PlusPS

Politicoloog Fennema: 'Wilders is een labiele figuur, net als Trump'

Politicoloog Meindert Fennema (70) is een man van uitersten: van corpsstudent en communist tot biograaf van Geert Wilders en promotor van diens adjudant Martin Bosma. 'Het PVV-programma leidt tot etnische zuiveringen.'

Meindert FennemaBeeld Renate Beense

Nog voor de eerste vraag staat Meindert Fennema al te foeteren in de keuken van zijn cottage in Aerdenhout, waar hij een zelfgebakken boterham met kaas serveert.

Over de lokale politiek, die al jaren gebukt gaat onder een hoogoplopend conflict met de twee rijk geworden broers Rob en Hans Slewe. Die willen bouwen op hun nieuw verworven landgoed, maar worden naar eigen zeggen dwarsgezeten door het old boys network in het dorp.

Rond het huis scharrelen kipjes. Waar­om zou hij de kant van de broers moeten kiezen, wil Fennema weten. Omdat ze uit Amsterdam-West komen? "Een tweede huis bouwen op een landgoed mag helemaal niet."

Rood kleuren
Hij is zelf al bijna achttien jaar weg uit de stad. Nooit een seconde gemist. Het huis in Aerdenhout is van zijn vrouw ­Caroline van Dullemen, die het erfde van haar moeder.

"Zij was veel aarzelender om hier te gaan wonen. Ze vond het niet leuk dat haar kind tussen de miljonairs op zou groeien. Maar ik denk: een dorp is een dorp. Er is hier enorm veel ­contact. Ik loop elke ochtend met mijn buurman in de duinen. We hebben een ­bejaardenclubje: de grijze matters. We gymmen samen. Dat heb je in Amsterdam niet."

Het enige wat dezer dagen nog rood kleurt in de omgeving van de voormalige communist zijn de broeken van zijn buren.

De emeritus hoogleraar politicologie van de Universiteit van Amsterdam, biograaf van Geert Wilders, was onlangs weer eens betrokken bij een akkefietje, zoals hij zijn hele leven al betrokken is bij akkefietjes.

Met zijn rechtse vrienden Frits Bolkestein en publicist Paul Cliteur richtte Fennema de stichting Werkelijkheid in Perspectief op. In debatcentrum De Balie organiseerde die een avondje over de islam.

Dat ging goed totdat een vrouw uit het publiek voorstelde het percentage moslims in het land te beperken tot 1 à 2 procent en de rest eruit te knikkeren, te beginnen met de beroepsmoslims. Cliteur ­reageerde, op het podium gezeten naast de radicaal-rechtse Vlaming Wim van Rooy, met het voorstel 'een beetje voorzichtiger te beginnen'.

Een fraaie vertoning.
"Verschrikkelijk."

Waarom greep u niet in?
"Ik was al weg, anders had ik gezegd: mevrouw, u wilt de rechtsstaat afschaffen, begrijp ik dat goed? Cliteur gaf een enorm slap antwoord: we beginnen gewoon met een gele ster en dan zien we later wel hoe we het verder uitrollen."

Heeft u het hier nog met hem over gehad?
"Dan zegt hij dat ik het verkeerd zie, dat hij de zaak probeerde te sussen en dat hij als moderator vond dat hij geen standpunt in moest nemen. Dat is natuurlijk onzin. Hij nam wel een standpunt in: waarom ­beginnen we niet wat bescheidener?"

Krijgt u dan ruzie?
"Als het even kan probeer ik het persoonlijke en het politieke te scheiden. Dat mensen zo bang zijn voor moslims dat ze de rechtsstaat ervoor aan de kant willen zetten, vind ik nog geen reden om niet ­bevriend met ze te kunnen zijn."

"Hij komt binnenkort eten met zijn vrouw. Mijn vrouw ziet er nu al tegenop. Maar we eten elk jaar, samen met Erik van Ree en zijn vrouw Marga. Kent u Erik van Ree? Een ontzettend leuke jongen. Hij was maoïst en heeft nog met Theo van Gogh gepleit voor het gebruik van harddrugs."

"Hij zegt dat hij niet alleen aangetrokken werd door het maoïsme vanwege een gevoel van rechtvaardigheid, maar ook vanwege het gewelddadige karakter. Veel jongeren worden aangetrokken door een gewelddadige ideologie. Erik is een nu een hardcore liberal. Hij is voor volledige vrijheid van meningsuiting."

"Het grappige is, Paul Cliteur zegt ­terecht dat de linksen maar niet willen ­begrijpen dat we de theoterroristen letterlijk moeten nemen als ze zeggen dat ze het allemaal namens Allah doen. Een heel goed standpunt. Maar als je nou tegen Paul zegt dat Geert Wilders de rechtsstaat wil afschaffen, zegt hij: dat moet je niet zo letterlijk nemen."

Wil Wilders de Nederlandse Donald Trump worden?
"Dat denk ik. Hij is ook een bluffer. Al is Geert bij uitstek een parlementariër. Hij leeft op het Binnenhof. Trump is een vastgoedmagnaat, die opeens dacht: de politiek, dat kan ik ook wel."

Wilders is een democraat.
"Hij is in elk geval parlementariër. Dat maakt hem toch anders. Of hij gevaarlijker is weet ik eigenlijk niet."

Hoe bedoelt u?
"Als zijn programma wordt doorgezet leidt dat tot etnische zuiveringen."

Wat voor man is Wilders volgens u?
"Een labiele figuur, net als Trump. Een man die zijn eigen onzekerheid overschreeuwt. Hij heeft van die kinderachtige dingen. Als zijn fractiegenoot Martin Bosma een boek schrijft, vraagt hij aan zijn medewerkers wat voor cijfer ze ervoor zouden geven. Om vervolgens te vragen: en voor mijn boek?"

"In het Midden-Oosten leerde hij: nooit je zwakke kanten laten zien. Maar die heeft hij wel. De meeste mensen die hij als vriend heeft gehad vonden dat juist sympathiek aan hem."

Waarom bent u zich zo intensief in hem gaan verdiepen?
"Dat was een vorm van boetedoening. Ik ben als communist radicaal geweest. Ik ben mij destijds ook gaan interesseren voor Hans Janmaat van de Centrumdemocraten. Ik dacht: wat is eigenlijk het verschil tussen hem en de communistische voorman Marcus Bakker? Ze hadden ­dezelfde retoriek."

Wat vindt u zo fascinerend aan Wilders?
"Ik heb sympathie voor mensen die ­ergens voor staan en dat volhouden, ­ondanks het feit dat ze met de dood worden bedreigd. Ik weet niet of ik dat zou kunnen. Toen ik begon met mijn boek over hem, zeiden collega's: als je klaar bent heeft niemand het meer over Geert Wilders."

"Wat ik ook fascinerend vind is zijn achterban. Die is totaal niet gevoelig voor schandalen, of hij nu werkt met een brievenbuspisser, een pornobaron of een coke snuivende woordvoerder."

Hoe kan dat?
"Ze stemmen met hun laars, zoals wij politicologen dat noemen. Dat is stemmen op de partij waar de elite een enorme hekel aan heeft, alleen omdát die elite er een enorme hekel aan heeft."

'Ik heb sympathie voor mensen die ­ergens voor staan en dat volhouden, ­ondanks het feit dat ze met de dood worden bedreigd'Beeld Renate Beense

"Vroeger stemden mensen - mijn vader net niet - op de communisten, omdat ze genoeg hadden van de sociaaldemocratie. Echt niet omdat ze dachten: nu gaan we hier ook lekker zo'n sovjetsysteem invoeren."

Gaat Wilders de verkiezingen winnen?
"Interessante vraag. Volgens Maurice de Hond wel. Hij wordt in elk geval groot."

Baart dat u zorgen?
"Zeker. Hij wil de rechtsstaat niet ­be­scher­men en ik wel."

Er tekent zich een stevig cordon sanitaire af rondom de PVV.
"Daar ben ik tegen. Hoe meer je Wilders isoleert, hoe groter zijn macht over zijn fractie. Je kunt best samenwerken op punten waarover je het eens bent. Er zijn ook wel meer mensen tegen de rechtsstaat."

"Mijn partijgenoot Rutger Groot Wassink, fractievoorzitter van GroenLinks in de Amsterdamse gemeenteraad, wil de subsidie van De Balie intrekken omdat een ­mevrouw in de zaal zei dat ze de moslims eruit wil gooien."

Waarom bent u dan nog lid van GroenLinks?
"Dat kunt u beter aan Groot Wassink vragen."

Zijn grootvader was overtuigd aanhanger van de sociaal-anarchist Ferdinand ­Domela Nieuwenhuis en richtte in het Friese dorpje Wijnaldum de afdeling ­gemeenschappelijk grondbezit op, naar voorbeeld van de socialistische tuinbouwkolonie van Frederik van Eeden in Bussum, waar zijn oudoom timmerman was.

Een rood nest. Zijn vader, keurmeester in het slachthuis van Zeist, was lid van de Partij van de Arbeid, voorzitter van de vakbond en van de socialistische geheelonthouders van De Blauwe Knoop.

"Mijn moeder was een boerendochter uit Sexbierum," zegt Fennema. "Ze heeft nog op school gezeten bij Jelle Zijlstra, de latere premier en president van De Nederlandsche Bank. Ze was tien jaar jonger dan mijn vader. Sociologisch gezien een gelukkig gezin, behalve dat mijn moeder zwaarmoedig was. Na de geboorte van mijn jongste broer heeft ze een jaar het bed moeten houden."

Ze was, zegt Fennema, 'een angstige kleinburger'. In politieke zaken domineerde vader. Voor de rest was zij de baas. "Ze hadden nooit ruzie, behalve over het inkomen van mijn vader. We hadden vrienden in het bedrijfsleven met mooie auto's. Ging ze daar over zeiken."

"Geld interesseerde hem niets. Dan liet hij de Leeuwarder Courant zakken en zei dat ze maar een ander moest zoeken als het haar niet beviel. Dat vond ik wel dapper van hem."

Fennema ging sociologie studeren in Utrecht en werd lid van het Utrechtsch Studenten Corps. "Toen dacht ik: als ik zo doorga ben ik in vier jaar klaar. Dan kan ik hooguit eindredacteur van Vrije Geluiden worden."

"Dat leek mij het ergste wat je kon overkomen. Dus ik nam de langste studie die er bestond. Dat bleek politicologie in Amsterdam. Daar deden de studenten er gemiddeld elf jaar over."

Keken uw ouders er niet van op als u in uw verlopen corpsjasje thuiskwam?
"Dat kwam ik niet natuurlijk. Ze hadden geen idee. Ze wisten helemaal niets van de universiteit. Ik was lid geworden omdat mijn broer lid was. Die werd veearts en in die tijd waren alle studenten geneeskunde lid van het corps."

Wat vond uw vader ervan dat u in 1972 besloot communist te worden?
"Hij vond dat de CPN niet deugde vanwege de Sovjet-Unie. Maar hij vond het wel leuk dat ik radicaal was. Het was geen enkel probleem om zijn auto te lenen als we actie gingen voeren met de studentenbond Asva."

U bent lid gebleven van de CPN tot de opheffing in 1989. Hoe houdt een intelligent mens dat zo lang vol?
"Voor een deel door de afkeer van de politieke elite. Als lid van het studentencorps zag ik hoe allerlei zaken onderling werden geregeld. De zachte vormen van in- en uitsluiting van het old boys network. Dat had je ook in de politiek. Het ­ergerde mij mateloos, dus ik dacht: ik ga de tegenstander schrik aanjagen."

Niet iedere afvallige corpsbal wordt communist.
"Het was ook de tijdgeest."

De tijdgeest? U heeft uw halve leven in totalitarisme geloofd.
"Het was een soort conformistische ­opstandigheid. Maar wij waren tegen het stalinisme. We hadden kritiek op de Sovjet-Unie en we waren tegen China. Dat we wel voor Noord-Korea waren, dat werd dan maar als een grapje beschouwd."

"Toen het stalinisme aan het einde van de jaren ­zeventig verdween, vond ik het kinderachtig om te zeggen: nu vind ik het niet leuk meer. Dus ik ben lid gebleven totdat de CPN opging in GroenLinks. Dat halve leven van u heeft dus vijf jaar geduurd."

Wat heeft u als radicaal geleerd over de radicalen van nu?
"Dat mensen heel selectief zijn in hun waarnemingen. Een kameraad uit Leeuwarden geloofde destijds niet dat er onder Stalin miljoenen boeren waren vermoord. Hij zei: Meindert, als het klopt wat je zegt, hadden we dat wel in De Waarheid gelezen."

Jeugdfoto Meindert FennemaBeeld -

"Ik lees nu soms de politieke weblog De Dagelijkse Standaard. Dan zie je hoe het nieuws wordt geselecteerd. Als je radicaliseert, verhardt zich die selectiviteit."

Is dat wat aan de gang is bij Wilders?
"Heel sterk. Net suggereerde u dat het niet netjes is van mij om bevriend te blijven met Paul Cliteur. Dat is voor mij een schrikbeeld uit de CPN-tijd. Met anticommunisten ging je niet om. Dat wil ik nooit meer meemaken."

We zouden allemaal bevriend moet raken met een PVV'er.
"Dat zou een hele hoop schelen."

Heeft u Wilders al een keer gesproken?
"Nee."

Zou het helpen?
"Met wat?"

Zijn deradicalisering.
"Dat denk ik niet. Hij staat op een ­dodenlijst. Zijn probleem is dat hij geen kant uit kan, alleen nog maar vooruit."

Er is nogal wat kritiek op het feit dat u voor uw biografie zogenaamd in zijn hoofd gekropen bent. Dat is niet erg ­wetenschappelijk.
"Dat maakt mij niets uit. Ik ben oud, ik heb mijn hele leven verantwoorde methodes gehanteerd. Het is niet wetenschappelijk en voldoet ook niet aan journalistieke hoor en wederhoor, maar ik kan het voor mijzelf verantwoorden."

"Er staat niets in waarvan iemand gezegd heeft dat het niet waar is. Je kunt zeggen: ik maak misbruik van mijn gezag als hoogleraar, maar ik ben erin geslaagd hem heel dicht te naderen."

Beschouwt u uzelf als dé Wilderskenner?
"Dat is Martin Bosma, maar die schrijft er geen boek over."

Bosma, de adjudant van Wilders, gaat bij u promoveren op de Nederlandse ­betrokkenheid bij de antiapartheidsstrijd in Zuid-Afrika.
"Hij heeft het me gevraagd."

Heeft hij daarover nog tekst en uitleg gegeven?
"Nee, waarom? Hij heeft in de jaren tachtig bij mij gestudeerd, al kan ik me dat niet meer herinneren. En ik heb dat boek over Wilders geschreven, waarvan hij zegt dat hij het niet heeft gelezen. Het is een hele analytische en scherpe jongen."

Het is wel opvallend: een PVV'er die promoveert bij een voormalig communist.
"De reacties die ik heb gehad zijn onthutsend. Er is academische vrijheid. Een hoogleraar wordt niet geacht mensen te selecteren op hun politieke voorkeur."

"Nou, dat doen ze wel hoor! Ik vind dat een schande. Als ik ze dan vraag of een racist niet het recht heeft om te promoveren, zoeken ze gauw naar een ander onderwerp om over te praten. Ze zijn bang voor hun eigen antwoord."

Is Bosma een racist?
"Dat heb ik niet gezegd. Publicist Joost Niemöller is een racist, maar die heeft weer een heel goed boek geschreven over Hans Janmaat."

En dan maakt het niet uit?
"Nee, dat hoort niet uit te maken."

Wat vindt uw vrouw, voormalig anti­apartheidsactivist, er eigenlijk van dat Bosma bij u promoveert?
"Mijn vrouw is erg liberaal."

Ook hij mag komen eten?
"Nou, hij krijgt een boterham als hij hier komt. Net als u. Maar hij is een heel charmante jongen. Het is niet voor niets dat de Tweede Kamer hem liever als voorzitter had gehad dan die saaie Khadija Arib, als hij maar geen lid was geweest van de PVV."

Voelt u zich weleens oud? In de zin van: losgezongen van deze tijd?
"Helemaal niet. Sinds ik ben weggejaagd bij de Volkskrant schrijf ik een ­column voor The Post Online. Daar zitten allemaal jonge mensen met een zekere sympathie voor Wilders. Ik vind het leuk om eens een keer niet voor eigen parochie te preken. GroenLinks is het ergste scheldwoord dat je in die kringen kunt bezigen. Het is leerzaam om te lezen wat ze van mijn stukken vinden."

Uiteindelijk zoekt u het toch weer het liefst in de provocatie?
"Moet ik dan mensen overtuigen die toch al hetzelfde vinden? Wat zijn we weer lekker goed bezig samen? Ik heb bij TPO een eetclub opgericht. Een keer in de maand nodigen we iemand uit. Ahmed Marcouch is geweest en Jacques Monasch. Een officier van de marine en een vluchteling. Ze kijken een beetje tegen me op, omdat ik veel gedaan heb wat zij ook willen doen."

Zoals?
"Boeken schrijven en intellectueel worden. Ik ben een beetje de opa van die lui. Dan zie je dat zij ook gewoon erkenning zoeken."

'GroenLinks is het ergste scheldwoord dat je in die kringen kunt bezigen. Het is leerzaam om te lezen wat ze van mijn stukken vinden'Beeld Renate Beense

Meindert Fennema

21 mei 1946, Leeuwarden

1958-1964
Schoonoord College, Zeist

1965-1968
Studie sociologie, Utrecht

1968-1973
Studie politicologie aan de UvA

1972-1989
Lid van de CPN

vanaf 1975
Medewerker van de vakgroep politicologie van de UvA

1989-nu
Lid van GroenLinks

2002-2012
Hoogleraar migratie en etnische studies aan de UvA

2010
Biografie Geert Wilders, ­Tovenaarsleerling

2015
Publicatie Goed Fout, Herinneringen van een Meeloper

Meindert Fennema en zijn vrouw wonen in Aerdenhout. Hij heeft twee dochters, van wie één uit een eerdere relatie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden