Plus Reportage

Studenten als rolmodel voor scholieren uit Zuidoost

Amsterdamse studenten helpen scholieren uit Zuidoost bij de voorbereiding op de Cito-toets. Zij zijn meteen rolmodellen voor de kinderen van wie bijna niemand nooit eerder een student heeft ontmoet.

Weekendschool in De Rozemarn in Zuidoost Beeld Elmer van der Marel

Het is zaterdagmiddag, maar de aula van basisschool De Rozemarn in Zuidoost zit gewoon vol met kinderen die hun vinger opsteken als juf Jillian Emanuels naar de hoofdstad van Canada vraagt.

Ottawa, zegt de jongen die de beurt krijgt, en hij krijgt meteen een goedkeurende klap op zijn rug van zijn buurman. Van welk land is Madrid de hoofdstad, wil juf Jillian nu weten. Weer overal vingers omhoog.

De reis rond de wereld is een klein onderdeel van het bijspijkerprogramma dat kinderen uit groep acht van de basisschool moet helpen bij de voorbereiding op de Cito-toets.

Meer dan veertig kinderen hebben zich aangemeld voor de zaterdagse bijlessen, die worden verzorgd door twintig studenten die zich als vrijwilliger hebben opgegeven bij het organiserende New Urban Collective (NUC).

Onder het gemiddelde
"Zuidoost is een van de stadsdelen waar de kinderen bij de Cito-toets flink onder het Amsterdams gemiddelde scoren," vertelt mede-oprichter Mitchell Esajas van NUC. "Met het mentorproject proberen we daar iets aan te doen. Dat lukt natuurlijk niet in alle gevallen, maar uit de resultaten van de afgelopen jaren blijkt dat een aantal kinderen dat heeft meegedaan boven verwachting heeft gepresteerd."

Alle hulp is welkom, want uit recent onderzoek blijkt dat kinderen uit de zwakkere sociaal-economische gezinnen vaker een lager schooladvies krijgen dan op basis van hun mogelijkheden mag worden verwacht. "Sociale ongelijkheid wordt gereproduceerd," stelt Esajas.

"Daarbij komt dat in het Nederlandse schoolsysteem al heel vroeg moet worden gekozen voor een vervolgopleiding. De Cito is nu niet meer leidend, maar de doorstroming is nog steeds gering."

Tijdens de twaalf zaterdagen van het mentorproject krijgen de kinderen intensieve begeleiding op de belangrijkste leergebieden: rekenen, begrijpend lezen, spelling en technisch lezen.

Algemene vorming
Een deel van de tijd wordt besteed aan algemene vorming, waarbij de nadruk ligt op de koloniale geschiedenis. "Daar wordt op de meeste scholen maar mondjesmaat aandacht aan besteed. Wij denken dat kennis van de eigen culturele achtergrond kinderen helpt de wereld te begrijpen en stevig in hun schoenen te staan."

Deze dag staat de geschiedenis van de Bijlmer op het programma. Gemeenteraadslid Simion Blom verzorgt een gastles over het ontstaan van de nieuwbouwwijk, waar vanaf het begin van de jaren zeventig grote groepen Surinamers arriveerden, als kwartiermakers voor migranten uit alle windstreken.

Bijlmer
Blom vraagt de scholieren waaraan zij als eerste denken als zij het woord Bijlmer horen. Vingers omhoog: schietpartijen, drugs, flats, Kwakoe. Blom, zelf kind van de Bijlmer, vertelt dat hij terugkijkt op een plezierige jeugd. "Het slechte is er, maar er is ook heel veel goeds."

Een van de doelen van het mentorproject is de kinderen op een speelse manier te prikkelen kritisch na te denken. Bijvoorbeeld over de beeldvorming over hun Bijlmer, maar ook over de invloeden uit de eigen omgeving. "Ik erger mij geregeld aan de keiharde teksten van rappers die onder scholieren razend populair zijn," vertelt Esajas.

"Dat stoere gedrag straalt niet uit dat het oké is om gewoon je best te doen op school en goede cijfers te halen. Wij proberen daar iets tegenover te zetten: dat een studie kan helpen mooie dingen te bereiken."

Groter dan Zuidoost
Het mentorproject moet kinderen ook duidelijk maken dat de wereld groter is dan Zuidoost, en dat daarbuiten ook van alles te vinden en te veroveren valt. Esajas, in het dagelijks leven studiecoördinator op de Universiteit van Amsterdam:

"Op de universiteit kan ik de donkere studenten op de vingers van twee handen tellen. We hebben één zwarte professor in Nederland. Veel kinderen in het project hebben nooit eerder een student ontmoet. De universitaire wereld is voor hen letterlijk een onbekende en onbereikbare wereld."

De jonge vrijwilligers van het New Urban Collective zijn daardoor ook rolmodellen.

"Als je kinderen uit de Bijlmer vraagt naar hun droombaan, hoor je vaak: rapper, voetballer of danseres. In Zuid of Centrum worden kinderen door hun hele omgeving gestimuleerd te gaan studeren. In andere stadsdelen is daar geen sprake van. Ik heb vijftig neven en nichten, maar ik was de eerste die een universitaire studie ging doen."

Boeken
Esajas (28) groeide op in Nieuw-West en studeerde Bedrijfswetenschappen en Antropologie aan de Vrije Universiteit. "Ik had het geluk dat mijn moeder mij van jongs af boeken in de hand drukte. Ik had iemand die sterk in mij geloofde. Maar op de universiteit was ik geregeld de enige donkere student in de collegezaal. Mijn vrienden uit het voortgezet onderwijs zaten allemaal op het ROC. Het kostte mij ook wel moeite een andere weg in te slaan."

Het mentorproject, zegt Esajas, moet kinderen het opstapje verschaffen dat hij en zijn leeftijdsgenoten vroeger hebben moeten missen.

"Anders dan in de Verenigde Staten heeft de zwarte gemeenschap in Nederland nooit een emancipatorische beweging gekend. Dit project is een bescheiden poging kinderen aan te sporen om het beste uit zichzelf te halen."

Dit is de tweede aflevering van een serie over ongelijkheid in de stad. Het eerste deel ging over de verschillende kansen op een ongestoorde ontwikkeling [+]

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden