Recensie

Tovenaar op de klarinet tussen inspiratieloos Residentie Orkest (***)

De Zweedse solist Martin Fröst wist gisteren in het Concertgebouw een perfecte interpretatie neer te zetten van Mozart. Het was jammer dat de rest van het Residentieconcert die inspiratie niet had.

null Beeld Mats Bäcker
Beeld Mats Bäcker

Een pianoconcert, twee opera's, het mooiste klarinetconcert dat ooit werd gecomponeerd en een even bijzonder requiem dat wegens zijn overlijden de laatste maatstreep niet haalde: tot het laatst stroomde wondermooie muziek uit Mozarts pen, als water uit een kraan. De avond dat hij - net geen 36 jaar oud - stierf, zong hij met vrienden nog de koorpartij van het Requiem door.

Het Klarinetconcert (KV 622) dat Mozart voor zijn vriend Anton Stadler componeerde, is onder meer zo prachtig door de perfect geplaatste lage noten, die vooral in het eerste deel klinken. Dat deel bedacht Mozart oorspronkelijk voor de bassethoorn - eigenlijk ook een klarinet, maar dan met een groter bereik in een prachtig melancholiek gekleurd laag register.

Je kunt het hele stuk op de bassethoorn spelen, maar omdat het adagio en de finale voor de klarinet lijken te zijn gemaakt, heeft dat laatste instrument het gewonnen. Dat je dit prachtige stuk ook op de klarinet zo kunt spelen dat het klinkt alsof het op een zacht omfloerste, net iets geheimzinniger klinkende bassethoorn wordt uitgevoerd, bewees de waanzinnig mooie uitvoering van het Zweedse klarinetwonder Martin Fröst gisteravond.

Nuances
Fröst is niet alleen een klanktovenaar die zijn klarinet ongelooflijk mooi zacht en toch ferm dragend kan laten zingen, watervlugge loopjes als druppels water van een regenboog van kleur kan laten verschieten en schitterend lange lyrische lijnen trekt; Fröst is ook, of zelfs in de eerste plaats, een uiterst sensibele muzikant, die elke lijn die hij speelt, ongekend rijke nuances in kleur, frasering en emotionele lading weet te geven. Elke noot is anders, zonder dat het opdringerig of gemaniëreerd wordt.

Er stond een dirigent voor het in opmerkelijk kleine bezetting begeleidende Residentie Orkest, maar in principe had het zonder gekund, omdat Fröst, puur door de manier waarop hij de noten van zijn solopartij presenteerde, buitengewoon richtinggevend speelde. Hij kleurde de interpretatie in, ook door te luisteren naar het orkest, om dat vervolgens te verleiden hem te volgen op het muzikale pad dat hij schijnbaar intuïtief, maar in wezen zeer weloverwogen insloeg.

Inspiratie
Dat er ondanks Fröst - en Mozart! - toch maar drie sterren boven deze recensie staan, komt door het aandeel van het Residentie Orkest in dit Robeco Zomerconcert. Mozarts concert liep prima, maar de klankschoonheid die het handelsmerk van Fröst is, is bij het Residentie
Orkest niet direct het sterkste punt.

De jonge Finse dirigent Santtu-Matias Rouvali leidde vooral als een degelijke Kapellmeister. De interpretaties van een fijne Rossini-ouverture en Dvoráks direct rakende Zevende symfonie waren absoluut in orde, maar het ontbrak een beetje aan visie en inspiratie. En ook hier was de klank van niet altijd even fijn geschakeerd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden