Ten slotte: Pina Bausch (1940-2009)

Pina Bausch. Foto EPA

Vijf dagen nadat bij haar kanker was vastgesteld, is Pina Bausch gisteren op 68-jarige leeftijd overleden. Bausch was een van de pijlers van de Duitse theaterdans en in de jaren tachtig van de vorige eeuw een van de invloedrijkste theatermaaksters in de wereld.

Philippine Bausch werd op 27 juli 1940 in het Duitse Solingen geboren. Haar ouders waren er uitbaters van een restaurant. Theaterspelende klanten die onder de indruk waren van haar extreme flexibiliteit - ze werd wel met een slangenmens vergeleken - brachten Bausch in contact met dans. Op vijftienjarige leeftijd begon ze haar dansopleiding aan de Folkwang School in Essen van choreograaf en danspedagoog Kurt Jooss, een van de grondleggers van de Duitse expressionistische dans.

Vier jaar later vertrok ze naar New York naar de Juilliard School of Music en danste ze onder andere bij het Metropolitan Opera Ballet. Toch wist Jooss haar in 1961 weer naar Essen, en naar zijn nieuw opgerichte Folkwang-Ballett, te lokken. Daar begon Bausch met choreograferen. In 1973 werd ze artistiek directeur van het Wuppertaler Tanztheater (later omgedoopt tot Tanztheater Wuppertal - Pina Bausch), wat ze tot aan haar dood zou blijven.

In 1974 maakte ze haar eerste stuk voor het dansgezelschap, Fritz. Grotere bekendheid kreeg ze een jaar later met haar interpretatie van Igor Stravinsky's Lenteoffer. Erg opvallend was het decor van de in Nederland geboren Rolf Borzik, waarbij de dansers in het heidense offerritueel over vochtige aarde dansten. Het was het begin van een vruchtbare artistieke en romantische relatie die zou duren tot aan de dood van Borzik in 1980. Later dat jaar ontmoette ze in Chili dichter Ronald Kay, met wie ze in 1981 haar enige kind, Rolf-Salomon, kreeg.

Lenteoffer was haar laatste pure dansstuk. Over de jaren zou dans een steeds minder dominante rol spelen. Vanaf De zeven hoofdzonden (1976), maar vooral Blauwbaard (1977), werd dans bij Bausch danstheater, waar naast dans ook mime, voordracht, zang, muziek, beeldende kunst en het alledaagse belangrijke rollen speelden.

Haar stukken, vaak doordrenkt van existentiële angst maar ook met flarden donkere humor, waren aaneenschakelingen van stukken dialoog en repetitieve fysieke intermezzo's, zonder duidelijk plot of karakterontwikkeling. Ze gebruikte een breed scala aan muziek - van Duitse volksdans, Béla Bartók en Stravinsky tot P.J. Harvey en Björk - en opvallende decors; eerst van Borzik, daarna van Peter Pabst. In Aria's (1979) stonden de dansers samen met een nijlpaard tot aan hun enkels in het water, in Anjers (1982) waadden ze door een bloemenzee. Ze was ook een van de eersten die bij danstheater caféstoelen als rekwisieten introduceerde (Café Müller, 1978).

Maar ze doorbrak vooral dansconventies door haar nu beroemde repetitieproces. Tijdens het oefenen vroeg ze haar dansers naar persoonlijke herinneringen en gaf hun specifieke opdrachten, waarvan ze het eindresultaat later in haar stukken gebruikte. Zoals de verschillende antwoorden op de vraag: 'Waar doet het woord Maria je aan denken?'of 'Vertel in je moedertaal over je eerste liefde'.

Ook spraken de performers vaak rechtstreeks tegen het publiek. Haar dansers waren markante, op zichzelf staande individuen, zoals Lutz Förster, van wie sommigen, zoals Josephine Ann Endicott en Meryl Tankard, decennia bij haar bleven.

Ze maakte van Wuppertal, een saai, industrieel provinciedorp in het Ruhrgebied, een cultureel bolwerk - een bedevaartsoord waar kunstminnaars in de jaren tachtig van de vorige eeuw met busladingen tegelijk naartoe stroomden, ook vanuit Nederland.

De conservatieve Wuppentalers zelf waren de eerste jaren niet al te enthousiast en verwelkomden haar als een soort culturele antichrist. Ze zou invloed uitoefenen op de werken van latere dansmakers als William Forsythe, Maguy Marin, Robert Wilson en Anne Teresa-de Keersmaeker.

Bausch is altijd actief gebleven als choreografe. Op zondag 21 juni stond ze nog met haar dansgezelschap met haar nieuwste stuk (nog onder de werktitel Een stuk van Pina Bausch) dat op 12 juni in première was gegaan, in het Wuppertaler Operahaus. (BREGTJE SCHUDEL)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden