Plus PS

Ronde van de Orteliusstraat om het leven te vieren

In het Amsterdam van na de oorlog werd de vrijheid gevierd met wielerstraatrondes. Zondag wordt de Ronde van de Orteliusstraat, na 63 jaar, in ere hersteld.

De Hartjesdagronde, hier in augustus 1971, startte op de Dappermarkt Beeld Nationaal Archief

"De Ronde van de Markthallen, de Ronde van het Vondelpark, de Hartjesdagronde, de Ronde van de Elandsgracht," zegt André Stuyfersant, sportschrijver en gespecialiseerd in het oude wielrennen. "In de hoogtijdagen na de oorlog had elke buurt zijn straatronde. Het waren zeker vijftien races."

In de volle, dichtgeslibde stad is het tegenwoordig niet meer voor te stellen, maar een halve eeuw geleden raasde elke zondag een peloton aan fietsers dwars door Amsterdam. Straten werden afgezet en buurten vierden hun rondje.

Bevrijdingsfeesten
De criteriums vonden hun oorsprong kort na de oorlog. Nederland was bevrijd, maar geld om dat echt te vieren had niemand in de lade liggen. "De oplossing lag bij de ­bevrijdingsfeesten," zegt Stuyfersant. "Wielrennen was in die tijd een echte volkssport. Een criterium was eenvoudig te organiseren en het kostte weinig geld. In tegenstelling tot voetbalwedstrijden konden Amsterdammers gratis naar de straatrondes kijken en de prijzen werden door ­organisatoren in natura aangeboden."

Om verschillende redenen stierven de straatkoersen een langzame dood. De Ronde van de Orteliusstraat in West stopte in 1954. Andere koersen verdwenen later. De Ronde van het Purmerplein (Noord) hield het het langst vol en werd enkele jaren geleden voor het laatst verreden. Met het verdwijnen van het laatste rondje was de teloorgang compleet.

In de jaren vijftig klaagde de brandweer over de criteriums. De races trokken veel publiek en wegen waren afgezet. Deze factoren maakten het brandweerlieden onmogelijk tijdig bij grote branden te komen. Daarnaast werd de drukte in Amsterdam groter, straten afzetten bleek een enorme opgave. Ook kwamen er steeds meer verkeersdrempels en andere hindernissen die koersen levens­gevaarlijk maakten.

Toen de Nederlandse wielerbond KNWU voorwaarden ging stellen aan het prijzengeld, kregen de verschillende organisatoren het nog moeilijker. Het vereiste minimum aan startgeld bleek soms onhaalbaar.

Als de dood voor bochten
"Het is zonde dat het zo is geëindigd," zegt Stuyfersant. "De sfeer van het volksfeest verdween uit de stad, terwijl ook niet-wielerliefhebbers ervan genoten. Het leven werd gevierd. De sport was aanraakbaar en hoorde echt bij ­Amsterdam. De bakkersknecht en de slagersjongen uit de buurt streden tegen elkaar op de fiets."

Stuyfersant was zelf ook enkele keren deelnemer van een criterium. "Wat dat betreft mis ik de straatkoersen niet. Ik was als de dood voor de krappe bochten waar we met tientallen renners doorheen moesten. Anderen scheerden met de oorlellen over de stoepranden, dat durfde ik niet. Ik was meer van de lange, rechte stukken. Het is vloeken in de kerk, maar voor het wielrennen is het een zegen dat de straatkoersen zijn verdwenen. Het was zo specialistisch met remmen, aanzetten, weer remmen, weer aanzetten, dat de criteriumrenners nooit mee konden in de grote koersen op de weg."

Ereronde
Oud-wereldkampioen Piet van Heusden (87) zal het verdwijnen van zijn geliefde straatrondes nooit 'een zege voor de sport' noemen. Hij stapte graag op de fiets voor de straatrondes en is zondag, bij de herboren Ronde van de Orteliusstraat, het grote boegbeeld. Een van de wedstrijden draagt zelfs de naam 'GP Piet van Heusden'. En naast het uitreiken van bokalen fietst de ras-Amsterdammer, op een fiets uit de jaren vijftig, ook nog een ereronde over het kilometerlange parcours.

Van Heusden is van oorsprong een baanwielrenner, maar fietste in de zomers bij de straatkoersen complete kerstpakketten bij elkaar. Kilo's worst en ­gehakt, broden, maar ook producten uit het hogere segment, zoals horloges en strijkijzers van de middenstander uit de buurt, won hij. "Ik doneerde bijna alles aan mijn moeder," zegt Van Heusden. "Tot mijn 24ste woonde ik thuis en het was gebruikelijk om kostgeld te betalen. Dit was mijn manier van betalen."

Net als Stuyfersant merkt Van Heusden op dat het wielrennen geëvolueerd is. De straatrondes hebben plaats­gemaakt voor toertochten en vaste afgezette parcoursen zoals in Sloten het geval is. Daar kan door wielrenners elk weekend laagdrempelig een koers worden gereden. Vrijwilligers zijn veel minder nodig dan bij straatkoersen, waar op elke hoek en bij elk kruispunt minimaal een ­persoon moest staan om de veiligheid te garanderen.

Verschrikking
Van Heusden voelt zich vereerd dat hij op zijn oude dag in het zonnetje wordt gezet tijdens de Ronde van de ­Orteliusstraat. Tussen 1937 en 1955 woonde hij om de hoek, op het Mercatorplein. "Aanvankelijk was ik niet zo optimistisch over het plan om de Ronde nieuw leven in te blazen. Maar ik ben daardoor misschien wel extra verheugd dat het gelukt is. Ik keer voor één dag terug naar mijn jeugd. Daar wil ik niets van missen."

Na zijn actieve wielercarrière organiseerde Van Heusden zelf ook straatkoersen. "Dat was een makkie vergeleken met tegenwoordig. Destijds hoefde maar een auto uit de straat te worden gereden, nu staat het bomvol."

Dat Van Heusden nauw betrokken is bij de vernieuwde Ronde van de Orteliusstraat is geen toeval. Hij is eigenlijk de laatste wielrenner die symbool staat voor een periode waarin Amsterdam de bakermat van de sport was. Henk Faanhof, net als Van Heusden voormalig wereldkampioen en gezicht van die tijd, overleed twee jaar geleden.

Drijvende kracht
Een van de organisatoren, Rim Voorhaar (47), vond nog een reden om Van Heusden te eren. "Hij werd in 1952 ­wereldkampioen. Die titel gaat dus dit jaar officieel met pensioen."

Voorhaar, samen met Niels Wouters en Paulien Willems de drijvende kracht achter de Ronde van de Orteliusstraat, werd door zijn inmiddels overleden bovenbuurman Theo Schoumans op het idee gebracht de wielerkoers te ­organiseren.

"Theo vertelde me in zijn laatste periode over de wedstrijd die in mijn eigen Orteliusstraat werd gereden," zegt Voorhaar. "Theo zou het zo fijn hebben gevonden dat ­Amsterdammers dat nog een keer kunnen meemaken. Verschrikkelijk jammer dat de geestelijk vader het niet meer kan zien."

In zijn jeugd kwam Voorhaar veel op bezoek bij zijn oma in De Baarsjes. Daarna, als student in de jaren negentig, zag hij de buurt afglijden. "Toen wilde niemand in deze straten wonen. Het was een verschrikking. Inmiddels gaat het juist hartstikke goed en behoort De Baarsjes tot het ­populairste deel van de stad."

Voorhaar, niet wars van historisch besef, vond dat ­genoeg reden om voor zijn buurtbewoners een feest te ­organiseren met de fiets als verbindende factor. Het dagprogramma heeft, naast de verschillende wielerwedstrijden, het karakter van een festival met muziek, eten en ­ander vertier.

Eerbetoon aan vervlogen tijden
Net als de organisatoren uit het verleden kreeg Voorhaar ook te maken met de kenmerken van Amsterdam. Het ­parcours van een kilometer lang moet volledig autovrij ­gemaakt worden en een verkeersdrempel in een bocht wordt weggewerkt.

"Die vormen het grootste probleem. Gelukkig hebben we Hotel Ramada bij het Rembrandtpark bereid gevonden hun parkeergelegenheid open te stellen voor bewoners van De Baarsjes. De gemeente snijdt de verhoging uit een bocht naar rechts in de Schoutenstraat. Daarna staat niets ons meer in de weg om net als vroeger met de Ronde van de Orteliusstraat het leven, de wijk en de voorspoed te vieren."

Met Van Heusden en de zoon en kleinzoon van Theo Schoumans als genodigden, is het bovendien een eer­betoon aan vervlogen tijden.

"Maar bovenal is het feest," zegt Voorhaar. "Eigenlijk is het wielrennen bij de Ronde van de Orteliusstraat een ­lange aanloop naar samen aan tafel zitten om te eten en te drinken."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden