column

Teleurgesteld werd ik een cel ingeduwd

Mano Bouzamour (1991) publiceerde eind 2013 zijn debuutroman De Belofte van Pisa. De film-, theater- en hoorspelrechten van het boek werden verkocht, en ook verschijnt de roman in 2016 in het Duits. Elke zondag lees je hier zijn column uit Het Parool.

null Beeld Floris Lok
Beeld Floris Lok

Om 12.15 uur vertrok ik van huis om te voetballen en om 12.27 uur zat ik vast op het politiebureau Ferdinand Bolstraat. Ik moest in een piepklein kamertje mijn bezittingen afgeven. De man achter een glazen wand identificeerde zich als de plaatsvervanger van de hulpofficier van justitie.

Als ik niet ontzettend onthutst was geweest, zou ik hem misschien wel hebben gevraagd waar de hulp- en de officier van justitie waren gebleven. Hij zou mij voorleiden en vasthouden tot de hulpofficier terugkwam. 'Wanneer komt ie terug dan?'
Het was zaterdagmiddag en maandag zou hij pas aanwezig zijn.

'Kun je hem niet opbellen?'
'Ik heb zijn nummer niet. Weet je waarvoor je bent aan­gehouden?'
'Nee, ik vroeg het de twee agenten die mij van straat plukten ook al maar die zeiden 'dat ik het zelf wel wist'.'

Hij zuchtte en zei: 'Je wordt verdacht van een auto-inbraak en diefstal van een TomTom. Brandt er een lampje?'
Ik keek hem een tijd aan.
'Je wordt er stil van.'
'Nogal, ja. Ik heb niets gedaan!'
'Je voldoet aan het signalement.'

Hij liep het kamertje in. Met doktershandschoenen betastte hij mijn lichaam nadat hij had gevraagd of ik drugs, wapens of iets scherps bij me had. Ik vertelde dat ik veertien was. Hij friemelde een opgevouwen proefwerk uit mijn achterzak en vouwde het uit.

'Een 10- voor godsdienst, het jodendom?'
'Mevrouw Hoogestein was er heel blij mee.'

Daarna zat hij ergens waar ik furieus van werd... Ik verzette mij hevig. Toen hij dreigde met handboeien en collega's, gaf ik toe. Hij had mijn kapsel totaal verkloot! Hij zat godverdomme in mijn haren te speuren als de vrijwillige moeders op de basisschool die de hoofden controleerden op hoofdluis. Hij zocht glassplinters van de autoruit die ik zou hebben ingetikt.

'Woon je bij je ouders?'
'Waar anders?'
Schouderophalend: 'Nou, misschien bij een pleeggezin, onder een brug of in het Vondelpark. Heb ik vaak gehoord, hoor.'
Hij vond geen glassplinters en zichtbaar teleurgesteld douwde hij mij in een cel.

Op de muren waren leuzen gekalkt. Heel wat fuck de politie en justitie. Een tekening van een geblinddoekte, blote vrouw met een weegschaal in de hand en daaronder: 'Doe je blinddoek af, bedek je tieten, trut.' Een raket van een lul met twee balletjes akelig dicht bij het beboste kruis van Justitia. Eén leus deed pijn: 'Ik zat hier, nu zit jij hier.'

Een paar uur later kwam de plaatsvervanger van de hulpofficier van justitie om te vertellen dat ik naar huis mocht vanwege een gebrek aan bewijs. Nadat hij mij via de vipuitgang van het bureau had geleid en met een kaart de buitendeur opende, vertelde hij: 'Als er nieuw bewijs boven tafel komt, weten we je te vinden.'

'Krijg ik geen excuses?'
'Maak dat je wegkomt voor ik me bedenk.'

Dit vrolijke verhaaltje schreef ik exact tien jaar geleden in mijn dagboek. En de TomTom heeft het laatst pas begeven!

Wilt u reageren op dit artikel? Dat kan. Scroll (een beetje) naar beneden om een reactie te plaatsen of stuur een mail.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden