Republikeinen wacht bijltjesdag

De Republikeinen gaan een periode tegemoet van wonden likken en vingers wijzen. De droom van een eeuwig conservatief tijdperk is voorbij. Nog voor de dag van de verkiezingen lekte al uit dat ongelukkige Republikeinen een conferentiezaal hadden gehuurd in Virginia om deze week de consequenties van hun nederlaag te bespreken. De vraag is helder: wat ging er fout en hoe heroveren wij de macht? Maar een duidelijk antwoord ontbreekt.

''We zullen ons moeten buigen over de ziel van de partij,'' zei Norman Ornstein vorige week. Ornstein, verbonden aan de conservatieve denktank American Enterprise Institute, voorspelde dat de discussie neer zou komen op 'een klein gevecht'.

Een dag na Obama's overwinning is de Republikeinse broedertwist inderdaad begonnen. ''We gaan een smerige periode tegemoet,'' zegt Fergus Cullen, voorzitter van de Republikeinen in New Hampshire.

George Bush verlaat het toneel zo stilletjes mogelijk, John McCain is opeens heel oud en irrelevant, maar een nieuwe leider heeft de Republikeinse Partij niet. En ook geen dwingende filosofie, die de partij richting kan geven.

Dat McCain het niet redde, is volgens de ene Republikein te wijten aan het feit dat hij zich uitleverde aan de onverdraagzame rechterflank van de partij, terwijl de andere Republikein meent dat de kandidaat zich veel te gretig opstelde als de grote tegenstander van George Bush, waarmee hij diens conservatisme in diskrediet bracht.

''De Republikeinse ideeënfabriek is stilgevallen,'' aldus gouverneur Tim Pawlenty van Minnesota, getipt als running mate van McCain toen niemand nog van Sarah Palin had gehoord. ''We vallen nog steeds terug op de politiek van twintig, dertig jaar geleden.''

Ook zijn collega in Utah, Jon Huntsman, velt een vernietigend oordeel over de eigen partij. ''Was er iets dat de afgelopen jaren goed voor ons uitpakte? Het buitenlandse beleid was gebrekkig, ons aanzien in de wereld is gehavend, we lieten het afweten wat de begroting betreft, we zijn doof geweest voor wat de Amerikanen vinden van het milieu en we hebben niets van enige betekenis bedacht voor de ziektekostencrisis.''

De deceptie in het rechtse kamp is des te groter omdat nog niet zo heel lang geleden hardop gefantaseerd werd over 'een permanente Republikeinse meerderheid'. De term was van Karl Rove, de verkiezingsstrateeg van George W. Bush.

Hij meende in het sociaal-religieuze conservatisme van 'de gewone Amerikaan' een onuitputtelijke bron van politieke steun te hebben gevonden; zolang de Republikeinen de waarden van 'het echte Amerika' (om met Sarah Palin te spreken) hoog zouden houden, kon hen niets gebeuren.

Maar de werkelijkheid van het regeren hielp dit idee om zeep. Het is één ding om je, zoals George Bush, voor te doen als de eenvoudige macho met het hart op de goede plaats, maar als je het land naar de rand van de afgrond voert, zal dat op een zeker moment toch opvallen.

De conservatieven zijn altijd beter geweest in het bedrijven van politiek dan in het maken van beleid, schreef George Packer in mei in een lang stuk in The New Yorker. Daarin werd de dood beschreven van de rechtse beweging die in 1966 geboren werd temidden van de chaos van de burgerrechtenstrijd en de Vietnamprotesten.

Richard Nixon begreep hoe de gemiddelde burger zich bedreigd voelde door de buitenissigheid van de linkse demonstranten en de mondigheid van de zwarte activisten; door op dat ongemak in te spelen kon Nixon menig doorsnee kiezer weglokken bij de Democraten.

Sindsdien hebben de Republikeinen hun stempel weten te drukken op Amerika, met Reagan als vaandeldrager en Bush jr als de kapitein die het schip liet stranden. Jimmy Carter was een voetnoot, Bill Clinton kwam wat verder, maar moest toch diep buigen voor de Republikeinse meerderheid in het Congres en zag zich bijna afgezet worden nadat hij zogenaamd 'geen seks' had gehad met Monika Lewinsky.

Sidney Blumenthal, voormalig medewerker van Clinton, heeft een boek geschreven onder de titel The Strange Death of Republican America. Na veertig jaar is de conservatieve ideologie volgens hem failliet. De financiële deregulering leidde tot de ernstigste crisis sinds die van de jaren twintig, het neoconservatisme is gestrand in het moeras van Irak en het geloof in de terugtredende overheid eindigde in incompetentie, corruptie, hypocrisie en minachting voor de wet, aldus Blumenthal.

Dat is het oordeel van een Democraat, die uiteraard nooit veel heeft gezien in het conservatisme. Het verontrustende voor de Republikeinen is dat zoveel mensen uit eigen gelederen het met hem eens zijn. Pat Buchanan, in 1966 begonnen als medewerker van Nixon: ''Elke nobele zaak begint als een beweging, ontwikkelt zich tot een onderneming en eindigt als een criminele bende.'' (STEVO AKKERMAN)

Campagnemedewerkers van McCain en Palin pakken de boel in en nemen afscheid in Ancorage, Alaska. Een dag na Obama's overwinning is de Republikeinse broedertwist begonnen. Foto AP/Al Grillo
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden