Slijmerige nederigheid

Politici gebruiken het steeds vaker: het werkwoord mogen. En dan meestal in de betekenis van koningin Juliana: 'Wie ben ik dat ik dit mag doen?'

'In het jaar dat ik wethouder heb mogen zijn.'

'Gedurende de tijd dat ik partijleider heb mogen zijn.'

Een kind mag een snoepje eten. Dat betekent dat het eerst niet mocht en nu wel.

Mogen is dat een ander jou iets gunt. Je ziet mogen en gunnen dan ook vaak naast elkaar gebruikt worden. 'In het jaar dat het mij gegund was wethouder te mogen zijn.'

En van wie mag de wethouder of partijleider dan wethouder of partijleider zijn? 'Van de kiezer,' zal hij zeggen.

Het politieke mogen wordt gebruikt alsof de kiezer een belangrijk, verantwoordelijk mandaat heeft verleend. Maar dat is helemaal niet zo. Bij het wethouder, partijleider, minister of minister-president zijn gaat het om in een democratie noodzakelijke baantjes, die nu eenmaal verdeeld moeten worden op basis van verkiezingen. Daar vechten politici om.

Politici van christelijken huize gebruiken voor alles dat mogen en gunnen. Dat zij dat ambt mochten bekleden, dat zij die vraag mochten stellen, dat zij in de nabijheid van Zijne Koninklijke Hoogheid mochten verkeren, het is ze allemaal gegund.

Door subtiel weg te laten door wie ze dat dan wel gegund is, wekken ze de suggestie dat een Hogere Macht in het spel is. Zij mogen dit doen; het is ze gegund door God. 'Ik ben zeer verheugd dat mij is gegund dat wij dit met elkaar mogen doen.'

Erger kan niet. Als je politici dit hoort zeggen, voelen ze zich in feite boven alles verheven. Zij denken: ik mag blijkbaar iets doen wat u niet mag doen; mij is namelijk iets gegund wat u niet is gegund. Het is ook vaak slijmerige nederigheid. Politici doen het voorkomen alsof iedereen dat baantje wel wilde hebben, maar dat zij zijn uitverkoren. Het is ze ­gegund en zij mogen de boel opknappen.

Met politici die vinden dat ze iets mogen doen, moet je dubbel uitkijken. Een kind dat een snoepje mag nemen, zal zonder vragen het volgende snoepje uit de pot pakken, totdat mamma of pappa zegt: 'Nu niet meer!' Een politicus doet dat ook en zal net zo lang met zijn hand in de pot zitten totdat hij door de recherche wordt betrapt.

 
Politici van christelijken huize gebruiken voor alles dat mogen en gunnen.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden