Plus

Transgender op de Zuidas: 'Ze namen me niet meer serieus'

Hij was partner op een groot advocatenkantoor. Nu is ze vrouw en werkt ze bij een adviesbureau. 'In één keer verdwijnt iemand en kijk je tegen een rok aan.' Hoe is het om af te wijken op de Zuidas?

Beeld Niels Blekemolen

Het was tijdens een uitje met de partners van het advocatenkantoor, in 2009, in het zomerhuisje van een van de compagnons. "Er was ook een zwembadje bij. Ik was begonnen met hormonen slikken, dus ik had beginnende borstvorming. Ik ging het water in, gewoon in mijn zwembroek. Een beetje oppassen, dacht ik zelf. Gewoon op mijn buik zwemmen, enzo."

Maar daar had hij, ze was toen nog een hij, de collega's onderschat. Een paar dagen later moest hij zich melden bij de bedrijfsarts. Eigenaardig, want als partner had je daar nooit iets te zoeken. Toen bleek dat de andere partners hadden gezien wat er aan de hand was, en niets beters konden bedenken dan naar de bedrijfsarts te gaan. Ze lacht wat ongemakkelijk. "Het was niet kwaad bedoeld. Ik zou ook zelf niet zo goed weten hoe je zoiets aanpakt."

Aan het woord is een general counsel, de belangrijkste jurist bij een adviesbureau voor wind- en zonne-energie. In 1961 geboren als man, ouder van een zoon en een dochter, en twintig jaar advocaat energierecht bij een van de grootste kantoren van Nederland. Sinds 2010 is ze officieel vrouw. Een elegante vrouw, met een zachte stem en een gladde huid - niets wat wijst op een afwijkend verleden.

Inclusiever
Bedrijven en kantoren op de Zuidas doen de laatste jaren verwoede pogingen diverser te worden. Gezondere man-vrouwverhoudingen in de top, meer mensen met een andere culturele achtergrond in dienst, een inclusiever klimaat voor werknemers met een niet-heteroseksuele geaardheid. Ook acceptatie van transgenders valt eronder. Bij een traditioneel advocatenkantoor als het hare was dit, stelt ze vast, wat te veel gevraagd.

Ze vertelt het verhaal anoniem, omdat ze genderdysforie beschouwt als een medisch probleem en niet als een geaardheid, of een ideologie waarvoor je de barricaden op zou moeten. "Sterker: als jij je, tot suïcidaal gedrag aan toe, niet kunt verenigen met wie jij lichamelijk bent, ben je niet erg geholpen met gebrandmerkt worden als transgender. Dan probeer je het probleem op te lossen en ga je verder met je leven."

Afkeer van jezelf
Bij de bedrijfsarts kwam het hoge woord eruit. Daarna werden alle partners geïnformeerd, min of meer georkestreerd in de algemene aandeelhoudersvergadering, en de andere kantoorgenoten - en het thuisfront, want dat wist ook nog van niks.

Meer dan naïef, noemt ze dat nu. "Gewoon dom was het. Stupide. En onverantwoordelijk tegenover mijn gezin."

Zijn echtgenote was er bepaald niet happy mee. "Mijn plan was dat we bij elkaar zouden blijven, maar dat was haast niet te doen. Achteraf, als ik terugkijk, denk ik: wat een zak ben ik geweest."

Maar tegelijk, vervolgt ze, kun je je niet voorstellen hoe het is als je zo'n afkeer van jezelf hebt. "Jezelf horen praten, jezelf zien. Maar ik voelde me heel prettig bij het slikken van die hormonen. Ik dacht: als ik het maar op deze manier kan handelen, dan is het best."

Beeld Niels Blekemolen

Na de onvrijwillige coming-out in 2009 ging het snel. Hij vertrok, met goedkeuring van het kantoor, naar de Verenigde Staten voor plastische chirurgie aan zijn gezicht. Driekwart jaar later volgde de grote operatie, in Thailand, voor 'de onderkant'. Op eigen kosten, want als hij het traject via de zorgverzekeraar zou laten lopen, was hij aangewezen op de genderpoli van het VUmc.

"Bij het VUmc wordt verondersteld: de mensen die daar zitten, dat wordt toch niks meer. Sociale gevallen, die je niet al te serieus moet nemen. Het idee dat iemand partner is bij een advocatenkantoor, is daarmee niet verenigbaar."

Zo stelt het VUmc verplicht dat je in de twaalf maanden voor je een operatie kunt ondergaan alvast de sociale transitie doormaakt in het 'wensgeslacht'. "Ik had een heel drukke praktijk, het was niet aan de orde dat ik als een soort travestiet door het leven zou gaan."

Verwijten
Ongemakkelijke jaren volgden. Er waren duidelijk collega's die er niets van moesten hebben. Ze kreeg verwijten: hoe kun je dit nou doen, je hebt toch kinderen? "Iemand zei: en waar wonen je kinderen dan? De blinde veronderstelling dat iemand in mijn situatie geen leven meer heeft! Ik ben gewoon moeder van mijn kinderen."

De partners van haar sectie konden er niet mee omgaan. "Ze hadden een nabeeld, een beeld dat op het netvlies was blijven hangen van mijn oude ik. Dat zagen ze overal in doorschemeren. Ze konden niet meer objectief beoordelen hoe functioneel ik nog kon zijn."

Met cliënten praatte ze niet over haar transitie, maar ze merkte wel dat die er ook ongemakkelijk onder waren. "Ze vonden het moeilijk me nog serieus te nemen." Met gevoel voor understatement: "Dat was allemaal niet zo gunstig."

Ze was, kortom, een outcast geworden. Dus toen in mei 2011 plotseling haar vrouw overleed, werd ze nauwelijks begrepen. "Men kon zich niet goed voorstellen dat ik er helemaal van kapot was. Ze konden niet serieus nemen dat ik zo verdrietig was. Ik was afgeschreven als mens, en zeker als partner."

Ze herinnert zich nog goed, in de trein onderweg naar 'een of ander buitenlands festijn', dat een vrouwelijke partner zei: ja, maar je hebt toch ook zelf gekozen om dit te doen in je tijd bij kantoor. "Met andere woorden: je had ontslag moeten nemen. Dat geeft wel aan dat een kantoor als het mijne niet goed in staat was hiermee om te gaan. Het ís ook heel buitenissig: men had het van mij nooit verwacht. Ik deed juist altijd mijn best zo min mogelijk op te vallen. En men had bijna twintig jaar met mij te maken gehad. In één keer verdwijnt iemand en kijk je tegen een rok aan. Je gaat door een deur."

Receptioniste
Ze besloot ontslag te nemen. Heel pijnlijk, want het kantoor voelde als familie. De managing partner hoorde haar aan, dacht even na en knikte toen: oké. Achteraf, zegt ze, had dat anders gemoeten. "Ik was zo instabiel op dat moment, dan zou je zeggen: dat doen we niet, ga maar even een paar weken weg. Wij verplichten jou om de kans te nemen tot tien te tellen. Kantoor betekende veel te veel voor mij, het was mijn familie."

Transgenders

Veel kantoren op de Zuidas werken aan de acceptatie van lhbti-werknemers. In de praktijk richten de plannen zich meestal op de l en de h: de lesbiennes en homo's. Biseksuelen lijken minder vaak uit de kast te komen, en van transgenders is het beeld diffuus. De i staat voor interseksuelen.

Amsterdamse kantoren beperken zich tot het zich uitspreken voor een 'inclusief klimaat', waar iedereen erbij hoort en zichzelf kan zijn. Het internationale Herbert Smith Freehills, niet in Nederland gevestigd, is juist heel uitgesproken. Dat vergoedt de transitie van Britse advocaten en de vrije dagen van familieleden die een transgender willen ondersteunen.

Inmiddels komt ze weer op de alumnibijeenkomsten. "Ik heb heel positieve herinneringen, vind het nog altijd een topkantoor. Maar ik heb jaren gehad dat ik misselijk werd van de gedachte."

Na wat omzwervingen besloot ze als zelfstandig consultant door te gaan. Maar het duurde even voor ze haar nieuwe praktijk op orde had, dus deed ze tijdelijk werk als receptioniste - ook op de Zuidas, in de oranjerode wolkenkrabbers van Amsterdam Symphony. "Zat ik achter de receptie, en tegelijk grote contracten te regelen op mijn computer," zegt ze grinnikend.

Ze gaat nog weleens terug - 'lekker kletsen met de jongens van de beveiliging'. "Ik ben zo blij dat ik dit heb mogen doen. Het is heel gezond om mee te maken hoe volstrekt irrelevant je bent voor sommige mensen. Men doet vriendelijk, maar altijd neerbuigend. Of het nou topeconomen of politici waren die vaak langskwamen, je merkt gewoon: ze zien je niet."

Haar receptionistenwerk staat niet op haar cv, haar werk in de advocatuur wel. Ze is een topvrouw voor wie geen glazen plafond bestond toen ze erdoorheen brak - want toen was zij nog een hij.

Stealth
Vorig jaar werd ze benaderd door een headhunter, die - voor zover zij weet - geen weet heeft van haar voorgeschiedenis. Ze kwam terecht bij een bedrijf in hernieuwbare energie, waar ze nu bedrijfsjurist is. Ze rijdt een Tesla, en werkt weer de vertrouwde zestig uur per week.

Over haar oude identiteit heeft ze nooit gepraat. "Ik ben stealth, zo heet dat - je kunt er als transgender heel open over zijn, of ervoor kiezen gewoon te zijn wie je nu bent. Ik ben er nooit expliciet over geweest. Maar ik werk met Zuidaskantoren, het is een klein wereldje. Het staat buiten kijf dat iedereen het weet."

Een tijdje geleden werd ze aangesproken door een collega. "Hij zei: ik sprak die-en-die, en die vertelde me iets heel interessants. Ik ging door de grond. Dat was een medisch probleem, antwoordde ik, en ik vind helemaal niet dat mensen over andermans medische problemen moeten spreken. Hij bedoelde het niet verkeerd, maar het was in één keer een enorm demasqué."

Voor jezelf opkomen
Ze is nu een vrouw in een mannenwereld. "Ik merk dat er anders met me wordt omgegaan dan wanneer ik een van de boys zou zijn." Zo gingen twee mannelijke collega's aan de haal met een van haar ideeën. "En het projectteam dat ik had bedacht, daar zat ik niet eens in!"

Je moet, stelt ze vast, als vrouw echt voor jezelf opkomen. Ze heeft ambities als bedrijfsjurist - terwijl die toch vaak worden gezien als de ambtenaren van het bedrijfsleven. "Ik moet wel wat bevechten, maar dat is niet vanwege mijn historie, maar vanwege een combinatie van jurist-zijn en vrouw-zijn."

Als ze één ding wil zeggen, is het: je kunt als transgender gewoon succesvol zijn. Alleen: sluit je dan niet op in je eigen kring, en laat je niet door het COC in een hokje duwen. "Met de afkorting lhbt (lesbisch, homo, biseksueel, transgender) word je gepromoot als een variant op homo. Mannen zien je dus als een ingewikkelde homoseksueel. En vergeet het dan maar dat je ooit een normale relatie krijgt. Ga dus niet in een clubje zitten, in een kringetje staan en elkaar op de schouders slaan. Get a life. Dit is niet je hele leven."

Anders op de Zuidas
De Zuidas is nog altijd een bolwerk van witte mannen. Wie afwijkt van de norm, valt op. Beetje bij beetje raken bedrijven ervan doordrongen dat ze meer een afspiegeling moeten zijn van de maatschappij. Niet om goede sier te maken, maar uit bedrijfseconomische overwegingen: diversere, 'inclusieve' teams zijn creatiever en nemen betere beslissingen. En de klant vraagt erom. Die wil zich herkennen in de persoon aan de overkant van de tafel.

De komende weken spreekt Het Parool de mensen die, als het goed is, straks niet meer de uitzondering zijn. Zoals: de topvrouw in een mannenbedrijf, de consultant in een rolstoel, de Marokkaanse advocaat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.