PlusColumn

Slotervaartziekenhuis: het sterfhuis van mijn vader

Theodor Holman Beeld Wolff
Theodor HolmanBeeld Wolff

Het Slotervaartziekenhuis. Ze hadden gezegd dat hij op de intensive care lag. Een zuster zei dat ik een mondkapje voor moest - en ik geloof dat ik ook een muts op moest.

Ik voelde me vreemd toen ik naar het eerste bed liep. Nee, daar lag hij niet. In de volgende bedden lag hij ook niet.

"Zuster?" vroeg ik, "weet u waar mijn vader ligt? Mijnheer P. Th. Holman?"

Ze keek in wat papieren en zei: "Die ligt gewoon op zaal."

Daar stond ik in mijn vreemde uitdossing.

Even later stond ik, samen met mijn familie, aan het bed van mijn vader. Hij moest ­lachen om mijn gestuntel. "Typisch jij," zei hij.

Mijn moeder hield zijn handen vast, waarvoor hij zich enigszins geneerde. Mijn broer en zuster spraken hem moed in. Ik keek wat van hem weg want ik kon niet goed tegen al die metertjes en piepjes.

Opeens moesten we afscheid nemen.

Ik gaf hem een kus en vroeg: "Ben je bang?"

Nee, hij was niet bang. Zo zag hij er ook niet uit. Nu ik zo vlak bij zijn gezicht was, viel me op dat zijn lippen inktblauw waren en z'n teint grijs. Ik gaf hem nog een kus.

"Tot morgen," zei ik.

"Tot morgen."

Die nacht kreeg hij weer een hartaanval en stierf.

We stonden om hem heen. Mijn moeder begon hem te kussen - en God weet waarom, maar ik probeerde haar wat ­afstand van het lijk te laten ­nemen en trok haar weg. Mijn broer hield me tegen.

"Wij ­laten mamma even alleen met pappa," zei hij. En zo zaten mijn zus en broer en ik in de gang waar diensten werden overgenomen en wij voortdurend werden gecondoleerd.

Sindsdien is het Slotervaart het sterfhuis van mijn vader en ik ben niet zo'n liefhebber van sterfhuizen. Toen ik er zelf voor een ingreep naar toe moest, was ik wat angstig. Toch zocht ik toen de kamer op waar mijn vader was over­leden.

En nu is het Slotervaart failliet. Het ziekenhuis komt waarschijnlijk niet terug. Het hoort erbij: in de straat waar ik ben geboren zijn alleen de huizen hetzelfde. Alles is veranderd of weg.

Amen.

Maar ach, ik moet niet zeuren. Het gebouw waar mijn moeder is overleden, werd een prachtig museum, zoiets zou mijn vader ook verdienen.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden