Twee Franse soldaten omgekomen in Centraal-Afrikaanse Republiek

Twee Franse militairen zijn in de Centraal-Afrikaanse Republiek om het leven gekomen. Dat heeft de Franse regering dinsdag bekendgemaakt. 'Ze hebben het leven verloren, om het leven van vele anderen te redden', zei de Franse president François Hollande.

Franse soldaten patrouilleren in Sangaris, in de Centraal-Afrikaanse Republiek. Beeld epa
Franse soldaten patrouilleren in Sangaris, in de Centraal-Afrikaanse Republiek.Beeld epa

De parachutisten kwamen om tijdens een nachtelijk vuurgevecht in de buurt van het vliegveld van de hoofdstad Bangui. Dat vond plaats toen een gewapende groep weigerde de wapens in te leveren. Maandag overdag waren er ook al vuurgevechten met militanten.

Het Franse leger is sinds vorige week bezig de rust te herstellen en milities te ontwapenen in het door geweld geteisterde land. De afgelopen week woedden hevige gevechten in de hoofdstad Bangui. Alleen al daar kwamen minstens 400 mensen om het leven bij de gevechten. Veelal gaat het tussen christenen en moslims.

'Vrede en veiligheid herstellen'
De Franse minister van Defensie, Jean-Yves Le Drian, benadrukte in een reactie op de dood van de twee dat de 1600 Franse militairen in het Afrikaanse land voldoende zijn om de situatie daar te verbeteren. De Fransen weten met de hulp van 3000 militairen van de Afrikaanse Unie steeds beter de milities te ontwapenen, zei hij. 'Als dat zo doorgaat, zullen wij, denk ik, steeds beter in staat zijn vrede en veiligheid in de gebieden die dat daadwerkelijk nodig hebben, te herstellen', aldus de minister.

President Hollande bezoekt de Centraal-Afrikaanse Republiek op de terugweg van Zuid-Afrika. Daar woonde hij dinsdag de herdenkingsdienst voor oud-president Nelson Mandela bij.

Vlam in de pan
De Centraal-Afrikaanse Republiek tuimelt al jaren van de ene staatsgreep in de volgende burgeroorlog. Afgelopen week vloog de vlam weer in de pan toen christenstrijders de aanval op de door moslims bezette hoofdstad openden. Meer dan vierhonderd mensen zijn de voorbije dagen omgekomen.

De Séléka, een samenraapsel van huurlingen uit buurland Tsjaad en de West-Soedanese regio Darfur, worden gesteund door de moslims in het noorden, die zich achtergesteld voelen in het overwegende christelijke land. De christenen voelen zich op hun beurt bedreigd door de rebellen en hebben eigen anti-balaka-milities opgezet (balaka betekent machete). Volgens de VN is 10 procent van de 4,6 miljoen inwoners op de vlucht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden