoten. Zo heel moeilijk lag hij niet eens, halverwege de vrij lege tafel. Maar hij miste hem, waardoor hij vijfde werd op het toernooi. Geen medaille. En nog vervelender: hij raakte daarmee zijn A-status bij sportbond NOC*NSF kwijt.

Stress
Daardoor kon hij geen aanspraak meer maken op de regeling die ervoor zorgt dat topsporters een regulier inkomen krijgen, ook als ze een sport ­beoefenen waar je normaal gesproken niet van kunt leven. Zoals poolbiljart. "Het jaarlijkse EK en WK draaide voor mij dan ook niet om een medaille. Het enige waar ik mee bezig was: kan ik mijn inkomen veiligstellen?"

Daarvoor moest hij elk jaar opnieuw bij de eerste vier van het EK of eerste acht van het WK eindigen. Als een jaarcontract, waarbij je elk jaar opnieuw een zware sollicitatieprocedure moet zien door te komen. En nu, voor het eerst in dertien jaar, lukte het Van den Berg niet om een verlenging in de wacht te slepen.

"Het zette me aan het denken. Wilde ik dit nog wel? Ik was elk jaar vier of vijf maanden aan het reizen. Dat klinkt superleuk allemaal, maar het breekt je ook op. Steeds die jetlags. Het missen van mijn vrouw en twee kinderen. En altijd de stress om te moeten presteren en de onzekerheid."

En daarom besloot een van de beste poolbiljarters van Nederland afgelopen zomer op zoek te gaan naar een reguliere baan. Voor het eerst in zijn leven.

Volwaardige baan
Van den Berg werd geboren in Noord en groeide op in Oost. Als tiener in de jaren negentig hing hij veel rond bij de rafelrand rond de oude gasfabriek op de Oranje-Vrijstaatkade, waar nu winkelcentrum Oostpoort zit. Of hij zin had om een potje te poolen, vroeg de zoon van de eigenaar van het daar gevestigde poolcentrum eens. Van den Berg bleek talent te hebben: negen maanden later deed hij al mee aan het Nederlands Kampioenschap.

Op zestienjarige leeftijd stopte hij met school om zich fulltime op het poolen te richten. Zijn vader vond het oké en ondersteunde hem, zolang Van den Berg de sport maar als een volwaardige baan zag. En dat deed hij: elke ochtend had hij om half zeven zijn keu al in handen. Dagen, weken, maanden achtereen speelde hij daar. Trainen deed hij in Sporthal de Weeren in Noord, waar zijn tante de kantine runde en hij een pooltafel mocht neerzetten. Het spel ­begon hij steeds beter te begrijpen.

Nick van den Berg bij de pooltafel Beeld Ivo van der Bent

Poolen - niet te verwarren met snooker - draait namelijk niet alleen om het stoten van de ballen zodat ze in de ­pockets vallen. Dat is belangrijk, maar slechts de ­basis. Het is ook inzicht en tactiek. Van den Berg denkt ­altijd een paar stappen vooruit. Al na de afstoot weet hij in welke volgorde hij de ballen gaat wegwerken, hoe en waar hij de ballen moet raken en - als alles volgens plan verloopt - een paar minuten later de zwarte 8-bal pot waarmee hij de winst pakt.

Met hustling - een urenlang ritueel in poolcentra waarbij een mindere speler wordt uitgedaagd om voor een serieus bedrag te spelen, terwijl hij in de waan wordt gelaten dat hij een kans maakt - verdiende Van den Berg weleens wat bij. Maar hij richtte zich vooral op de internationale toernooien: daar kwam het eerste echt prijzengeld al snel binnen. El Niño, de jonge jongen, werd hij als snel genoemd in het circuit.

Trillend aan tafel
En in 2002 werd hij de jongste winnaar van de prestigieuze Mosconi Cup, de jaarlijkse wedstrijd waarbij een team van de vijf beste Europeanen het tegen de vijf beste Amerikanen opneemt. Winst op twee EK's en een finaleplaats op een WK volgden, en tussendoor speelde Van den Berg overal ter wereld op de kleinere toernooien. Het prijzengeld op de toernooien was vaak genoeg om de reiskosten te dragen, en met het geld van NOC*NSF kon hij goed rondkomen. En toch vroeg hij het zich steeds vaker af: wilde hij wel eindigen als pooler?

"Het kan wel. Neem de Filipijn Efren Reyes, 63 jaar en de Johan Cruijff van het poolen. En dan doe ik hem eigenlijk nog tekort. Hij is niet meer zo goed als vroeger, maar speelt nog wel overal. Maar wilde ik dat ook tot aan mijn pensioen? Het leven op reis. Koffer in, koffer in uit. Altijd in vorm moeten zijn en steeds iets minder goed worden."

Het antwoord kende hij eigenlijk al. En dus moest hij die bal misschien wel missen, op het EK in Portugal. Het verliezen van zijn A-status was een goed moment om iets ­anders te zoeken. Zat hij daar, trillend aan tafel bij Holland Casino, voor het eerste sollicitatiegesprek uit zijn leven. Al snel was het rond: hij kon het laken van de pooltafel verruilen voor dat van de blackjacktafel. Op 1 januari kon hij beginnen aan de opleiding.

Eruit met een knal
En toen kwam in september het bericht: door enkele succesvolle toernooien in het begin van het jaar was hij als een van de vijf beste Europese poolers geselecteerd om nog een keer meer te doen in het Europese team voor de Mosconi Cup. Voor de achtste keer in zijn eigenlijk al afgesloten carrière. Hij besloot er nog een keer voor te gaan. "Ik vond het ook wel mooi: eruit gaan met een knal."

Dus stond hij begin december in Las Vegas in een ander casino: het Mandalay Bay Resort. In meer dan 140 landen werd live meegekeken met Van den Berg en zijn team, die in vier dagen de Amerikanen ruimschoots versloegen.

Een historische overwinning, omdat Europa voor het eerst sinds jaren een voorsprong nam op de onderlinge verhouding in de afgelopen 23 jaar: 12-11. Daarnaast was er het prijzengeld: 20.000 euro - de Mosconi Cup is namelijk een van de weinige toernooien waar wel echt iets te verdienen valt.

High Limit Area
En dat was dat. Bij thuiskomst zette Nick van den Berg zijn keu in de kast. En sindsdien heeft hij hem niet meer aangeraakt. Over een tijdje doet hij misschien weer eens een wedstrijdje. Veel zin heeft hij nog niet: al zijn aandacht gaat nu uit naar zijn nieuwe carrière.

Van den Berg loopt de wenteltrap achter de bar in de High Limit Area van Holland Casino op. Die leidt naar een loft, met prachtig uitzicht op de stad. Op de bar staan dure flessen drank en in de hoek een klimaatkast vol sigaren. Centraal in de ruimte staan drie luxueus uitgevoerde roulette-, blackjack- en puntobancotafels.

Dit is de plek van het casino waar echt voor het grote geld wordt gespeeld. Daar waar de beste croupiers werken. En daar waar Van den Berg uiteindelijk ook wil staan. "Ik blijf wel een topsporter, hè."

Nick van den Berg aan de roulettetafel Beeld Ivo van der Bent
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden