Plus

Syrische vluchtelingen Shant en Hagop hebben een opmerkelijk Nederlands vocabulaire

Shant en Hagop beginnen een aardig woordje Nederlands te spreken. En dat niet alleen vanwege hun taalles. Hagop leert het ook in de fietsenwerkplaats waar hij als vrijwilliger werkt. Dat geeft een bijzondere woordenschat. 'Velglint, kettingkast, zadel, tandrad.'

Hagop en Shant, achterop, op weg naar de taalles in Boost aan de Ringdijk Beeld Rink Hof

Hagop komt rond het lunchuur de kamer van Shant, een voormalige cel in de oude Bijlmerbajes, binnenlopen. Hij is wat later omdat hij net terug is van zijn taalles in buurthuis Boost in de voormalige Lidwinaschool in de Watergraafsmeer.

Hagop is wat fanatieker dan Shant als het om de ochtendles gaat. De taallessen die Hagop drie tot vier keer in de week bijwoont, werpen hun vruchten af. Hij blijkt al een aardig woordje Nederlands te spreken. Welke woorden hij inmiddels allemaal kent? Hagop somt op: "Velglint, kettingkast, wiel, zadel, spaken, tandrad, binnenband en buitenband."

Het verrassende vocabulaire roept vragen op. Al snel komt de aap uit de mouw. Hagop is sinds een maand fietsenmaker in fietsenwerkplaats Smerig in De Pijp.

Vader
Hij is er vrijwilliger en leert niet alleen de kneepjes van het fietsenmakersvak maar breidt hier ook zijn woordenschat uit. Twee keer in de week is hij er te vinden. Hij wil de fietsenwerkplaats wel even laten zien. In Smerig begint Hagop meteen aan een fiets te sleutelen die aan een paar haken hangt. Hij voelt zich er wel senang.

"Ik ben er op mijn plek. Hier ben ik even terug in Syrië. Mijn overleden vader was automonteur en had altijd vieze handen. Hier is hij bij me," zegt Hagop, die nog in zijn proeftijd zit.

"Maar mijn vader wilde niet dat ik in zijn werkplaats kwam te werken. Jij moet naar school gaan, zei hij. En dat wil ik ook. Ik wil zo snel mogelijk studeren."

Banden plakken
Zijn collega Frits Venhuizen vertelt dat hij altijd Nederlands met Hagop spreekt. "Woorden als tandwiel, kettingkast of spaken kan ik beter in het Nederlands zeggen dan ze eerst in het Engels vertalen. Dat is veel makkelijker," zegt hij.

"Toen een fiets klaar was, zei ik tegen Hagop: 'Bel de klant maar op.' Hagop zei keurig in het Nederlands dat de fiets van de man klaar stond. Maar aan de andere kant van de lijn begrepen ze het niet. Bleek die klant een Engelsman te zijn."

Sabine Jansen, die al dertig jaar bij Smerig werkt, zegt dat Hagop het vak in de praktijk moet leren. "Hij moet zelf aanpakken. We leren hem natuurlijk wel eerst hoe hij een band moet plakken, een slag uit het wiel kan halen of de naaf van de fiets kan schoonmaken."

Hagop gaat vanmiddag samen met Shant terug naar Boost, voor een conversatieles. De neven gaan vandaag met vrijwilliger Joke Hoiting een gesprek voeren. De vrouw herkent hen uit de krant en blijkt op de hoogte te zijn van hun verhaal.

"Jullie zaten eerst in de noodopvang in de sporthal in Oost, gingen naar Katwijk en willen graag in de Riekerhaven tussen de Nederlandse jongeren wonen. Vertel eens."

Ze vraagt honderduit: of de mannen nog contact hebben met de Armeense kerk en hoe ze het plotselinge afscheid hebben ervaren van Mohammed, die halsoverkop naar Zweden vertrok. De vrouw begrijpt niet dat de beide mannen die inmiddels een jaar en vier maanden in Nederland verblijven nog steeds geen verblijfsvergunning hebben gekregen.

"De Armeense autoriteiten moeten nog onze papieren verstrekken," probeert Shant uit te leggen. "Een advocaat is bezig ons te helpen."

Verblijfsvergunning
Hun vriend Mohammed, die ze tijdens de oversteek van Turkije naar Griekenland in een bootje hebben ontmoet en ruim een jaar geleden naar Zweden is afgereisd, heeft zijn verblijfsvergunning inmiddels wel gekregen.

Hij is vorige maand teruggevlogen naar Dubai om wat vrienden te ontmoeten. Op Facebook heeft Mohammed onlangs een filmpje gezet waarin te zien is hoe hij juichend door zijn vrienden op de luchthaven wordt onthaald. Shant en Hagop kennen het filmpje.

Ze zijn blij voor Mohammed met wie ze nog steeds contact hebben. "Ja natuurlijk zijn we wel een beetje jaloers," zegt Hagop. Ook zij zouden dolgraag hun familie en vrienden na al die tijd weer even in de armen sluiten.

De Syrische Mohammed Alobid (destijds 18) uit Aleppo belandde in september 2015 in ­Amsterdam. Het Parool volgt hem en zijn ­eveneens gevluchte vrienden Shant en Hagop, inmiddels 19 en 20. Mohammed is doorgereisd naar Zweden.

Lees ook: Syrische vluchtelingen Shant en Hagop proberen positief te blijven [+] en Syrische vluchtelingen Shant en Hagop hebben eigen huis in zicht [+]

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden