Plus

Project CeCe zoekt mee naar ­milieuvriendelijke lookalikes

Met enkele muisklikken een duurzame versie vinden van dat ene mooie T-shirt? ­Mode­platform Project CeCe zoekt mee naar ­milieuvriendelijke lookalikes.

Beeld Marit Goossens

Stel: tijdens het scrollen op Instagram, het (online) winkelen of wandelen op straat spot je een mooie broek, leuke jurk of fijne jas. Precies een die je zocht. Enige puntje: het betreffende kledingstuk komt van een fastfashionmerk, een merk dat snel en goedkoop produceert, en daar blijf je liever verre van. Wat doe je?

Dan maak je een foto of screenshot en ga je naar ­projectcece.nl, waar je, nadat je de afbeelding up­loadt, alle mogelijke duurzame en eerlijke alternatieven te zien krijgt. Althans, dat is het idee achter de nieuwe tool die de Amsterdamse modeverzamelwebsite Project CeCe en het Macedonische platform Pixyle lanceren.

De tool werkt op basis van kunstmatige intelligentie: hij scant bepaalde punten op de afbeelding en koppelt die aan andere afbeeldingen met soortgelijke kenmerken. "Zie het als tags: 'jurk', 'zwart', 'kant'. De tool zoekt dan naar afbeeldingen binnen ons platform met dezelfde tags," zegt Noor Veenhoven (26), een van de oprichters van startup Project Cece.

Zelflerend algoritme
Dat klinkt handig, maar werkt het ook? Na een paar tests met schermafbeeldingen van modeshows, webshops, ­Instagram en beroemdheden, is het oordeel: redelijk. De kleuren en kledingstukken komen overeen, maar de materialen verschillen vrij vaak, en soms lijkt de tool de achtergrond van de foto mee te taggen.

Maar volgens Veenhoven zou dat steeds minder moeten worden. "De tool heeft een machine-learning algoritme: als jij een afbeelding van een gele rok uploadt en je klikt alleen op de suggesties die daar echt op lijken, weet hij dat dit kennelijk de betere keuzes zijn, en verbetert het algoritme."

Een volkomen identiek kledingstuk vinden is lastig. Een wit T-shirt lukt prima, maar hoe trendgevoeliger en unieker een kledingstuk is, hoe lager de kans op gelijkenis. Niet zo gek: trends komen en gaan en zijn in essentie dus niet erg duurzaam. Veenhoven: "De tool is meer een grappige manier om mensen te laten zien wat voor duurzame opties ze zoal hebben. Het past binnen ons doel: duurzame mode leuk en makkelijk maken."

Veenhoven begon Project CeCe vier jaar geleden met zusjes Melissa (24) en Marcella (25) Wijngaarden. Melissa Wijngaarden: "We wilden alle drie graag bewuster en duurzamer kleding kopen, maar deden het niet. Een van de belangrijkste redenen was dat we het aanbod heel onoverzichtelijk vonden. Verschillende keurmerken, verschillende opvattingen van wat duurzaam is, verschillende merken. Na de vijfde website ben je het wel beu."

Dus bedachten de Amsterdammers een oplossing: een online verzamelplatform voor duurzame mode. Te vergelijken met Zalando - er staan verschillende merken op één site. Wijngaarden: "Het verschil is dat Zalando ook direct verkoopt en wij alleen linken naar de website van het desbetreffende merk of webshop. Als de bezoeker vervolgens binnen dertig dagen iets op die site koopt, ontvangen wij daar commissie over."

Eigen labels
Inmiddels linkt het platform naar 130 webshops die ­samen meer dan 300 duurzame merken verkopen. Veenhoven: "Duurzaam is nogal een breed begrip: je hebt fair trade mode, milieuvriendelijke mode, veganistische mode. Maar niet alle fair trade is veganistisch of andersom. Ook dat wilden we inzichtelijk maken."

Omdat er voor officiële keurmerken vaak veel betaald moet worden en kleine merken dat niet altijd kunnen, bedachten de dames hun eigen labels: 'diervriendelijk/veganistisch', 'eerlijke handel', 'milieuvriendelijk', 'in Europa geproduceerd' en 'steunt lokale bevolking.' Om kans te maken op toelating tot het platform, moeten de merken minstens op één van die punten goed scoren.

"We moeten afgaan op de informatie die de merken ons geven, maar je hebt al snel door of iets klopt of niet," zegt Wijngaarden. "Als merken beweren dat ze eerlijk en goed produceren, maar geen antwoord geven als je doorvraagt, weet je genoeg."

Veenhoven vult haar aan: "Greenwashing is ook zoiets. Vooral grotere bedrijven maken zich daaraan schuldig: ze brengen één 'groene' kledinglijn, waarin ze bijvoorbeeld ecokatoen gebruiken, terwijl de rest van het productieproces is helemaal niet 'groen' is. Vervolgens moet de consument meer betalen voor het 'groene' product. Hoewel ecokatoen niet duurder is, zeker niet als je groot inkoopt."

Meer aandacht voor duurzaamheid
Toch snappen Veenhoven en Wijngaarden ook dat het voor grote fastfashionmerken onmogelijk is om alles in één keer perfect te doen. Wijngaarden: "Je hebt te maken met bemiddelaars, fabrieken op afstand en gigantische productieprocessen. Dat verander je niet in één keer. Daarom richten wij ons ook op de consument: die kan een signaal afgeven."

Daarin zien de jonge ondernemers ook een verandering. Veenhoven: "Net als op het gebied van voeding is er ook in de retail- en modesector steeds meer aandacht voor duurzaamheid. Toen de NPO-serie Genaaid op televisie was, zagen we een enorme piek op onze site. En ook nu blijft het aantal maandelijkse unieke bezoekers stijgen."

Eind mei hopen ze de site ook uit te rollen in Engeland. Wijngaarden: "Daar zie je aan de ene kant dat ze verder zijn op het gebied van duurzame mode, maar ook dat de fastfashionindustrie er enorm is. Uit een onderzoek van stichting Barnardo's blijkt dat Britse vrouwen een kledingstuk gemiddeld maar zeven keer dragen voor ze het weggooien."

Veenhoven: "In Nederland is dat trouwens tien keer, dus ook hier valt nog veel te winnen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden