Plus

Syrische vluchtelingen Shant en Hagop proberen positief te blijven

Een jaar geleden arriveerden de Syrische vluchtelingen Shant, Hagop en Mohammed in Nederland. Hun leven heeft al die tijd stil­gestaan, zeggen ze. Het valt niet mee om de spirit hoog te houden.

Hagop¿(l) en Shant (r) verblijven momenteel in Katwijk.Beeld Rink Hof

De kamer van Shant en Hagop in het asiel­zoekerscentrum in Katwijk ziet er troosteloos uit. Een deel van een wand is losgeraakt. Het gordijn hangt half uit de rails en er zitten brandplekken in de vloer. Het ziet er deprimerend uit.

De twee neven slapen in een stapelbed. De ­andere twee losse bedden zijn leeg. De twee ­kamergenoten die eerder in de kamer sliepen, zijn teruggestuurd naar Zweden en Spanje waar ze zich aanvankelijk hadden laten registreren.

Shant en Hagop (beiden christenen) kwamen samen met Mohammed (moslim), die ze in een bootje tussen Turkije en Griekenland leerden kennen, een jaar geleden in Nederland aan. De drie vrienden gingen samen naar een van de opvanglocaties in Zuidoost.

Halsoverkop naar Zweden

De vrienden hadden gezworen samen te blijven, maar Mohammed vertrok na ongeveer een maand halsoverkop naar Zweden. Het leek zijn vader beter als hij daar een verblijfs­vergunning zou aanvragen, omdat Zweden destijds permanente vergunningen verstrekte en gezins­hereniging mogelijk was.

Shant en Hagop ­bleven achter en gingen, net als veel andere vluchtelingen, van het ene asielzoekerscentrum naar het andere. Het ziet er nu naar uit dat ze naar Rijswijk moeten verhuizen. Nog verder van hun geliefde Amsterdam.

Terug naar Amsterdam
Het tweetal heeft er weinig trek in. Met hulp van een oudere vriendin die zich over hen heeft ontfermd, proberen ze alsnog naar Amsterdam terug te keren.

"We hebben zoveel redenen, ­bijvoorbeeld omdat de Armeense kerk in Amsterdam zit, maar het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers vindt dat argument niet goed ­genoeg. De kerk is geen familie, zeggen ze. Maar voor ons is dat wel zo," zegt Shant.

Dromen van carrière
Het jaar in Nederland is ondanks alle saaiheid omgevlogen, zeggen de jongens die de laatste maanden vaak bij vrienden verblijven die al een woning hebben gekregen in Amsterdam of Kerkrade.

Of ze weer naar Europa zouden vluchten? "O, ja. Beter dit dan oorlog. Er is niets meer in Syrië. Al onze vrienden en familie zijn weg," zegt ­Hagop, die nog steeds hoopt dat hij ooit kan ­leren voor politieagent. "Soms word je er moe van, maar ik probeer positief te blijven. Het zal ooit gaan lukken."

Nooit meer terug
Hagops familie - zijn vader is vermoord in de oorlog - woont in Armenië. Shants ouders zijn onlangs met zijn broertje en zusje naar Libanon gevlucht. Shant: "Nu is er een korte wapenstilstand in Syrië. Maar buiten de stad klinken er nog schoten en explosies, heb ik gehoord. Ik hoef niet meer terug."

De twee hebben af en toe contact met hun familie, al is de wifi in het asielzoekerscentrum slecht. Via de wifi van de fotograaf belt Shant even met zijn moeder, Milana. Ze spreekt geen Engels, maar Shant vertaalt.

Beter af in Nederland
Zijn moeder: "Ik mis mijn zoon heel erg en vertel hem steeds dat hij zijn droom moet naleven om voetballer te worden. Hij moet aan zijn toekomst denken. Want ik heb weinig hoop dat er ooit vrede komt in Syrië. Misschien over tien jaar. Hij is nu beter af in Nederland. Ik zie jullie land in mijn dromen."

De jongens bellen ook nog even met Mohammed in Zweden, met wie ze nog vaak contact hebben. Mohammed klinkt terneergeslagen. "Ik ben droevig," zegt hij door de telefoon.

Hij woont nog in hetzelfde voormalige hotel in Örnsköldsvik, maar gaat inmiddels niet meer naar school met Zweedse scholieren. "Ik ben negentien en mag niet meer naar school. Ik spreek Zweeds, maar heb nog steeds geen verblijfs­vergunning. Het ziet er slecht uit nu de Zweedse wet is veranderd en ik waarschijnlijk alleen een tijdelijke vergunning krijg."

Spijt van doorreis
Mohammed voelt zich niet gelukkig. Hij wil een studie volgen en zijn leven weer oppakken. "Ik mis mijn familie en vrienden. Hier heb ik niets te doen. Ik zit alleen maar en denk na. Dit is niet wat ik had verwacht een jaar geleden."

Achteraf was hij in Nederland beter af geweest, denkt hij. Hij heeft spijt van zijn doorreis naar Zweden. "Ik voel me slecht."

De verbinding is slecht en het gesprek is kort. Shant en Hagop horen zijn verhaal aan. Ze waren niet echt op de hoogte van Mohammeds pessimistische kijk op zijn toekomst in Zweden. "We praten nooit over droevige dingen," zeggen ze. Maar van één ding zijn ze overtuigd: "Gelukkig zijn wij hier gebleven, in Nederland."

De Syrische Mohammed Alobid (destijds 18) uit Aleppo belandde in Amsterdam. Het Parool volgt hem en zijn eveneens gevluchte vrienden Shant (19) en Hagop (20). Mohammed is
doorgereisd naar Zweden. Lees hier de voorgaande delen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden