Plus

Syrische Mohab bouwt app om andere vluchtelingen wegwijs te maken

Via een Facebookgroep ontmoet schrijver Thomas van Aalten de Syrische Mohab Katmeh (19), die vorig jaar uit Hama vluchtte en een app bouwde om nieuwkomers in Nederland op weg te helpen.

Mohab Katmeh woont als statushouder in een containerwoning in Amsterdam-Noord Beeld Marc Driessen

Ik bood me afgelopen zomer via een Faceboekgroep aan als chauffeur voor vluchtelingen die behoefte hadden aan afleiding, of juist een bezoek aan kennissen.

Ik wist dat sommige groepen uit elkaar vielen wanneer tijdelijke opvanglocaties werden opgeheven. Sandra benaderde me, zelf een dochter van ouders die ooit de Argentijnse dictatuur ontvluchtten. Ze werkte voorheen in de opvang in de Havenstraat en had de negentienjarige Mohab Katmeh tijdelijk in huis.

Ze zouden graag met haar twee zoons twee dagen kamperen 'ergens in Gelderland', want daar was het erg goedkoop. Ik pikte ze in Slotervaart op. Toevallig bleek de camping in Angeren te liggen, naast mijn geboortedorp Huissen - een plek die ik op mijn negentiende verliet.

Wapperende vlaggen
Terwijl we over slingerende dijken langs de weilanden ­reden, vertelde Mohab honderduit. Hij legde uit in wat voor een bureaucratisch web hij terecht was gekomen; hoe COA (Centraal Orgaan opvang Asielzoekers), IND (Immigratie- en naturalisatiedienst) en Vluchtelingenwerk ­elkaar regelmatig tegenspraken.

"Mijn broertje zit in ­Zweden. Daar zijn weer andere regels. Ik wil dolgraag mijn ouders weer zien, maar zij kunnen geen kant op. Ze zitten in Hama, twintig kilometer van Homs."

"Homs bestáát eenvoudigweg niet meer door de bombardementen. Assad steunen is wel het domste wat de internationale gemeenschap kan doen. Jij dacht dat IS erg was? Ik heb onder de wapperende vlaggen van Assad net zulke gruwelijke ­dingen gezien."

In Syrië ambieerde hij een carrière als IT'er, hij wilde ­programmeur worden. Daarom had hij nu plannen voor een app om vluchtelingen te helpen, met daarop in ­verschillende talen alle basisinformatie over protocollen en wet- en regelgeving over inschrijving, huisvesting, ­inburgering en links om de taal te oefenen.

Containerwoning
Mohab was het immers gewend om voor elke stap die hij zet eerst weer een formulier in te vullen; juist daarom wilde hij deze app bouwen. Dit is vluchten in de huidige eeuw. De smartphone is de moderne plunjezak, een belangrijke toegangspoort.

Een wonder: begin december heeft Mohab een containerwoning gevonden in Amsterdam-Noord. We zitten aan het raam en kijken uit over het IJ. Mohab heeft net weer een brief naar de IND gestuurd. Ieder familielid is min of meer vastgeketend aan de grillen van talloze verdragen, grenzen en protocollen.

"Ik ben er inmiddels achter dat er genoeg mensen zijn die me willen helpen, dat vind ik fijn. Maar overheden, waar ook ter ­wereld, ben ik gaan wantrouwen. Het lijkt alsof ze willen dat je je niet ontwikkelt." En dan heeft hij in Amsterdam nog geluk.

Hij is dankbaar voor de inzet van vrijwilligers en andere betrokkenen. Die hulp krijgen vluchtelingen niet altijd en overal, weet hij.

Martelingen
Mohabs vlucht begint in augustus 2015. Hij heeft op dat moment schoolexamens en moet op tijd zijn. Wie naar school gaat, hoeft voorlopig niet het leger in.

Hij vertelt hoe hij onderweg op straat in Hama staande wordt gehouden door drie militairen van het Assadregime, die hem met veel machtsvertoon naar zijn paspoort vragen. Hafez al-Assad, de vader van president Bashar al-Assad, drukte hier in 1982 een opstand bloederig de kop in ('The Hama massacre'). Veel van Mohabs familieleden werden daarbij vermoord.

Mohab: "Ik zei dat ik een belangrijk examen moest maken, ik mocht niet te laat komen. Een militair praatte wat in zijn walkietalkie om te overleggen." Waar de argwaan van de soldaten vandaan komt, weet Mohab niet, maar een van de militairen trekt zijn pistool.

Katmeh: 'Bulgarije was het allerergst. Alleen maar militairen die hun wapens op ons richtten' Beeld Marc Driessen

"Ik werd geblinddoekt en in een auto geduwd. Ik voelde dat de auto steeds sneller ging. Enkele minuten later werd ik een gebouw binnengebracht, nog steeds geblinddoekt." Hij hoort gegil en gekerm. Als een dier wordt hij in een ruimte gesmeten en daarna verhoord. 'Wie is je familie?' 'Wie is je god?' 'Assad is jouw god!'

"Na een week van ­martelingen werd ik ineens midden in de nacht uit mijn cel gehaald. Ze blinddoekten me weer en stopten me in een auto. Om mijn polsen kreeg ik een ­tiewrap. Nu ga ik dood, dacht ik. Ze schieten me ergens neer en laten me achter, zoals het leger van Assad al meerdere burgers in Hama doodde."

Terwijl de auto met hoge snelheid rijdt, wordt hij naar buiten gegooid. Voor de ­begraafplaats van zijn familie.

Bloedend en gehavend weet hij uiteindelijk het ouderlijk huis te bereiken. Moeder is in paniek. Dit wordt hun dood, haar zoon moet dit gebied verlaten. Mohab wil eerst niet, maar zijn moeder weet hem toch te overtuigen. De familie Katmeh besluit het huis te verkopen, en van het geld moeten de zoons dan naar Europa.

Crimineel
Mohab vertelt hoe allereerst vele ambtenaren moeten worden omgekocht om uiteindelijk een taxi van Hama naar Libanon te pakken, een rit van honderden kilometers. Dat is nog het makkelijkste deel.

Daarna volgt een boottocht naar Turkije, een trip in een volgestouwde vrachtwagen ("Baby's en hun jonge moeders werden ­bijna geplet"), een barre tocht in een rubberbootje naar het Griekse Samos, tussen de zoeklichten van de kustwachten.

Waar Mohab ook komt, steeds wordt hem door de overheden duidelijk gemaakt dat hij een crimineel is. "Bulgarije was het allerergst. Alleen maar militairen die hun grootste wapens op ons richtten."

Bureaucratische jungle
Mohab belandt uiteindelijk per trein in een vluchtelingenkamp in Wenen, naast het station. Het lijkt hem het ergst om te leven in quarantaine of in isolement, afgescheiden van de echte wereld - dan is hij liever dood. Van zijn laatste geld koopt hij een treinkaartje naar Duitsland.

"Toen werd ik ziek, ik moest bloed overgeven. De leden van het Weense opvangteam zeiden dat ik naar het ziekenhuis moest, maar de volgende ochtend ging mijn trein en mijn spullen lagen nog in het kamp." Nog met het infuus in zijn arm spoedt hij zich vanuit het ziekenhuis naar het kamp: zijn resterende geld en mobiele telefoon zijn gestolen.

Huilend zakt Mohab ineen in de stationshal van Wenen, waar een man in een oranje hesje zich over hem ontfermt. Het blijkt een Iraakse man. "Er vertrekt een trein naar ­Amsterdam," zei hij, "die moet je nemen. Houd je slapende als de conducteur komt, en zeg dan daarna verward dat je vriend verderop je kaartje heeft."

Downloaden
Dat besluit hij te doen. Uiteindelijk belandt hij eind september 2015 in de Havenstraat, waar hij vrijwilligster Sandra leert kennen en ervaringsdeskundige wordt in de bureaucratische jungle. "Misschien denken mensen dat vluchtelingen heel ­eenvoudig een uitkering en een huis krijgen, maar dat is ­absoluut niet zo."

Inmiddels is zijn app Refinfo te downloaden in de ­Android Playstore. In het begin liep het nog niet storm, maar op een gegeven moment ging het als een lopend vuurtje. De app is nu zo'n duizend keer gedownload.

"Ik ben op dit moment bezig met het omzetten van de teksten in Tigrinya, een taal die veel gebruikt wordt door Eritreeërs." Mohab zou zijn familie maar wat graag verwelkomen in Amsterdam-Noord. "Maar elke toegangsweg in ­Hama is zorgvuldig door het ­leger van ­Assad afgesloten. IS komt er misschien niet in, maar mijn familie komt er ook niet uit."

De app Refinfo is gratis te downloaden in de Playstore. De teksten zijn zowel in het Engels als het Arabisch.

Katmeh: 'IS komt er misschien niet in, maar mijn familie komt er ook niet uit' Beeld Marc Driessen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden