Renners tonen weinig respect voor elkaar

BRUSSEL - Gebrek aan respect; het is een maatschappelijk probleem. Collegialiteit, sportiviteit; de begrippen vervagen en doen zeker in de-wereld-die-sprinten-heet allang geen opgeld meer. De messen zijn geslepen, er vallen meer en meer slachtoffers.

Gisteren liep de aankomst van de eerste Touretappe in Brussel volledig uit de klauwen. In de laatste twee kilometer kwam het peloton tot drie keer toe ten val. Mark Cavendish, Oscar Freire, Tyler Farrar, zelfs klassementsleider Fabian Cancellara, ze sloegen allemaal onderuit.

Terwijl om hem heen collega-renners de asfaltkorrels uit hun schaafwonden peuterden en hoofdschuddend de schade aan hun materiaal bekeken, gaf ritwinnaar Alessandro Petacchi zonder blozen aan 'erg blij' te zijn met zijn terugkeer in de Tour.

Chaos troef

De stress, de wanorde, het geknok om de ideale positie, de zenuwachtige aanloop naar de sprint, de valpartijen; de Italiaan zei het na 2004 daadwerkelijk gemist te hebben.

Petacchi won twee weken terug nog een massasprint-met-val in de Ronde van Zwitserland. Ook daar duikelde Cavendish en kreeg hij een groot deel van het pak over zich heen. ''Ditmaal waren er nog genoeg over om te kloppen,'' wilde de Italiaan geen vergelijking maken.

Van een feeststemming was slechts bij Petacchi sprake, de rest van het peloton mokte, vloekte, schold, wees met de boze vinger.

Chaos was troef op de streep. Kleine groepjes passeerden discussiërend de finishlijn, sommigen te voet, velen likten hun wonden. Tijdverlies werd hen niet aangerekend, de crashes gebeurden immers in de laatste twee kilometer. Geestelijk was er meer schade. Bij Tyler Farrar bijvoorbeeld. De Garmin-sprinter was al verlost van Cavendish, had een tweede val ook nog overleefd, maar kreeg niet de kans om voor zijn eerste ritzege in de Tour te sprinten. De queeste eindigde op 200 meter van de streep, met de hele fiets van Lloyd Mondory in zijn achterwiel. ''En dat terwijl Tyler perfect zat,'' verzuchtte Martijn Maaskant. Volgens David Millar was hun ploeggenoot 'klaar om iemand te vermoorden'.

Geen namen

De Brit vond dat er niks mis was met de route. ''Er werd alleen te hard gereden.'' Hij zag de Columbia-helpers van Cavendish de bocht naar de finishstraat te hard invliegen. Cavendish zelf kon de bocht niet houden, vloog schouder aan schouder met Freire tegen de grond.

Het is de mores van sprinters om niet al te nadrukkelijk met de vinger naar elkaar te wijzen. Liever zeggen ze voor de buitenwacht dat het zo gevaarlijk is omdat, in tegenstelling tot een jaar of tien terug, veel niet-sprinters zich voorin de groep willen handhaven.

Ook nu noemde Freire, die in Zwitserland al geërgerd had gesproken over het gebrek aan respect in het peloton, geen namen. Hij was wel hard in zijn oordeel. Met licht gekwetste schouder en heup: ''Dit is niet normaal, het wordt steeds gevaarlijker. Het is de bedoeling dat je een bocht goed rondt, dat je op de fiets blijft zitten. En wat doen ze, ze vallen!'' De wereldkampioen acht de tijd rijp voor zwaardere maatregelen. Deklassering is hem niet genoeg meer. ''Ze moeten serieus overwegen renners die een domme manoeuvre maken uit koers te zetten.'' (EDWARD SWIER)

De Fransman Lloyd Mondory komt lopend over de finish in Brussel. Foto AFP Beeld
De Fransman Lloyd Mondory komt lopend over de finish in Brussel. Foto AFP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden