Terreurmaatregelen moeten van de stad geen bunker maken

De betonnen blokken die zijn neergelegd om een aanslag te voorkomen, worden geleidelijk vervangen door permanente barrières. De uitdaging is om publiekstrekkers als de Dam niet te veranderen in een fort.

'De betonnen bankjes op de Dam zijn niet verankerd in de grond en dus puur cosmetisch.' Beeld Jesper Boot

Een half jaar geleden werden ze neergelegd in het holst van de nacht, betonnen barrières in de vorm van kniehoge duploblokken. Schots en scheef langs de Dam, netjes in het gelid bij de Heineken Experience aan de Stadhouderskade.

Soms werden de lompe blokken bekleed met wat hout, zodat toeristen en zwervers erop kunnen zitten. Maar meestal liggen ze daar gewoon, kaal en grimmig, in de weg.

Stedenbouwkundige Tim de Boer (38) moet bij het passeren van de afscheiding op de Dam een beetje lachen. "Ze zijn niet verankerd in de grond, puur cosmetisch dus. Passanten voelen zich er veiliger door en kwaadwillenden denken dat de Dam is afgegrendeld."

De gemeente maakte vorige week bekend dat voor vijftien plekken, ook die waar al tijdelijke veiligheidsmaatregelen zijn genomen, wordt begonnen met het ontwerp van nieuwe, permanente beveiliging.

Per gebied moet worden bekeken hoe dat lukt met acceptabele consequenties voor het straatbeeld. Waar het niet anders kan, worden stevige palen geplaatst. Maar drukke open locaties als de Dam zijn ook te beveiligen met minder opvallende maatregelen.

Veiligheidsring
De Boer is een van de pioniers in de stedenbouwkunde die sinds de aanslagen op 11 september gespecialiseerd is in de omgang van steden met terreur.

Geweld en de stad hebben volgens hem nooit ver uit elkaar gelegen, het ontstaan van de stad hangt zelfs heel direct samen met de vraag naar veiligheid door middel van wallen, palissaden of een stenen muur.

Naarmate oorlogen vaker buiten steden werden uitgevochten, veranderde de functie van die verdedigingswerken. Zo is de Kloveniersburgwal tegenwoordig een woongracht en hebben de forten binnen de Stelling van Amsterdam een recreatieve functie gekregen.

"Maar de moderne oorlog wordt juist weer vaker uitgevochten in de stad, in de vorm van aanslagen, met ruimtelijke gevolgen. Je ziet dat in Indiase steden inmiddels hele wijken worden afgegrendeld, ook in Londen is sinds de IRA een veiligheidsring gebouwd in het centrum."

In Nederland is volgens De Boer Den Haag een sprekend voorbeeld. Vooral het gebied rond de Amerikaanse ambassade werd een vesting, met afgezette wegen, metershoge hekken en heel veel palen, 75 centimeter naast elkaar.

"Het verbaast mij niet dat er nu onder burgemeester Van Aartsen ook in Amsterdam wordt besloten de tijdelijke barrières structureel in te passen in de openbare ruimte. In Den Haag is hij gewend aan deze ontwikkeling."

Wijlen burgemeester Van der Laan moest niets hebben van fysieke maatregelen tegen terrorisme. Bekend is hoe hij ooit een exploitant van een kerstmarkt verbood betonblokken te plaatsen, na een aanslag op een Duitse kerstmarkt.

Hij vond dat terroristen geen vat moesten krijgen op de manier van leven in de stad. Juist met het neerzetten van controleposten en betonblokken gebeurt dat wel. Op aandringen van de ondernemers in de Kalverstraat startte Van der Laan in de zomer van 2017 wel met een risico-­inventarisatie van kwetsbare plekken in de stad, waar de huidige maatregelen uit voortvloeien.

Volgens De Boer zijn fysieke veiligheidsmaatregelen in steden een nieuwe realiteit en kunnen ontwerpers er maar beter voor zorgen dat het opzichtige beton wordt vervangen door elegantere alternatieven, liefst met dubbelfunctie.

Als veiligheid een factor wordt in de inrichting van de openbare ruimte, zal volgens De Boer een aantal plekken moeten worden herontworpen.

"Het is momenteel een trend om de openbare ruimte zo leeg mogelijk te maken, met verschillende gebruikersgroepen die samen gebruik maken van de ruimte. De Dam als shared space. Maar als je naar de veiligheid kijkt, wil je bijvoorbeeld auto's en voetgangers juist van elkaar scheiden. Dat vergt dus een omslag in het denken bij ontwerpers."

Volgens De Boer is vooral op het Damrak, van CS naar de Dam, goed te zien dat veiligheid ogenschijnlijk geen uitgangspunt was bij het ontwerp van deze veelgeprezen Rode Loper.

"Het is een zeer drukke, langwerpige open ruimte, vooral aan de winkelzijde. Dat zal moeten worden aangepakt ."

Hoge stoepranden
De eenvoudigste oplossing om een stad veilig te maken tegen aanslagen met voertuigen, waarvan die in Nice in 2016 met 86 slachtoffers de dodelijkste was, is de auto weg te halen uit de binnenstad.

Een ander uiterste is de plaatsing van loeisterk straatmeubilair. De Boer noemt Washington DC, waar stalen bankjes metersdiep in de grond verankerd zitten zodat ze een vrachtwagen kunnen tegenhouden. Maar op vijftien plekken in de stad een strook bankjes neerzetten, is ook geen aantrekkelijke optie.

Den Haag plaatste een hele ring van ijzeren paaltjes rondom de ministeries. Daar is veiligheid echt als een technisch probleem opgelost. De Boer zet daartegenover dat je de omgeving ook kunt veranderen, waardoor de meer in het oog springende maatregelen niet nodig zijn.

Als voorbeeld noemt hij het plaatsen van stoepranden, van ongeveer veertig centimeter hoog, zoals rond de Apenrots is gebeurd, het gebouw van het ministerie van Buitenlandse Zaken. "Een relatief klein hoogteverschil maakt een gebied onbereikbaar voor voertuigen. Dit zou bijvoorbeeld bij de Heineken Experience de beste oplossing zijn."

'De betonnen bankjes op de Dam zijn niet verankerd in de grond en dus puur cosmetisch.' Beeld Jesper Boot

Een ander voorbeeld van ruimtelijke inpassing ziet De Boer bij drukke winkelstraten als de Kalverstraat. Daar is bescherming nodig, maar tegelijkertijd moeten de stromen bezoekers zich uitgenodigd blijven voelen om die straat in te lopen.

Het is een keuze om beschermende palen niet recht voor de Kalverstraat te zetten, maar in de straten die naar de Kalverstraat toe leiden, zodat auto's er niet in de buurt kunnen komen. "Afstand creëren heeft als bijkomend voordeel dat het doelwit er niet uit komt te zien als een bunker."

Nietjes
Voor de Dam is vooral van belang dat voertuigen geen snelheid meer kunnen maken in aanloop naar het plein. Chicanes op het Damrak en het Rokin, in combinatie met groen, of zelfs grote bomen, kunnen uitkomst bieden.

Rondlopend in de binnenstad ziet De Boer nog een tegendraadse oplossing. Hoewel geparkeerde fietsen op de Dam hun langste tijd gehad hebben met het gereedkomen van de parkeergarage onder het Beursplein, doemt er een ander scenario op.

"Fietsnietjes kun je ook diep verankeren in de grond. Ik ben benieuwd in hoeverre blokken geparkeerde fietsen op straat bescherming zouden kunnen bieden, het zou een heel Amsterdamse oplossing kunnen zijn."

Tim de Boer
Volgens Tim de Boer zijn in de strijd tegen voertuigaanslagen ook technologische oplossingen denkbaar. Volgens hem wordt er op Europees niveau nagedacht over een systeem dat een bestelauto of vrachtwagen automatisch stillegt als er een aanrijding plaatsvindt.

"Je zou net als met een milieuzone elke transporteur die iets in Amsterdam wil afleveren kunnen verplichten zo'n systeem te hebben ingebouwd."

Ook wijst hij erop dat de veelbekritiseerde congestietaks, waarbij automobilisten een bijdrage betalen om de stad in te komen, een veiligheidsdoel kan dienen. "Toen dit in Londen werd ingevoerd was voor de geheime dienst het bijkomende voordeel dat men precies wist wie er de stad in- en uitging."

Peter Defesche
De Amsterdamse architect Peter Defesche snapt de reserves die Van der Laan eerder uitte heel goed. Hij is kritisch op het permanente karakter dat de veiligheidsmaatregelen nu krijgen.

"Agressie en geweld zijn veel wendbaarder dan het beton waarmee we ons ertegen willen beschermen," zei hij tijdens een discussieavond over dit onderwerp in Pakhuis de Zwijger.

"Onder elke muur wordt vroeg of laat een tunnel gegraven, elke firewall krijgt zijn hackers." Echte veiligheid wordt volgens Defesche in een stad bereikt door een beetje op elkaar te letten. "Mijn favoriete vorm van veiligheid is de conciërge."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden