Plus

Terug naar Utøya, 5 jaar na Anders Breivik

Terug naar het eiland Utøya waar Anders Breivik vijf jaar geleden een slachting aanrichtte. Er moet een monument komen, maar omwonenden zijn tegen. 'Dan kijk ik er vol op. Elke lange winter.'

Het voorgestelde monument: een kloof in de landtong Beeld Jonas Dahlberg Studio

Het is een wandeling die je naar de strot grijpt. De foto's staan nog op het netvlies. Jongens en meisjes tegen elkaar gedrukt in wanhoop, hand in hand soms, of levenloos hangend in het ijskoude water, gezicht omlaag.

Precies vijf jaar geleden betrad Anders Breivik dit paadje vol keien en dennenappels. Het slingert achterlangs Utøya, het kampeereiland van de jeugdafdeling van de Noorse arbeiderspartij in de Tyrifjord, even westelijk van Oslo. Een paar honderd meter verderop liggen de houten blokhutten, de kantine en het kampeerterrein.

De Russische revolutionair Trotski was hier ooit zomergast, evenals de latere Duitse bondskanselier Willy Brandt. Jens Stoltenberg, de huidige secretaris-generaal van de Navo, was AUS-jeugdleider. Utøya betekende politieke discussie, voetballen, gitaarmuziek bij het kampvuur en vooral flirten. Er werd wat afgevreeën op dit paadje. Best lastig, want je bent nergens echt uit het zicht.

Prijsschietlandschap
Nu is het droog op het ongeveer zes voetbal­velden metende eiland. Destijds, op 22 juli 2011, was het spekglad door aanhoudende regen. De dood waarde rond, vermomd als behulpzame politieman. Tien jongeren kropen toen tegen de rotsen, op de vlucht voor gegil, het geknal bij de kantine van oranje rookbommen, verward door de overvliegende helikopter van een tv-station.

De geüniformeerde man deed alsof hij ze wilde geruststellen, riep dat hij opdracht had ze te beschermen. "Mag ik uw legitimatie zien," vroeg een meisje. Op het moment dat ze hem naderde, schoot de blonde nepagent haar dood. Daarna nam hij de rest van het groepje onder schot.

Geen dekking hier, bijna nergens kun je je verstoppen. Een prijsschietlandschap als in een slechte videogame waar Breivik zo verzot op was. Hij wilde de volgende generatie linkse leiders uitroeien, want de meeste ministers en premiers gingen ooit mee op zomerkamp.

Schoten tellen
Een marmeren engeltje rust speels in het mos. Vier verwelkte rozen flankeren een glazen hart van kralen. Tonje Brenna zat vlakbij. Zag mensen op de grond liggen 'alsof ze waren geëlektrocuteerd'. Ze wilde zich verstoppen onder aan het pad. Links en rechts van haar werden jongeren geraakt. Sommigen sprongen van de rotsen. Ze hoorde lichamen kraken op de rotsen, vertelt ze in een reconstructie van de Noorse tv.

Brenna telde de schoten. Na tweehonderd hield ze op. Net als andere overlevenden en nabestaanden is de jonge vrouw even uitgepraat over Utøya. Ze is lokaal bestuurder in Akershus, trouwde met een kopstuk van de Arbeiderspartij en viert nu vakantie. "Ik weet niet of ze naar de herdenking gaat," zegt een medewerker.

Eén uur en twaalf minuten kon Anders Breivik op Utøya zijn gang gaan, mede omdat een interventieteam eerst naar het verkeerde eilandje voer en daarna halverwege de overtocht naar Utøya stilviel met een overladen boot.

Kaliber
Dat laatste zag oud-militair Jørn Øverby gebeuren toen de agenten zijn motorboot opeisten. Hij was al een paar keer rond het eiland gevaren om jongeren uit het ijskoude water te vissen. Een kogel van Breivik vloog rakelings langs zijn hoofd. "Dzzzjing! En daarna de knal van zijn geweer," zegt de huidige voorman in een machinefabriek.

De regering eerde hem later met de hoogste burgeronderscheiding van Noorwegen. Als voormalig wapenmeester informeerde Øverby de politie als eerste over het kaliber dat Breivik gebruikte. "Lichte kogel, zwaar explosief. Daarmee schiet je over duizend meter in een rechte lijn. Nog een geluk dat hij zo slecht kon schieten."

De eerste editie van het zomerkamp in Utøya vorig jaar, sinds de massale moord in 2011 Beeld anp

Herdenkingsmonument
Toch is hij er morgen niet bij als nabestaanden en partijbonzen op Utøya een herdenking houden en daarbij een nieuw studie- en herdenkingscentrum openen. Het is gebouwd over de kantine waar dertien jongeren werden vermoord. "Ik kan het niet aan. Ik ga naar Londen," zegt Øverby. Tranen staan hem in de ogen. Hij vertelt over de jongen met het half afgeschoten gezicht, die hij afschreef maar het toch redde.

Elke vakantie timmert hij aan zijn houten huis. Hij koestert het uitzicht over de Tyrifjord. Daarom ook is hij woordvoerder van de omwonenden van Utøya die tegen een herdenkingsmonument ijveren. Een Zweedse architect wil een brede kloof in een uitstekende landtong maken. Daarin zijn de namen van alle slachtoffers gegraveerd. De omwonenden zijn niet tegen een gedenkteken 'maar willen er geen onderdeel van zijn', zoals Øverby het verwoordt. Ernaast is ook een parkeerplaats gepland voor 450 auto's.

Verwerken
Øverby en anderen betalen een Noorse topadvocaat om het monument tegen te houden. In de sociale media krijgt hij ervan langs omdat hij voor de waarde van zijn huis zou vrezen. 'Voor mensen als u is het kennelijk moeilijk genereus te zijn', moet de 'held van Utøya' volgens de grote Noorse krant VG lezen. Het raakt hem.

"Weet u, het is al moeilijk genoeg dit te verwerken. Ik heb een jaar in een praatgroep van bewoners gezeten. Ze hebben ons ook professionele hulp aangeboden. Ik wil niet in een rouwmonument wonen en steeds worden herinnerd aan al die ellende. Nu lijkt het mee te vallen, maar de bladeren vallen straks van de bomen en dan kijk ik er vol op. Elke lange winter."

Jorgen Frydnes is de nieuwe manager van Utøya. Zijn voorganger Monica Bøsei (45) was de eerste die Breivik doodschoot. "Daar," wijst hij. "Ze vertrouwde hem niet." Frydnes werkte hiervoor bij Artsen zonder Grenzen. In zekere zin zit hij ook op Utøya in de zorg. "Er is veel verdriet. Nabestaanden mogen komen wanneer ze willen. We proberen tegelijk de draad op te pakken. Vandaag is de herdenking, maar daarna begint het zomerkamp weer."

Utøya heeft een eigen monument. Een metalen cirkel met alle namen erop. Frydnes: "Dit is een van de weinige plekken hier waar niemand is vermoord. Het geeft de nabestaanden rust."

De terrorist en zijn rechten

Op 22 juli 2011 blies de zelfverklaarde 'kruisvaarder tegen het multiculturalisme', Anders Breivik, een regeringsgebouw in Oslo op. Er vielen acht doden. Het bleek een afleidingsmanoeuvre.

Bijna ongestoord kon Breivik (toen 32) het eiland Utøya aanvallen, even westelijk van Oslo. Daar waren 550 jonge socialisten op zomerkamp. Hij vermoordde er 69. Morgen zijn er herdenkingen en kerkdiensten in Oslo en op Utøya.

Breivik kreeg 21 jaar en zit min of meer in isolement in een 'driekamercel'. Drie maanden geleden betoogde hij met succes voor de rechter dat zijn beperkte bezoekregeling een schending is van het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens. Het beroep van de Noorse staat loopt nog. Moeilijk ligt ook 'Centrum 22 Juli', een expositie naast het regeringsgebouw dat eind volgend jaar wordt heropend.

Te zien zijn resten van de bomauto, zijn valse politie-insignes en foto's van allen die op Utøya werden vermoord. Educatief bedoeld, maar critici hekelen de 'hall of fame voor de terrorist'.

Anders Breivik tijdens een rechtszaak in maart. Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden