Plus Reportage

Riooljournalistiek: een dagje mee in de Amsterdamse put

Alles wat in de stad door gootsteen, doucheputje of toilet spoelt, komt terecht in het 4100 kilometer lange rioolnetwerk. De putwacht van Waternet probeert met een verfkrabber de buizen schoon te houden.

In het Amsterdamse riool Beeld Marc Driessen

Zou de stank te houden zijn? En waar zou het naar ruiken? Als een extreem smerig toilet? Vergelijkbaar met de intens zure lucht die je ruikt als je per ongeluk je fiets te dicht bij een plaskruis stalt? En dan die geur maal tien. Of zou het een klassiekere stank zijn?

Rottende eieren of bedorven boter. Met wellicht een vleugje ammoniak. En zou je, als je diep genoeg door je neus inademt, misschien ook nog de bloemtinten kunnen ruiken? Een beetje lavendel misschien? Ook douchewater en het sopwater van wasmachines komen namelijk in het riool terecht.

In het riool
Via een putdeksel op de Mauritskade, ter hoogte van Hotel Arena, is het mogelijk om af te dalen in het Amsterdamse riool. Daar, zo'n vier meter onder de grond, is er vrij uitzicht op de hoofdriolering. Een buis met een diameter van een ruime meter, waarin de ontlasting terechtkomt geproduceerd door duizenden omwonenden.

Met al het andere afval- en regenwater dat door de vele kilometers aan buizen naar beneden stroomt, vormt het ondergronds een kolkende stroom smerigheid. Wie de afdaling waagt, krijgt een geel veiligheidspak met lieslaarzen, een helm en handschoenen aangemeten.

Het riool is een kweekvijver voor schadelijke bacteriën, virussen en schimmels. Tegen de grotere gevaren beschermt het pak niet: verstikking door zuurstoftekort of vergiftiging door gassen of dampen.

Bij een te hoge concentratie ben je zo van de wereld, wordt verteld. Daarom wordt de lucht continu via een gasmeter in de gaten gehouden. Als de meter uitslaat, is het rennen geblazen, vertelt rioolmedewerker Ron de Vries (55). Terwijl hij onder de grond zat, werd verderop eens een drugslab opgerold. Het drugsafval werd snel in het riool gedumpt. "Levensgevaarlijk."

Afdaling
Als een soort mijnwerker, gezekerd aan een kabel, begint de afdaling via een steile trap. Bij elke stap vervaagt het daglicht meer, en voelt de lucht steeds koeler en klammer aan.

De trap komt uit in een donkere overstortput, ongeveer twee meter onder de grond, waar koud grachtenwater tot de knieën staat.

Mocht het riool verstopt raken, of vollopen door hevige regenval, dan wordt het afvalwater via deze bak in de gracht geloosd. Na de overstort volgt nog een trap, die naar een donkere bakstenen tunnel leidt. In de verte klinkt het geluid van een kabbelend beekje.

Het zijn dit soort krochten waar De Vries en zijn vier collega's grote delen van hun dagen doorbrengen. Vaak kan het riool worden schoongespoten door via een putdeksel een slang naar binnen te brengen, maar voor het zwaardere werk wordt het team ingeschakeld dat zichzelf ook wel de 'putwacht' noemt.

Grote schoonmaak

In Amsterdam is Waternet verantwoordelijk voor het zuiveren van afvalwater, de productie van drinkwater en het schoon en op peil houden van oppervlaktewater.

Vorig jaar waren in de stad meer dan 438.000 lozers van afvalwater aangesloten op riolering, een aansluitingspercentage van 99,9 procent.

Ongeveer 25 woningen en bedrijven, 380 woonboten en enkele campings loosden toen nog ongezuiverd. Het is de bedoeling dat in 2017 alle Amsterdammers op het riool aangesloten zijn.

Deprimerend groepje
Gewapend met verfkrabbers kruipen De Vries en zijn collega's het buizenstelsel in om het vuil van duizenden Amsterdammers van de muren te schrapen. In twee jaar tijd wordt zo het hele rioolstelsel onderhouden. Daarna begint het weer opnieuw.

De Vries: "We zijn een deprimerend groepje. Zo zit ik al 27 jaar in de put." Een paar lessen uit al die jaren dat hij in het riool zit: ratten kunnen zo groot worden als katten.

Vochtig toiletpapier lost niet op in het water. Condooms zijn vaak netjes dichtgeknoopt. En de zomervakantie is begonnen zodra De Vries de goudvissen ziet zwemmen. Op het einde van de tunnel, meters onder het kruispunt Mauritskade/'s-Gravesandestraat, is er dan eindelijk zicht op een buis van de hoofdriolering.

Het water stroomt er met forse kracht uit, waarna het terechtkomt in een andere buis. Die loopt langzaam af richting het dichtstbijzijnde rioolgemaal.

In dit geval het gemaal op de Zeeburgerdijk, zo'n 1400 meter verderop. Vanaf daar wordt het naar de waterzuiveringsinstallatie in het Westelijk Havengebied gepompt, waar dagelijks 343 miljoen liter afvalwater wordt gezuiverd.

Het water dat uit de leiding stroomt, is niet de bruine stroperige massa die je zou verwachten. Het is een grijze stroom, waar maar heel soms een stuk poep in te ontdekken valt.

"Het water maakt regelmatig een vrije val, op dit punt zijn de drollen al vier keer stukgeslagen," verklaart De Vries. "Er blijft dus niet veel van over."

Ratten en kikkers
De Vries wijst een rattennest aan, vlak boven de buis. De beesten zijn vermoedelijk gevlucht zodra de putdeksel openging. Wel springt er ineens een kikker uit het water, die stilletjes op een rand blijft zitten.

Het vuil dat ook op die randjes ligt, geeft een goed beeld van wat er, naast ontlasting, vooral in het riool terechtkomt: kluwen maandverband, haar, wattenstaafjes en doekjes - bij elkaar gehouden door vet. Dat zit echt overal.

Wat je ook aanraakt: er zit meteen een dikke laag van op je handschoen. Zijn werk zou stukken makkelijker zijn als mensen eens ophouden met al dat vet door de gootsteen te spoelen, zegt hij. "Mensen beseffen niet dat ook de kleine beetjes uiteindelijk het riool kunnen verstoppen."

En de geur, meters onder de grond? Op de plek waar al het vuil van Amsterdam samenkomt? Die valt mee, eigenlijk een beetje tegen. Het is niet veel viezer dan de geur van een natte handdoek die een week in een sporttas heeft gezeten.

Er zijn vele plekken in de stad waar het smeriger ruikt. Wat blijkt? De putwacht heeft voor het bezoek het riool een beetje schoongemaakt en de tunnel al een tijdje laten luchten.

Hoe het normaal ruikt? De Vries haalt zijn schouders op, dat ruikt hij na 27 jaar al lang niet meer. Alleen heel soms, als ze diep in de buizen zitten, vindt hij het wel­eens stinken. Hoe dat ruikt, kan hij niet beschrijven, maar één ding weet hij wel. "Als wij het al vinden stinken, liggen jullie zeker al kokhalzend over de reling."

Ron de Vries leidt onze verslaggevers rond in het riool Beeld Marc Driessen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden