Plus

Regisseur over openingsfilm Idfa: 'Het is mijn fantasie, hè?'

Het Idfa open woensdagavond met Kabul, City in the Wind van Aboozar Amini (32). 'Het had ook een speelfilm kunnen zijn.'

Kabul, City in the Wind Beeld -

Hij vindt het spannend, de opening. Nóg spannender dan Cannes, waar hij eerder dit jaar was. "Dat was een kortfilm, dit is een groot project waar ik drie jaar aan heb gewerkt. En het is in Amsterdam, mijn stad. Ik vertel in een stad die dicht bij mijn hart ligt een verhaal over een stad die dicht bij mijn ziel ligt."

"Amsterdam ligt dicht bij mijn ziel; hier heb ik mezelf leren kennen. Maar mijn hart ligt in Bamyan; mijn geboortegrond is heilig, daar voel ik de Boeddha."

Vanavond opent in Carré de 31ste editie van het Amsterdamse documentairefestival Idfa met Aboozar Amini's Kabul, City in the Wind. Zijn film is net klaar, hij is net ­terug uit Malaga, waar hij de laatste hand heeft gelegd aan het geluidsdesign, vertelt Amini drie dagen voor de opening in Oma Ietje, zijn hang-out vlak bij zijn huis in Bullewijk.

"Mijn sound designer moest huilen, zo mooi vond hij het. Dat kan ik nog niet. Ik ben op een missie; als ik emotie had toegelaten, was er nu geen film geweest. Maar het einde is in zicht; ik moet dat podium in Carré nog op, maar daarna ben ik vrij en kan de emotie komen."

Permanente stofwolk
Toen hij veertien was - Afghaanse fundamentalisten hadden kort daarvoor de twee kolossale Boeddhabeelden ­nabij hun woonplaats Bamyan opgeblazen - werd Amini samen met zijn jongere broer Dawood door hun vader op het vliegtuig gezet. Hij dacht dat de reis naar Chicago ging, hij belandde in Nederland.

Hij ging wiskunde studeren in Maastricht ("saai"), maakte na een jaar de overstap naar de kunstacademie in Arnhem ("Ik had met Dawood een videootje gemaakt, we werden meteen aangenomen"), en belandde weer een jaar later op de Gerrit Rietveld Academie.

"De Rietveld was de plek waar ik mezelf kon vinden, waar ik de kans kreeg om in totale vrijheid op zoek te gaan naar mezelf. Ik was er bezig met kunst, muziek, grafiek en film, en kwam in contact met mensen uit alle hoeken van de ­wereld - dat was heel inspirerend."

Voor zijn afstudeerfilm reisde Amini voor de eerste keer terug naar Afghanistan. Toen werd ook de kiem ­gelegd voor Kabul, City in the Wind.

"Ik had een vaag idee voor een fictiefilm over een bus, waar verschillende mensen in- en uitstappen bij wie je even blijft hangen zodat de kijker ze leert kennen. Dat idee kwam van tijd tot tijd terug - zo vaak dat ik in 2015 wist: ik moet hier iets mee."

In Kabul, City in the Wind volgt Amini afwisselend de buschauffeur Abbas en de bijdehante broertjes Afshin en Benjamin in het in een permanente stofwolk gehulde ­Kaboel ("De stad is grauw, maar niet zo grauw. Het is een instelling op mijn camera").

Op de vraag of ze hem en ­Dawood verbeelden - in zijn eerdere kortfilms voerde Amini ook al twee broertjes op - lacht hij mysterieus. "Het zou kunnen. Wat ik maak komt uit mij; het reflecteert mijn diepste gevoelens en gedachten."

Speelfilmversie
Amini is een paar keer naar Kaboel teruggegaan om te kijken of het klopte wat hij had geschreven. "Want het is ­gewoon mijn fantasie, hè? Op basis van wat ik had gezien, ben ik gaan fantaseren."

Tijdens het schrijven veranderde zijn speelfilm langzaam in een documentaire. "Het had ook een speelfilm kunnen worden, maar dan zou ik de ­magie van de documentaire missen. Het onverwachte. Ik had Abbas nooit zo kunnen beschrijven in mijn script; de ­details, de grapjes, de interactie."

Hij ziet eigenlijk weinig verschil, zegt Amini. "Ik kan allebei. Ik heb meer fictie gemaakt dan documentaire; ik heb met enorme crews gewerkt en ik ben op pad geweest met de camera op mijn schouder. Ik ben nog bezig met een speelfilmversie, want er zijn ook dingen die ik niet kon zeggen in de documentaire."

"Daarin ontbreekt bijvoorbeeld de interactie tussen de buschauffeur en bepaalde passagiers, die voor een bepaald aspect van Kaboel staan. In een documentaire kan je dat niet sturen, in een fictiefilm wel. En de set is al klaar, Kaboel wacht op mij. De mensen met wie ik aan Kabul, City in the Wind heb gewerkt zijn er ook klaar voor."

"Ik heb de neiging om Abbas weer te vragen, maar nu moet hij acteren in plaats van zichzelf zijn. Ik denk dat hij dat kan, hij is een natuurtalent."

Verhalenverteller
Toen Amini afstudeerde aan de Rietveld was zijn vader ­teleurgesteld, omdat zijn zoon filmregisseur was geworden. Nu is hij trots. "Ik ben heel benieuwd wat hij ervan vindt. Hij heeft enorm meegeleefd; elke keer als ik in ­Afghanistan was, was hij zo ontzettend bezorgd."

"Hij is helemaal bijgedraaid. Mijn ­vader heeft inmiddels achterhaald waar mijn liefde voor cinema vandaan komt. 'Het zit in de familie,' zei hij op een keer, 'je grootvader was de bekendste verhalenverteller in de regio en daarna heb ik het geërfd.' Hij was ook verhalenverteller - het zit gewoon in de familie."

Film is voor Amini het ideale medium. "Je gaat ermee op reis naar andere plekken, naar andere tijden. Je kunt het publiek laten voelen hoe het is om als kind in Kaboel te ­wonen. Waarom wonen Afshin en Benjamin in die ellende? Wie vecht tegen wie?"

"Ze kijken naar de lucht en zien vliegtuigen vol wapens voor de taliban. Moeten ze nu voor de taliban kiezen of voor Amerika, voor Iran of voor de regering? Ik weet het zelf ook niet, ik ben de draad allang kwijt."

"Daarom probeer ik het leven van gewone mensen te laten zien. Ik ben niet zo naïef om te denken dat film de wereld kan veranderen, maar je kunt mensen wel aan het denken zetten."

Aboozar Amini

De Afghaans-Nederlandse Aboozar Amini studeerde in 2010 af aan de Gerrit Rietveld Academie met KabulTehranKabul en maakte daarna On the String of Forgetfulness. Van 2012 tot 2015 studeerde hij aan de London Film School, waar hij les kreeg van onder anderen Mike Leigh en Danny Boyle.

Zijn afstudeerfilm ­Angelus Novus draaide op meer dan dertig festivals. In ­opdracht van het International Film Festival Rotterdam maakte hij Where Is Kurdistan?

Daarna realiseerde hij de kortfilm Best Day Ever. Kabul, City in the Wind is Amini's eerste lange documentaire.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden