Rechtszaak tegen Turkse broers loopt vertraging op

ALMELO - De rechtszaak wegens vrouwenhandel tegen de extreem gewelddadige Duits-Turkse broers Hasan (42) en Saban (36) B., heeft vertraging opgelopen, doordat veel slachtoffers geen verklaring willen of durven afleggen.

Justitie zoekt daarom naar ondersteunend bewijs bij familieleden en bekenden van de vrouwen, en denkt de zaak pas begin volgend jaar te kunnen voorbrengen.

Het dossier in de zaak beslaat inmiddels 56 ordners met bij elkaar meer dan vijftigduizend pagina's. Tijdens een pro formazitting voor de rechtbank in Almelo bleek dat justitie veel meer tijd nodig heeft en meer getuigen wil horen. Volgens justitie hebben de verdachten - mede-hoofdverdachte Nuri T. is voortvluchtig - een honderdtal vrouwen gedwongen in de prostitutie laten werken.

De broers Hasan en Saban B. streken eind jaren negentig neer op de Amsterdamse Wallen. Toen ze in februari van dit jaar werden gearresteerd, samen met tien medeverdachten, hadden ze prostituees aan het werk in Amsterdam, Alkmaar, Utrecht, Den Haag en in Belgische en Duitse steden. Met een netwerk van pooiers, bewakers en chauffeurs hielden ze de vrouwen in de gaten. Bij tegenstribbelen schroomde de groep niet geweld te gebruiken. De vrouwen moesten dan een koud bad nemen om te voorkomen dat blauwe plekken al te zichtbaar werden.

Volgens justitie zijn enkele vrouwen ook gedwongen de naam van hun pooier te laten tatoeëren. Het OM probeert tevens te bewijzen dat slachtoffers onder druk zijn gezet om abortus te plegen en ook om hun borsten te laten vergroten. Vanaf 2002 zou de groep met hun praktijken negentien miljoen euro hebben verdiend. Dat geld is geïnvesteerd in bordelen en horeca in Duitsland.
Veel geprostitueerde vrouwen hebben geweigerd tegen de mannen te getuigen. Sinds kort heeft justitie wel een verklaring van een schoonmaakster uit de rosse buurt van Utrecht, die heeft gezegd dat veel van de meisjes er onder dwang werkten.

De advocaten van medeverdachten Mesut D. en Moiz C. vinden het uitstel tot begin volgend jaar veel te lang. Volgens hen wekt het OM ten onrechte de indruk dat het om een megazaak gaat door de verdachten als één groep voor de rechter te brengen. D. en C. gelden als pooiers die in de hiërarchie net onder Hasan en Saban staan.

De advocaat van Mesut D. (32) uit Haarlem, G. Jansen, beaamde dat haar cliënt een pooier is, maar dat het bewijs tegen hem vooral gaat over de vrouw die nog altijd zijn vriendin is. Volgens haar is D. ' enkele jaren geleden ook al verdacht haar tot prostitutie te dwingen', maar toen vrijgesproken. D. kreeg in die zaak wel veertig maanden cel wegens het dwingen van andere vrouwen, onder wie een minderjarig meisje. Voor Hasan en Saban B. zou hij ' hand- en spandiensten' hebben verricht.

Ook advocaat van de in België wonende Moiz C. (31), M. Balemans, ontkent dat zijn cliënt pooier is en iets met de groep te maken heeft. Bovendien zouden de verdenkingen alle in België spelen en kan hij daarvoor niet in Nederland worden vervolgd. (HET PAROOL)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden