Plus Klapstoel

Rinnooy Kan: 'Ik was altijd een zondagskind'

Alexander Rinnooy Kan (1949) is wiskundige, hoogleraar economie en bedrijfskunde aan de UvA en Eerste Kamerlid. Deze week verschijnt zijn boek Bordjes Duiken - Ervaringen van een Optimist.

Alexander Rinnooy Kan op de Klapstoel Beeld Harmen de Jong

Scheveningen
"Op Scheveningen ben ik geboren, in naoorlogs Nederland. Iedereen arm, maar gelukkig en opgelucht. Ik heb er tot mijn twaalfde gewoond en in die tijd herrees Nederland."

"Mijn vader had na de oorlog grote moeite gehad een plek te vinden waar we konden wonen, maar we kregen in deze periode ook onze eerste auto - in die tijd een enorme verwennerij. We gingen op vakantie, naar de Hoge Veluwe. Ook dat was geen vanzelfsprekendheid."

Oorlog
"Voor mijn generatie is het geen eigen herinnering, maar wel een afgeleide herinnering. Mijn vader en moeder hadden allebei een ingewikkeld oorlogsverleden. Mijn moeder was Engels en vertrokken uit Engeland om het verleden te vergeten. Ze had een ongelukkige relatie gehad met een piloot die krijgsgevangene was geweest - en na zijn terugkeer onherkenbaar was veranderd."

"Mijn vader had in de oorlog zijn oudste broer verloren. Die oom zat in het verzet, werd gepakt en gefusilleerd. Dat was een enorm familie­trauma. Eigenlijk werd er alleen zuchtend en verdrietig naar de oorlog verwezen, er werd nooit uitgebreid over verteld. Het zware verleden vertaalde zich bij mijn ouders in een enorme behoefte om vooruit te kijken."

"In de hang naar het verbeteren van de wereld zijn kinderen het eerste waar je in investeert. Ik heb twee jongere broers. Ik was de oudste. Dan wordt er veel van je verwacht en dat voelde ik. Wij moesten repareren wat er kapot was gegaan - en dat was nogal wat."

"In zekere zin is het een last die je hoort te dragen. Ik was een baken van hoop. Geweldig om het te kúnnen zijn, maar ook een opgave om het te móeten zijn."

Universiteit
"Ik begon eind jaren zestig aan de Leidse Universiteit. De jaren zestig zijn, kort samengevat, misschien de leukste tien jaar uit de geschiedenis van de mensheid. De economie zat geweldig mee en er dienden zich allerlei kansen aan voor degenen die waren aangekomen bij het einde van hun puberteit."

"Als ik in Leiden kom, hangt er nog altijd de sfeer van een universiteitsstad. Dat is nostalgisch. Studeren - ik zei het ook tegen studenten die afgelopen maand aan de UvA zijn begonnen - is een enorm voorrecht. Je kunt je een paar jaar bezighouden met wat je ­interessant vindt, terwijl je een grote mate van vrijheid hebt. In een paar jaar kun je je ontwikkelen van belangstellend tot deskundig."

"De universiteit is een toonbeeld van menselijke beschaving. Het is een rode draad in mijn leven. Sinds 2012 ben ik terug bij de UvA. Opnieuw met enorm veel genoegen."

Wiskunde
"Het is moeilijk uit te leggen wat het bijzondere van wiskunde is. Veel mensen associëren het met rekenen. Wiskunde is op zijn minst veel meer. Het is een raadsel van abstracte structuren uit de werkelijkheid. Je begint bij iets saais als optellen en aftrekken, komt uiteindelijk in een abstracte wereld en vindt ineens ergens de realiteit terug. Dat is een mysterie."

Sarphatipark
"Daar kwam ik terecht. Het zag er eigenlijk ­hetzelfde uit als nu. Amsterdam was, toen ik er halverwege de jaren zeventig kwam wonen, een begrip voor mij. Dat kwam mede door mijn tante. Ze woonde op Ceintuurbaan 17 en af en toe mocht ik, met de bus vanuit Den Haag, bij haar op bezoek. Dan pikte ze me op bij de Apollolaan en had ik een dag in Amsterdam."

"Toen ik een reden had hier te zijn - ik werkte voor Spectrum Encyclopedia - kon ik er gaan wonen. Uitein­delijk ben ik weer weggegaan uit de stad omdat, buitengewoon treurig, mijn eerste huwelijk stukliep en ik een baan in Rotterdam kreeg."

Annus Horribilis
"1976 was een verschrikkelijk jaar. Een opeenstapeling van tegenslagen. Er is een regel die zegt dat werk, liefde en gezondheid drie pijlers zijn. Als het op één vlak misgaat, kun je het hebben, maar bij twee heb je een probleem."

"Mijn huwelijk liep stuk, mijn moeder overleed veel te jong en ik kreeg een mysterieuze rugkwaal. De diagnose was een kwaadaardige tumor in mijn ruggengraat. Als die diagnose juist was ­geweest, had ik hier niet gezeten. In afwachting van een uitgebreide test leefde ik een week in de veronderstelling dat ik nog maximaal een jaar te leven had. Tot die tijd, en ook erna, was ik een zondagskind."

"Wat ik eraan heb overgehouden, is begrip voor mensen die iets overkomt. Zeker als je omringd bent met mensen die het voor de wind gaat, is het lastig dat uit te leggen. Er komen allerlei goed bedoelde adviezen; mensen zeggen dat je moet blijven zwemmen, maar hebben niet door dat je onder water aan handen en voeten gebonden bent."

Loopbaanplanning
"De stappen die ik in mijn werkzame leven heb gezet, zijn eigenlijk altijd onverwacht geweest. Dat gold voor mijn aanstelling op mijn 28ste als hoogleraar op het Econometrisch Instituut van de Erasmus Universiteit en latere benoeming tot rector magnificus, maar zeker ook voor mijn rol als voorzitter van het Verbond van Nederlandse Ondernemingen (VNO, later VNO-NCW), mijn toetreding tot de raad van bestuur van ING en mijn voorzitterschap van de Sociaal- Economische Raad (SER)."

"Studenten vragen weleens hoe ze een mooie loopbaan kunnen krijgen, maar ik heb ze weinig te bieden. Het enige wat ik kan zeggen: áls je een bijzondere kans krijgt - en veel mensen krijgen die - waag de gok. Vertrouw maar op het gezonde verstand van de mensen die het aanbod doen."

Johan Stekelenburg
"Met Johan had ik een geweldige band. Hij was voorzitter van de FNV toen ik bij het VNO zat. Ik denk dat we allebei begrepen dat werkgevers- en werknemersorganisaties een gezamenlijk belang hebben om het eens te worden. Als er aan de politiek draagvlak beloofd kan worden, heb je een enorm deel van de economie achter je staan."

"We vertegenwoordigden tegengestelde belangen, maar vonden elkaar in de verantwoordelijkheid die ver boven onszelf uitsteeg. Toen Johan ziek werd, heb ik hem vaak opgezocht. Ik heb op zijn verzoek op zijn begrafenis gesproken - heel bijzonder. Ja, hij is een van de belangrijkste mensen uit mijn leven."

Pluche
"In 1994 ben ik gepolst als minister van Economische Zaken en later ben ik nog eens in beeld geweest, maar ik had altijd een goede reden om te bedanken. Het ministerschap vraagt speciale kwaliteiten en is erg onzeker in aanvang en ­afloop."

"Nu ben ik al een tijdje Eerste Kamerlid voor D66. Ik vind het aardig dat ik op die manier de politiek nog enigszins van binnenuit kan meemaken. Al is het onvergelijkbaar met de Tweede Kamer."

Lost in translation
"Dat gaat over mijn tijd in de raad van bestuur van de ING Groep? Ik was daar verantwoordelijk voor de Aziatische verzekeringsbedrijven van ING. Een periode van heel lange reizen, en ja, af en toe raakte ik het overzicht kwijt, zoals in die film ook gebeurt. Loop je om drie uur 's nachts klaarwakker over straat in Tokio."

Liefde en dood
"Aan het einde van mijn aflevering van Zomergasten vroeg Joris Luyendijk mij waar we het nog niet over hadden gehad. Liefde en dood, zei ik. Het zijn onderwerpen waar ik niet makkelijk over praat. In mijn boek probeer ik er kort bij stil te staan, maar ik vind privézaken zelden de interessantste pagina's van autobiografieën."

"In mijn carrière ben ik veel van huis, vrouw en drie kinderen weg geweest. Te veel, misschien. Het is een kwaal van veel vaders uit mijn generatie; de keuze tussen loopbaan en thuis viel vaak op het eerste. Daarmee loop je risico in de relatie met je kinderen. Bovendien hebben we daarmee meegewerkt aan de taakverdeling ­tussen vaders en moeders, die in alle opzichten verouderd is."

"Ik ben een groot voorstander van een ouderschapsverlof dat gelijk is voor mannen en vrouwen. Het is gênant om te zien hoe moeizaam dat in Nederland verandert, maar daar heb ik ook iets aan bijgedragen."

ING
"Ik ben inmiddels twaalf jaar weg bij ING, maar was niet minder geschrokken van de recente berichtgeving en de boetes. Voor het aanzien van de bankenwereld is het slecht - en daarmee was het al niet bijster goed gesteld."

"Twee jaar nadat ik bij de ING Groep was vertrokken, brak de financiële crisis uit. Ik blijf het wonderlijk vinden dat ook de toezichthouders niet hebben ­gezien wat de bankenwereld boven het hoofd hing. Ik was uit die wereld toen het in 2008 ­escaleerde, maar dat is geen excuus."

"De basis is gelegd in de periode dat ik daar wel zat. Een verschrikkelijke episode."

Invloedrijkste Nederlander
"Volgens de Volkskrant, ja. Er valt wel wat aan te merken op die titel. Zo waren politici uitgesloten van deelname. In die tijd zat ik bij de SER en had ik allerlei nevenfuncties; het is onmiskenbaar dat je dan mensen tegenkomt die op hun beurt iets te zeggen hebben."

"Zo'n titel is lastig, omdat het verwachtingen schept. Als je invloed hebt, moet je daar ook iets mee doen. Mensen komen bij je met legitieme wensen, maar je kunt niet alles."

Concertgebouw
"Ja, het verbaasde mij dat minister Wiebes in Zomergasten zei dat hij rond de herdenking van Eberhard van der Laan voor het eerst in het Concertgebouw was."

"Gelukkig zijn er velen - ook in de politiek en onder wiskundigen - die een andere relatie met het gebouw hebben. Ik ben er twaalf jaar voorzitter van de raad van commissarissen geweest, met veel plezier."

Eveline Crone
"O, ja! Een toptalent! Een geweldige onderzoeker in de ontwikkelingspsychologie met een grote schare jonge onderzoekers om zich heen. Iemand om trots en zuinig op te zijn."

Alexander Rinnooy Kan: Bordjes duiken - Ervaringen van een optimist. Balans, € 19,99

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden