Slavernijmuseum weer een stap dichterbij

Het jaar van opening durft niemand nog te noemen, maar de eerste contouren van het slavernijmuseum worden zichtbaar.

Het gemeentebestuur heeft drie organisaties gevraagd samen te werken aan een plan Beeld anp

Het Amsterdamse slavernijmuseum is weer een stap dichterbij gekomen. Het gemeentebestuur heeft drie organisaties gevraagd samen te werken aan een plan voor een museum dat de geschie­denis en de gevolgen van het slavernijverleden in beeld moet brengen.

Gekozen zijn slavernij-instituut Ninsee, stichting Museum zonder Muren en sociaal innovatiebureau IZI Solutions.

Het drietal is geselecteerd uit veertien partijen die vorig jaar gehoor hebben gegeven aan de oproep van de gemeente om plannen in te dienen. Een commissie onder leiding van voormalig Kamerlid Kathleen Ferrier heeft in de afgelopen maanden alle ingezonden ideeën bestudeerd en een keuze gemaakt.

De beslissing maakt voor het eerst de contouren zichtbaar van het slavernijmuseum.

Gevoelig
Daniël Metz van Museum zonder Muren kwam met het plan het onderdeel te maken van het park dat op de Kop van Java moet komen. Het gebouw komt wat hem betreft half in het water te liggen, zodat er een zichtbare verbinding ontstaat met de haven, de scheepvaart en de trans-Atlantische slavernijroutes.

In het gebouw komt volgens Metz een tentoonstellingsruimte in combinatie met een kenniscentrum. De commissie toonde zich gevoelig voor de gekozen plek, een A-locatie in het centrum van de stad.

Metz ziet dat als een voorwaarde om het museum ingebed te laten raken in de Nederlandse samenleving. De combinatie met het park kan ervoor zorgen dat ook toevallige passanten een kijkje komen nemen.

Het ingediende voorstel van IZI Solutions was een museumhuis met tien kamers die elk op een andere manier stilstaan bij het slavernijverleden en de Afro-Caraïbische gemeenschap in Nederland.

IZI Solutions is de organisatie van Dionne Abdoelhafiezkhan die vorige maand nog de Nieuw Amsterdam Prijs in ontvangst mocht nemen voor haar rol als verbinder tussen generaties.

De drie organisaties hebben al aangegeven samen verder te willen gaan. Op advies van de commissie zullen twee procesbegeleiders worden ingeschakeld om hen te helpen bij het bundelen van de plannen.

Derde partij is het Ninsee. Het nationaal slavernij-instituut diende een voorstel in voor een museaal centrum voor tentoonstellingen, performances en debat.

De hand van directeur Urwin Vyent is duidelijk zichtbaar in het voorstel om de tot slaaf gemaakten niet als slachtoffer af te schilderen, maar als sterke overlevers. Ook de beeldvorming moet van zijn ketenen worden ontdaan, aldus het Ninsee.

Pril begin
Commissievoorzitter Ferrier spreekt van drie krachtige voorstellen die samen tot iets heel moois kunnen leiden. "Maar we staan nog aan het prille begin. De ervaring leert dat een sterke start cruciaal is voor de kansen van een museum. Daar moeten we ons dus nu op richten." Op advies van de commissie staan twee proces­begeleiders de organisaties bij.

Allerlei andere voorstellen haalden het niet. Afgewezen zijn onder andere een slavenschip van plexiglas met gipsen beelden van slaven, een replica van het slavenschip Leusden naast het Scheepvaartmuseum, een museum waar door middel van zang, dans en beweging zowel wederzijds begrip wordt bevorderd als kennis over het slavernijverleden gedeeld.

Tip Het Parool

Heb je een nieuwstip of nieuwsfoto? Voeg ons toe op Whatsapp. Liever mailen of anoniem tippen? Bekijk hier hoe dat kan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden