Plus

Rein (30) kreeg jong een burn-out: 'Ik kon beter, sneller, meer'

We zijn hoger opgeleid, worden ouder en leven rijker. Maar al die voorspoed komt met een prijs: stress. Rein Steinkühler was nog maar amper aan het werk, of hij werd al getroffen door een burn-out. 'Het was voor mij nooit genoeg. Ik kon beter, sneller, meer.'

Rein Steinkühler maakt na de pijnlijke rit van de burn-out zijn eigen keuzes Beeld Hanna Snijder

De nekslag kwam in het paradijs. Aruba om precies te zijn. Waaiende palmbomen, wit strand, azuurblauwe zee en een allesoverheersende paniekaanval. Het was zijn eerste.

Rein Steinkühler (30) verbleef voorjaar 2015 met een groep vrienden in een villa. "Ik voelde me de eerste avond grieperig. Ik bleef 'thuis' achter, terwijl de rest de stad in ging. Lekker vroeg op bed, dacht ik. Maar ik kreeg toch een paniekaanval.

Hartkloppingen, zweten, een enorme onrust in mijn lijf. Alsof mijn bloed kookte. Ik probeerde ademhalingsoefeningen te doen om het te onderdrukken, maar het bleef. Ik dronk wat biertjes om de scherpe kantjes eraf te halen, maar ook dat lukte niet. Ik ging buiten zitten - niets hielp. Het duurde misschien wel zes uur, uiteindelijk viel ik in slaap."

Vanaf dat moment was Steinkühler een schim van zichzelf, de spreekwoordelijke dweil. Hij was zo uitgeput dat hij de kracht niet had om een terugvlucht naar huis te boeken, laat staan om er bij zijn vrienden naar te vragen. Steinkühler was in één klap fysiek en emotioneel gehoekt, en hij begreep niet waarom.

Schoon mannenhuis
Hij vertelt het rustig. Hij zit op een spierwitte bank, in zijn spierwitte interieur in zijn spierwitte appartement in Alkmaar, waar hij naartoe verhuisde, ook omdat Amsterdam hem te druk werd. Aan de muur hangt een Ajaxshirt. Er staat een spiegel in de vorm van een Amsterdammertje. De glazen salontafel is smetteloos, aanrechtblad dito. Een schoon mannenhuis.

"Sorry voor de rommel," zei hij nog bij het openen van de deur. Hij wees daarbij naar een stapel dozen die hij tijdelijk uit de berging moest halen, vanwege de komst van de cv-monteur. Het tekent de man. "Controlfreak, perfectionistisch en dan ook nog conflictmijdend; het is een heel gevaarlijke cocktail."

De reden waarom hij openlijk met zijn burn-outverhaal in de krant wil? "Ik ben benieuwd naar de reacties en ik vind het fijn om erover te praten en mijn ervaringen te delen. Bovendien schaam ik me er niet voor." Niet meer althans. Hij heeft zich rot geschaamd.

Duizelingen
De eerste tekenen van burn-out manifesteerden zich in 2013, toen hij net klaar was met zijn opleiding bedrijfskunde en aan de slag ging bij de Rabobank, als adviseur voor kleine ondernemers. Het begon met duizelingen en het gevoel flauw te gaan vallen. Hij had het al vaker gehad. In het voetbalstadion, aan de toog, maar nu overkwam het hem ook op het werk. De duizelingen, maar vooral de angst om flauw te vallen, versterkten elkaar.

"Flauwtes, een warm gezicht, hartkloppingen. Een keer bekroop het me tijdens een vergadering. We zaten met veel mensen in een kamertje. Ik dacht: niet nu, ik kan écht niet weg. Maar het werd erger en erger, totdat ik het niet meer volhield. Ik ben weggelopen en direct naar huis gegaan. Een vergadering was daarna nooit meer hetzelfde: altijd had ik daar de angst dat het weer zou gebeuren."

Hij sprak erover met de manager, die vol begrip was. En met de huisarts. Hij werd doorgelicht, hart, longen - alles was gezond. Hoewel hij er niet aan wilde dat het burn-outverschijnselen waren, ging hij naar yoga, de haptonoom, hij volgde ademhalingscursussen bij Mr. Breath en krabbelde weer enigszins op, al bleek zijn buffer minimaal.

Zwetend achter bureau
Zijn relatie ging uit - "Mede omdat ik vooral met mezelf bezig was" - en een vriend raakte in coma. Twee zeer ingrijpende gebeurtenissen, die hem deden wankelen, maar hij ging door. Hij lobbyde zich een ongeluk om te promoveren naar een hogere functie, wat ook nog lukte, maar hij binnen een paar weken zat hij alweer zwetend achter zijn bureau. Opgejaagd. Stressgeladen.

"Het was voor mij nooit genoeg. Ik kon beter, sneller, meer. Continu in opperste alertheid. Het moest af! En als het af was, dan had het beter gekund. Ook had ik moeite met nee zeggen. Dus al snel wisten mensen: als je het aan Rein geeft, komt het goed. Als iemand mij iets vroeg, dan liet ik al het andere uit mijn handen vallen."

Privé voelde hij ook druk. "Mijn vrienden, die ik nog kende van het gymnasium en de universiteit, kwamen bij grote bedrijven terecht met interessante functies. Het jaagde me op: ook in mijn vriendengroep verloor ik gevoelsmatig aan aanzien."

Op zijn tandvlees
Steinkühler werkte het hele repertoire af: kon alleen maar op de bank hangen, zelfs naar de supermarkt was al te veel. Zo leeg als zijn batterij was, zo vol zat zijn hoofd. Kan ik ooit nog normaal functioneren? Maar ook: hoe is dit zo gekomen? Dat moet het werk zijn, concludeerde hij.

Na zijn re-integratietraject van vier maanden onder begeleiding van een psycholoog zou hij weggaan bij de bank, zo nam hij zich voor. "Het liefst was ik meteen vertrokken. Hup, en nooit meer terugkomen. Maar dat mag niet."

Op zijn tandvlees haalde hij de eindstreep. "Continu speelde in mijn achterhoofd: volhouden! Als ik straks weg ben, wordt alles beter." Mooi niet. Tijdens een vakantie in Thailand werd pijnlijk duidelijk dat je geen ontslag kan nemen van een burn-out. "Ik hoefde in Thailand niks, toch voelde ik me belabberd. Dat was een teleurstelling, nee, dat is te zwak uitgedrukt. Het was een gedachte om wanhopig van te worden."

Behandeltraject
Eenmaal terug kwam Steinkühler in een intensief behandeltraject van de CIR (Centra voor Integrale Revalidatie). "Daar kwam ik erachter dat er bij mij heel veel onverwerkte emoties zaten, die te herleiden waren tot de vechtscheiding van mijn ouders."

"Toen ik 10 jaar was, is mijn vader plotseling naar het buitenland vertrokken. Mijn moeder ging daar bijna aan onderdoor. Ze was zo'n kwetsbaar en teer iemand, dat ik dacht: ik moet mijn emoties niet aan haar laten zien. Ze heeft al genoeg ellende. In die tijd heb ik alles gerationaliseerd. Mijn gevoel ging uit."

Onder druk

In de laatste dagen van 2017 besteedt Het Parool aandacht aan de prestatiemaatschappij en chronische stress. Morgen: van artsen wordt inlevingsvermogen verwacht, maar door de werkdruk dreigt emotionele afstomping.

"Dat ik conflictmijdend ben, is waarschijnlijk naar de scheiding te herleiden: Ik heb zo veel conflicten gezien, dat wil ik gewoon niet meer. Perfectionisme, ook zo'n gedraging die eruit kan zijn ontstaan. Ik moest de buitenwereld laten denken dat er alles goed ging."

Pas toen er gepoerd werd in deze ontsteking, maakte Steinkühler echte stappen. Nu de behandeling is voltooid, werkt hij weer bij de bank. "Ze hebben me teruggevraagd, en mijn eerste reactie was: nee! Maar hoe meer ik erover nadacht, hoe meer ik me realiseerde: het zit meer in mezelf dan in mijn werk. Hoe interessant is het eigenlijk om weer terug te gaan naar dezelfde plek en om te kijken of ik dingen anders kan doen?"

Zo geschiedde. Hij werkt drie dagen, houdt daarmee de balans in evenwicht en begeleidt nu ook nieuwe werknemers, waarbij hij zijn ervaringen gebruikt. Hij is er nog niet, maar hij groeit.

Zelfverzekerder
Een paar weken geleden heeft Steinkühler voor het eerst in vijftien jaar weer gehuild. "Mijn vader had weer eens wat uitgehaald en ik was er zo klaar mee. Er zijn zoveel pijnlijke dingen gebeurd. Alles kwam eruit. Huilen lucht op, joh."

En dat is mooi, vindt Steinkühler. "Ik ga steeds meer voelen, ik voel nu boosheid en verdriet. Dat beangstigt me ook, omdat het iets doet in mijn lichaam dat lijkt op wat angst of paniek met je doet. Dan denk ik: shit daar gaan we weer. Het is af en toe nog lastig om het gevoel helemaal toe te laten."

Maar hij is gelukkiger, zelfverzekerder en meer tevreden. "Ik maak nu mijn eigen keuzes. Ik weet veel beter wat me wel energie geeft en welke mensen ik graag om me heen heb. De rit was zwaar en pijnlijk, maar het heeft me zoveel opgeleverd, dat ik het bijna niet had willen missen."

Lees ook de andere delen in deze serie:
Deel 1: Onze voorspoed komt met een prijs: stress

Groeiend aantal

Van de vrouwen geeft 15 procent aan een 'burn-out' te hebben gehad. Dat was twee jaar geleden nog 9,4 procent, bleek recent uit onderzoek van universiteit Nyenrode en Intermediair onder werknemers. Bij mannen lag het percentage met 9 procent nu en 6 toen, iets lager. Bij 92 procent van deze mensen, had de bedrijfs- of huisarts een burn-out vastgesteld.

De term wordt vaak onzorgvuldig gebruikt, bijvoorbeeld voor mensen die oververmoeid zijn, waarschuwt Judith Sluiter, AMC/UvA-hoogleraar medische selectie en begeleiding van medewerkers.

Sluiter hanteert de stelregel: iemand is pas burn-out als hij na langdurige, chronische stress dusdanig uitgeput is, dat hij lange tijd totaal niet meer kan werken.

Als verschillende stresssystemen in het lichaam, zoals hartslag of stresshormonen, te lang op volle capaciteit werken, kan iemand 'omvallen', zegt Sluiter. "Moe of uitgeput raken, maar zo iemand kan ook hartklachten krijgen of pijn aan zijn nek. Maar we moeten eerlijk zijn: welke processen daar in het lichaam precies aan voorafgaan, dat weten we niet."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden