Column

Stilte is toch helemaal niet alleen voorbehouden aan gelovigen?

Roos Schlikker (1975) is journalist en schrijfster van boeken en toneelstukken, waaronder recentelijk nog Ajax, Mijn Club (2015). Elke zaterdag lees je hier haar column uit Het Parool. Vandaag: sinds wanneer is stil zijn een religieuze daad?

Roos Schlikker. Beeld Het Parool

Heeft u deze herfstvakantie af en toe doelloos voor u uit gestaard? Of heeft u tijdens een boswandeling geluisterd naar het gefluister in uw hoofd? Heeft u misschien een meditatie-appje op uw telefoon? En zet u in de auto de radio soms uit, om in alle rust een half uurtje te mijmeren?

Is het antwoord op een van deze vragen bevestigend, weet dan dat u diep religieus bezig bent geweest. Ja, ik had ook geen idee, maar bewust de stilte opzoeken is een gelovige daad.

Dat lijkt althans de Universiteit van Amsterdam te denken. Een groepje studenten heeft het goedmoedige idee opgevat een zaaltje dat leegstond in te richten als stiltecentrum. Ze hebben in alle studie- en multimedia­geweld behoefte aan een plekje waar ze kunnen nadenken, mediteren of domweg een potje dagdromen.

Mag niet.

Want, zo zei hoofddocent staatsrecht Carla Zoethout in studentenblad Folia: 'Contemplatie, meditatie, aanbidding van god valt eenvoudigweg buiten het mandaat van een universiteit.'

Sorry? Stond dat er echt? Ik snap dat het niet de bedoeling is dat je op een seculiere universiteit voortdurend je kleedje uitrolt om richting Mekka te bidden of drie uur weesgegroetjes zit te maken met een kloeke rozenkrans om je nek, maar als je zaken overdenken gelijk schaart aan aanbidding van god, maak je wel een heel grote denkfout.

Ik had gewild dat ik tijdens mijn studie Nederlands meer had gecontempleerd. Ik hield me destijds voornamelijk bezig met de edele kunst van het zoenen en zuipen, zonder stil te staan bij wat de lesstof me allemaal te bieden had. Nu moesten wij ook proefschriften doorwerken met titels als Wat betekent toch toch? dus dat we afleiding zochten was niet raar. (Puur het feit dat er blijkbaar promovendi zijn die zich jarenlang verdiepen in alle mogelijke betekenissen van het woordje toch, verdient al een hoop contemplatie overigens, maar dit terzijde.)

Maar een universiteit biedt toch niet alleen colleges en syllabi? Studentenjaren zijn dé tijd van zelfontwikkeling, ontplooiing, bedenken wie je bent en wat alle academische kennis werkelijk betekent. Daar heb je soms rust aan je kop voor nodig, rust die je in een overvol ­hormoongedreven studentenhuis niet vindt.

Ik snap dat een universiteit geloofsneutraliteit zwaarwegend vindt. Sinds wanneer echter is stil zijn een louter religieuze daad? Er zijn ook religies die voorschrijven geen vlees te eten en toch neem ik aan dat de mensa geen vegetarische maaltijden verbiedt. En stiltecoupés in treinen trouwens? Moeten we die ook beschouwen als duistere gebedsholen?

Juist in deze extreem luidruchtige tijd is de roep om stilte urgenter dan ooit. Zou het angst zijn waardoor de UvA de deur zo hard dichtsmijt? Zijn we dermate geloofsbang geworden dat zelfs een potje mijmeren al gevaarlijk klinkt? Maar stilte is toch helemaal niet alleen voorbehouden aan gelovigen? Sterker, van sommige rabiate ­religieuze haatfiguren zou je juist willen dat ze wat vaker hun snavel hielden.

Vroeger riep een leraar nog wel eens keihard: 'Stilte!' in de klas. Wat ironisch dat het nu de studenten zijn die niet worden gehoord.

Wilt u reageren op deze column? Dat kan. Scroll een beetje naar beneden om een reactie te plaatsen of stuur een mail.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.