Plus

't Knooppunt in de Champions League van het zaalvoetbal

Iliass Bouzit (22), zaalvoetballer bij 't Knooppunt, is genomineerd voor Talent van Amsterdam. Woensdagavond debuteert hij met zijn club in de Champions League van het zaalvoetbal tegen FC Barcelona.

Iliass Bouzit (l) passeert de keeper in de derby tegen zijn oude club ASV Lebo.Beeld Marcel Israel

Toen Iliass Bouzit vijf jaar geleden bij zijn overstap naar 't Knooppunt werd gevraagd met welk rugnummer hij wilde spelen, informeerde hij of 14 nog beschikbaar was. Zowaar.

Sindsdien speelt hij met het magische nummer dat hem herinnert aan zijn grote held. "Cruijff was mijn voorbeeld, ik heb al zijn wedstrijden teruggekeken. Vooral zijn passing en overzicht maakten indruk op me."

Zijn eigen voetbalkwaliteiten vergelijken met die van Cruijff, daar is Bouzit te bescheiden voor. Maar de liefde voor het voetbal en de Amsterdamse bravoure komen overeen.

In zijn stopwoorden 'zeker weten', met de 'z' uitgesproken als een 's', klinkt het accent van de straat, waar de jonge voetballer de meeste tijd in zijn jeugd doorbracht.

Vijf tegen vijf
Het Henrick de Keijserplein in De Pijp lag op steenworp afstand van zijn huis, waar hij opgroeide met zijn Marokkaanse ouders, twee broers en vier zussen. "Elke middag na school rende ik naar huis, pakte mijn bal en ging naar het plein."

Bouzit wijst naar het glimmende asfalt, dat onlangs werd aangelegd. "Een hele verbetering," zegt hij. "Als je op die vorige uitgleed had je meteen een wond op je knie en een gat in je joggingbroek."

Op zomeravonden, als de zaalcompetitie stil ligt, trommelt hij nog wel­eens wat vrienden van vroeger op. "Ik hou nog steeds van voetballen op straat. Er is geen trainer, dus je kunt doen en laten wat je wilt."

Maar de tijden zijn veranderd, merkt Bouzit. "Het is een stuk stiller nu. Vroeger ging het er heftig aan toe. Dan stond het van hier tot aan de overkant vol met jongens die wilden voetballen. We deden altijd partijen van vijf tegen vijf. Als je met z'n vieren kwam opdraven, mocht je niet meedoen. Vaak moest je zo lang wachten, dat je tussendoor thuis kon douchen."

Geregeld werden teams uit andere wijken uitgedaagd. Grijnzend: "Wij wonnen altijd."

Onbevangen
Als het winter werd, verplaatste de groep zich naar sporthal De Pijp, waar zogeheten 'instuifmomenten' waren. Onder begeleiding mochten kinderen een balletje trappen. Daar was het dat de jonge Bouzit de zaalvoetballers van 't Knooppunt, toen nog een vriendenteam, voor het eerst in actie zag.

"Vanaf toen droomde ik ervan om bij hen te mogen spelen." Er was slechts één nadeel: 't Knooppunt had geen jeugdafdeling. En dus werd de 12-jarige Bouzit, die toen al als talent te boek stond bij AVV Swift, lid van de ASV Lebo.

Uiteindelijk won de liefde voor de zaal het van die voor het veld. "Ik hou van spelen in een kleine ruimte, dan kom ik meer aan de bal."

Op zijn zestiende maakte hij de overstap naar de club van zijn dromen, waar het eerste seniorenteam inmiddels was opgeklommen tot de eredivisie. "Alsof ik thuiskwam," zegt hij. "Elke voetballer speelt het liefst voor een club uit zijn eigen buurt."

Binnen vijf jaar groeide Bouzit, door teamgenoten omschreven als 'enorm bedreven', 'leergierig' en 'onbevangen', uit tot een vaste kracht binnen het team. Vorig jaar werd hij door collega's uit de competitie en de KNVB uitgeroepen tot Talent van de Eredivisie, net als twee jaar daarvoor.

En hij is genomineerd voor een Fanny, voor Talent van Amsterdam, naast Ajax-speler Matthijs de Ligt en zwemster Tes Schouten. "Het maakt me supertrots. De datum van het sportgala weet ik uit mijn hoofd. 18 december."

Sportieve revanche
De nominatie van Bouzit is een lichtpunt in een jaar dat overschaduwd leek te worden door ongeregeldheden tijdens de (verloren) bekerfinale tegen FC Marlène, vorig seizoen. Supporters bestormden het veld, waarop de KNVB dreigde de Amsterdammers uit de competitie te halen.

Die straf werd ingetrokken en 't Knooppunt haalde sportieve revanche met het eerste landskampioenschap in de clubgeschiedenis. Bouzit: "Ik ben heel wat gewend, maar niet dat supporters het veld op komen rennen. Dat heeft me erg aangegrepen. Gelukkig is 't Knooppunt een warme club, het blijft geweldig om voor ze te spelen."

Sinds die gebeurtenis werkt de club bij elke wedstrijd met een digitaal aanmeldformulier om zicht te hebben op wie er op de tribune zitten. Intussen trokken de spelers de goede lijn van vorig seizoen door.

In september werd voor het eerst de Supercup gewonnen en 't Knooppunt drong als tweede Nederlandse club in de geschiedenis (na Eindhoven) door tot de eliteronde van de Uefa Futsal Cup, de Champions League van het zaalvoetbal.

In het Italiaanse Pescara strijden de Amsterdammers deze week om plaatsing voor de knock-outfase. De eerste wedstrijd is vanavond tegen tweevoudig Europees kampioen FC Barcelona.

"Het wordt hard werken," zegt Bouzit. "Het zijn fullprofs. Zij trainen twee keer per dag, wij twee keer per week." Maar met een beetje Amsterdamse bluf is alles mogelijk. "Zeker weten."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden