Plus

Tientallen gezinnen zonder huis bivakkeren in hotels

Enkele tientallen dakloze gezinnen leven uit pure nood in hotels en hostels verspreid over de stad, soms meer dan een jaar. Voor deze gezinnen is geen plaats in de opvang, en een woning ligt vaak niet in hun bereik.

Een van de hotelkamers waarin dakloze gezinnen wonen. Beeld Eva Plevier

Moeder Marilva is net terug uit de Bijlmer, waar ze haar kinderen van school heeft gehaald, en zet drie tupperwarebakjes op de tv-kast. Een bakje met gekookte aardappelen, een met gehaktballetjes in tomatensaus en een nog kleiner bakje met spinazie.

Het avondeten mocht ze bij een kennis klaarmaken, want ze kan in het hotel niet koken. De maaltijd, die ze in de keuken van haar hotel in Osdorp kan opwarmen, is nauwelijks genoeg voor haar vier kinderen. "Ik eet zelf een broodje," zegt ze.

Situatie
Voldoende stoelen zijn er niet in de kamer, en er is ook geen tafel. Dus eet het gezin - met kinderen van anderhalf, vijf, zeven en acht jaar - op de grond. Vandaag een opgewarmde maaltijd, maar vaker een patatje kapsalon of iets van de afhaalchinees.

Marilva (33) had nooit gedacht dat ze in deze situatie zou belanden. "Toen ik ons incheckte, hoorde ik dat hier nog 17 gezinnen, met 22 kinderen en 6 baby's, zaten. We komen elkaar tegen in de ontbijtzaal. Daar smeer ik ook de boterhammen voor de lunch van de kinderen. Nee, dat mag niet, maar het personeel ziet het door de vingers. Ze weten in welke situatie wij verkeren."

Verhuizen
In de hotelkamer staan vier eenpersoonsbedden en een kinderbedje, dat vol ligt met kleding en speelgoed. Op de vloer ligt een pop en op tafel staan drie flessen frisdrank naast een geopend zakje chocoladenootjes. Het gezin van Marilva woont er nu een maand. Daarvoor zaten ze in een hostel in Bos en Lommer.

De GGD heeft haar gezin en de andere gezinnen hier tijdelijk onder gebracht. Worden de kamers door toeristen of andere gasten geboekt, dan verhuizen de gezinnen naar een ander hotel of hostel. "Dan staan we met alle tassen op straat. Je moet dan maar zien hoe je je spullen vervoert."

Haar oudste dochter ligt op bed en slaapt. De jongste kruipt in de vensterbank en wordt daar door haar vader uit gevist. Marilva woonde aanvankelijk met haar kinderen bij haar moeder in de Bijlmer. "Ik had grote schulden, zo'n twintigduizend euro, en kon zelf niet aan een woning komen. Bij mijn moeder woonde ik in een kleine kamer en dat ging op het laatst niet meer. Het werd haar te veel."

Schuldsanering
Marilva toog daarop naar verschillende instellingen, onder meer HVO Querido en Cordaan, en belde naar de GGD-afdeling Vangnet. "Ik heb zoveel telefoontjes gepleegd. Niemand had plek. Uiteindelijk ben ik een politiebureau binnengestapt en nu zitten we hier in een hotel."

Ze zit inmiddels in de schuldsanering. Haar inkomen wordt beheerd door een bewindvoerder. "Ik heb verschillende keren een urgentieverklaring aangevraagd, maar door de schulden word ik steeds afgewezen. We krijgen geen verdere hulpverlening. De gemeente betaalt de huur van het hotel, maar over een tijdje moet ik een eigen bijdrage van 250 euro betalen." Ze hoopt dat het niet meer zo lang gaat duren en dat ze snel een woning krijgt. "Ik ben er somber over, maar probeer positief te denken."

Marilva laat de hotellobby, het restaurant en de bar zien. In de lobby zitten drie zakenmannen te overleggen. Twee jonge toeristen slepen koffers achter zich aan en duiken de lift in. "Wij hebben speciale regels opgelegd gekregen. We mogen geen overlast veroorzaken voor de andere gasten. De kinderen kunnen nergens spelen, ook niet buiten rond het hotel."

Wachten op een huis
Een Roemeense vrouw komt aangelopen. Ze woont sinds januari met haar anderhalf jaar oude kind in het hotel. "Dit is mijn derde hotel. Eerder woonde ik in de Bijlmer en Noord," zegt ze. "Het vorige verblijf was zo klein, vreselijk. Dit is iets beter, maar ik ontbijt hier niet. Het is zo vies, elke dag hetzelfde. "Dat we hier niet kunnen koken, is niet fijn. Ik heb geen idee hoe het verder moet."

Dat we hier niet kunnen koken, is niet fijn, zeggen de bewoners van de hotelkamers. Beeld Eva Plevier

Elders in West, in een hostel, is een deel van de derde etage ingericht voor vijftien gezinnen die in dezelfde situatie verkeren als dat van Marilva. De vleugel is toegankelijk via twee klapdeuren, ernaast staat een grote afvalbak voor vieze luiers. Een buurvrouw met kind op de arm opent even haar deur. Ook in deze kamer wonen twee gezinnen met kinderen. Op de gang staan stepjes, loopautootjes en een fietsje.

"Hier spelen de kinderen van de verschillende gezinnen met elkaar," zegt Saskia (24, niet haar echte naam). "We hebben het wel met elkaar over de toestand. We zitten allemaal in hetzelfde schuitje en wachten op een huis."

McDonald's
Ze zit op het onderste bed van een van de drie stapelbedden die in de smalle kamer staan. De ruimte deelt ze met een andere moeder met een baby van amper een paar maanden oud. De rechter vensterbank is haar keukentje: er staan potten pindakaas, Nutella, Bambix en gedroogde zakjes soep en noedels: het avondeten. Over de verwarming hangen hemdjes en T-shirts te drogen die ze in een emmer sop heeft gewassen. "Dit is mijn alles: huiskamer, slaapkamer en keuken tegelijk. We leven op het bed," zegt ze.

Haar dreumes van twee drentelt door de kamer, op zoek naar waterijsjes in de ijskast. "Die heb ik gekregen van een moeder met wie ik eerder samen met haar twee zoontjes de kamer deelde. Je hebt hem meer nodig dan ik, zei ze." In de hoek staat een waterkoker. "Om toch wat vitamines te krijgen kook ik daar soms broccoli in." Op andere dagen eten Saskia en haar dochtertje McDonald's of Kentucky Fried Chicken.

Rekening houden
Ze wonen inmiddels een jaar en twee maanden in hotels. Dit hostel is hun vierde plek. "In een ander hotel in het centrum mochten we niet in de ontbijtzaal met de andere hotelgasten eten en moesten we ons brood op de kamer nuttigen. Alsof we niets waard zijn."

De voormalig HvA-studente bedrijfseconomie vluchtte ruim een jaar terug voor haar man. "Huiselijk geweld. Maar het was niet ernstig genoeg voor een plek in de opvang van Blijf Groep. Voor de gewone opvang kom ik niet in aanmerking. Ik heb geen psychische problemen en ben zelfredzaam, zeggen ze."

Hoe het verder moet, weet Saskia, die een schuld heeft van 32.000 euro, niet. Haar dochter begint hard te huilen als haar moeder probeert haar van snoep af te houden. De andere vrouw, die haar baby net te slapen heeft gelegd in het kinderbedje, kijkt verstoord op. Saskia: "Ja, je moet wel rekening houden met elkaar. Mijn kamergenoot wil altijd 's nachts een lichtje aan. Ik hang dan een laken voor ons bed, zodat het voor ons wat donkerder blijft."

Geen controle
Saskia's dochter is gelukkig te klein om te beseffen wat er aan de hand is, zegt ze. "Ze wilden haar van me afnemen en door Jeugdzorg in een pleeggezin laten opvangen. Ik heb een advocaat in de arm genomen, want dat wil ik niet. Deze ellende knaagt 's nachts aan me. Hoe kom ik hier uit? Zit ik hier nog over twee jaar? Ik heb er geen enkele controle over en het lijkt alsof niemand weet hoe mijn situatie is."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden