Oproep

Smulpaap gezocht

Kookt u graag? En schrijft u gemakkelijk? Dan heeft u nu de kans één keer per week de PS-rubriek Smulpapen te maken. Maar maak nooit een stukje over een gerecht dat u nog niet heeft gemaakt en geproefd.

Hiske VersprilleBeeld Lukas Göbel

Smulpapen houden van veel en vooral lekker eten. En dus groeit de buik van onze culinair recensent en smulpaap Hiske Versprille. In dit geval komt dat niet alléén door de vele culinaire hoogstandjes en dieptepuntjes die zij proeft voor deze krant. Versprille wordt moeder en gaat daarom binnenkort met zwangerschapsverlof.

Dat betekent dat Het Parool op zoek is naar een nieuwe (tijdelijke) Smulpaap. Daarvoor doen we een beroep op onze lezers. Acht weken zal de rubriek worden gemaakt door de Amsterdamse smulpaap met de leukste inzending. De jury bestaat uit de PS-redactie en Hiske Versprille.

Nu zijn we de flauwste niet en helpen we u graag even op weg. 'We', dat zijn Samuel Levie, Tom Kellerhuis en Xandra van Gelder: uw toekomstige collega's. En uiteraard geeft Versprille ook nog een paar tips.

Voor de mensen die de rubriek Smulpapen nog niet kennen eerst nog wat uitleg. Wekelijks schrijft de smulpaap - passie voor koken is handig, een fijne pen is een pré - een rubriek waarin hij/zij een gerecht aandraagt. De rubriek bestaat altijd uit twee delen. Eén deel mag u vrij invullen in de vorm van een column van ongeveer 275 woorden. Dit gedeelte heeft altijd een raakvlak met het gerecht dat u aandraagt, maar mag best ingaan op andere zaken.

Het andere deel van de rubriek is de receptuur en de bereidingswijze van het gerecht. Hiervoor heeft u in totaal 175 woorden. Voor zowel de column als de receptuur geldt: u mag best een paar woorden afwijken van het gewenste aantal, maar sla niet door.

Actuele aanleiding
'Ik schrijf ook wel eens dertig woorden te veel, maar dan krijg ik straf van de eindredactie. Dat raad ik niemand aan,' zegt Smulpaap Samuel Levie (van worstmakers Brandt & Levie). 'De uitdaging ligt voor mij vooral in het vinden van recepten met een actuele aanleiding. Tijdens de hele paardenvlees-gate juist een gerecht aandragen waarin paardenvlees wordt gebruikt, bijvoorbeeld.'

Het is daarnaast leuk als je in de column een inkijkje geeft in je eigen leven, vindt Levie. 'Ik schreef eens over het gerecht brandade. Het weken van de klipvis die ik daarvoor gebruikte werd een groot fiasco - de badkamer, waar de vis lag te weken, overstroomde. Een lang verhaal, maar ik denk dat mensen het leuk vinden om dat te lezen.'

Overigens vindt Levie het geen probleem om een kookboek te gebruiken voor de rubriek. 'Je ideeën moeten toch ergens vandaan komen. Mits er een eigen twist aan is gegeven, kan dat best een keer.'

Succesnummers
Die mening deelt Xandra van Gelder, een andere Smulpaap. 'Voor mij zijn kookboeken vooral een inspiratiebron. Ik schrijf voornamelijk over zoet en desserts. Daarbij experimenteer ik vaak met de hoeveelheid suiker, omdat veel recepten te zoet zijn.'

Het allerbelangrijkste is dat je plezier hebt in eten en koken, maar alleen daarmee red je het niet, volgens Van Gelder. 'Ik denk dat het opschrijven het lastigst is. De column moet sprankelend zijn en ervoor zorgen dat de lezer even blijft hangen. Het is maar een kort stukje, dus zorg ervoor dat je het bondig opschrijft en toch geen stappen overslaat bij de bereidingswijze.'

Smulpaap nummer drie, Tom Kellerhuis, haalt zijn inspiratie vooral uit eigen ervaringen in de horeca. 'Ik eet drie à vier keer per week buiten de deur en kom dan heel veel interessante gerechten tegen. Wat belangrijk is: je schrijft voor de hobbykok. Maak het dus niet te ingewikkeld. En als het wel ingewikkeld is, versimpel het dan met ingrediënten die wél te krijgen zijn bij de Albert Heijn.'

Hiske
En dan nog Hiske Versprille. Ook niet bepaald kleine schoenen om te vullen. 'Nou, dat valt wel mee,' zegt ze. 'Iedereen kookt en iedereen heeft een paar succesnummers die hij goed beheerst. Net zoals je die recepten normaal tegen je vrienden vertelt, kun je die nu in columnvorm aan iets meer mensen vertellen.'

Het is daarbij een goed idee om je te richten op een bepaald deel van de keuken, denkt Versprille. 'Ik ben bijvoorbeeld minder thuis in patisserie, dus schrijf ik daar minder over. Als je het beheerst, kan een goede Italiaanse tomatensaus best een basis zijn voor een stukje, maar dan moet je heel specifiek uitleggen hoelang je precies de uien stooft, wanneer de tomaten erbij gaan, enzovoorts.'

Versprille waarschuwt daarnaast - net als Levie, Van Gelder en Kellerhuis - voor de allergrootste valkuil van een Smulpaap: 'Maak nóóit een stukje over een gerecht dat je nog niet gemaakt en geproefd hebt. Dat valt altijd verkeerd uit. Verder kan ik verwijzen naar de tips die mijn mede-Smulpapen geven. Het lijkt me leuk om eens te lezen hoe andere mensen in hun keukentjes te werk gaan, ik ben heel benieuwd naar de inzendingen.'


VOORBEELD: Naar het bliss point

Hiske Versprille is principieel omnivoor en kookt stoere gerechten in haar rommelige keukentje.

Er zijn van die dingen met precies de goede verhoudingen zout, suiker en vet, die zo verslavend lekker zijn dat je ogen er een beetje lammig van naar achteren rollen, alsof je een straatkind bent dat net een snuif lijm heeft genomen.

Het bliss point, noemen ze dat in de voedselindustrie; de term bestaat al tientallen jaren, maar werd bekend door de Amerikaan Michael Moss. Die schreef het verbijsterende boek Salt, sugar, fat, dat vorig jaar vertaald werd in het Nederlands. Hij beschrijft uitgebreid de strapatsen die de Unilevers, de Nestlés en de Coca-Cola's uithalen om ons zo veel mogelijk van hun producten te laten kopen. Dat 'dit is té lekker'-gevoel bij gezouten karamel? Dat 'die zak moet leeg'-gevoel bij paprikachips? Allemaal minutieus uitgestippeld.

Het is onze domme genetische make-up, vertelt Moss, die ons zo ontvankelijk maakt voor ongezonde dingen. Eten we zoet, vet of zout, dan gaan de hemelse belletjes van ons beloningscentrum rinkelen. Precies de juiste cocktail van de drie, en een verrukkelijke symfonie van oeroud hoeragetoeter barst los.

Maar voordat er Unilevers waren, waren er natuurlijk óók al mensen die ons dat fijne gevoel konden bezorgen. Die mensen heetten koks, of moeders. Het enige verschil was dat zij ons niet wilden aanzetten tot overeten, maar gewoon tot heel erg lekker eten. Deze cheesecake bijvoorbeeld. Zoet? Check. Zout? Check. Vet? Present. Eén blik op de receptuur en je weet dat je hier beter niet meer dan één overheerlijk stukje van kunt eten, dichtgroeiwise.

Het recept, dat ik ietsje heb aangepast, komt van de geweldige kok Sara Dyson, die ik nog ken uit restaurant Toscanini en die nu vanuit Split het kookblog Nomad With Cookies schrijft. Eet als lunch-, borrel- of voorgerecht met bijvoorbeeld met een salade van rucola, witlof, appel en een goed zure citroendressing.

Beeld Het Parool
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden