Plus

Taaleis voor bijstand veelal wassen neus

Gemeenten zijn lang niet altijd van plan om bijstandsgerechtigden die geen Nederlands spreken, achter hun broek te zitten. Terwijl het vanaf 1 juli verplicht is om de taal te leren, anders wordt er gekort op de uitkering.

Amsterdam, met 40.000 mensen in de bijstand, gaat het soepelst met de nieuwe wet om Beeld anp

Dat blijkt uit een rondgang langs de tien gemeenten met de meeste langdurige bijstandsklanten. Veel gemeenten wachten tot een bijstandsgerechtigde voor een 'regulier contact' bij ze langskomt en controleren dan of ze Nederlands spreken op het vereiste niveau van een 12-jarige. Dat doen bijvoorbeeld Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Leeuwarden en Nijmegen. Het aantal contactmomenten verschilt, maar is klein naarmate iemand langer een uitkering heeft.

Amsterdam, met 40.000 mensen in de bijstand, gaat het soepelst met de nieuwe wet om. "Als we weer eens iemand spreken, kijken we hoe het met de taal staat", zegt wethouder Arjan Vliegenthart. "Ik ga er zo licht mogelijk mee om."

Hij is niet van plan om mensen te korten als ze geen Nederlands spreken, zoals in de wet staat. "Dat zie ik niet gebeuren. We hebben niks aan deze wet. Het is een vervelend instrument dat vooral administratie oplevert, in plaats van dat iemand de taal leert. Ik vind het belangrijk dat mensen Nederlands spreken, maar we krijgen er van het rijk geen geld voor."

Ook Rotterdam, goed voor 39.000 bijstandsklanten, is ontevreden over de verplichte taaleis. "Deze wet gaat weinig extra taalkennis opleveren, maar zorgt wel voor bureaucratie", zegt wethouder Maarten Struijvenberg.

Diploma
Zo moeten bijstandsklanten zelf aantonen dat ze de taal beheersen, met bijvoorbeeld een middelbare-schooldiploma of rapporten van de basisschool. Als ze dat niet kunnen, moeten ze een taaltoets afleggen. Wie daar niet voor slaagt, moet de taal gaan leren. Vaak op eigen kosten. Degenen die dat weigeren, worden gekort op hun uitkering en kunnen die uiteindelijk helemaal verliezen.

Verschillende gemeenten laten de bijstandsgerechtigden met weinig kans op een baan vooralsnog ongemoeid. "De mensen die het kortst een uitkering hebben, worden het eerst gescreend op de taal, net als mensen die jonger zijn dan 40 jaar", zegt woordvoerder Mariska Schok van de gemeente Nijmegen. "Deze taaleis is leuk, maar we hebben er geen noemenswaardig budget bijgekregen. Daarom moeten we ons geld zo efficiënt mogelijk inzetten."

Gemeenten hebben van het rijk 5 miljoen euro gekregen om een taaltoets af te nemen, maar er is geen extra geld voor taallessen. Volgens Divosa, de belangenvereniging van sociale diensten, is het budget voor taal- en reïntegratiecursussen sinds de crisis met 70 procent afgenomen, terwijl het aantal bijstandsgerechtigden met 50 procent is gestegen.

Enschede, Venlo, Emmen en Arnhem zitten hun bijstandsklanten wel meer achter de broek: zij roepen iedereen die vermoedelijk de taal niet spreekt per brief op te bewijzen hoe ze ervoor staan. Met uitzondering van Amsterdam stellen alle bevraagde gemeenten dat ze uitkeringen zullen korten, als hun inwoners weigeren de taal te leren. Uitzonderingen zijn wel mogelijk, bijvoorbeeld als mensen de taal niet kúnnen leren.

Volgens het ministerie van Sociale Zaken voeren gemeenten gewoon netjes de wet uit. "Het is aan gemeenten zelf om daar vorm en inhoud aan te geven." Het ministerie gaat ervan uit dat er genoeg geld is voor taalcursussen.

Nieuw
De taaleis geldt sinds begin dit jaar voor nieuwe uitkeringsgerechtigden, die meteen bij de aanvraag naar hun taalbeheersing worden gevraagd. Vanaf 1 juli geldt de eis ook voor alle mensen die al een uitkering hadden.

Ongeveer 16 procent van alle bijstandsuitkeringen gaat naar mensen met een buitenlandse achtergrond, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek. In sommige gemeenschappen is het probleem van werkloosheid zeer nijpend. Zo krijgt 70 procent van de Somaliërs een uitkering, net als 60 procent van de Irakezen en Syriërs. Van de Afghanen en Eritreërs krijgt de helft bijstand.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden