Plus

Piet de Groot werkte 40 jaar met verslaafden: 'De stad mag best wat strenger zijn'

Meer dan veertig jaar werkte Piet de Groot op straat met verslaafden in de stad. Bij zijn afscheid van Streetcornerwork zegt hij: Amsterdam mag wel wat strenger zijn.

Piet de Groot: 'Wij proberen beter te zijn dan de straat.' Beeld Carly Wollaert
Piet de Groot: 'Wij proberen beter te zijn dan de straat.'Beeld Carly Wollaert

De klachten o­ver toeristen, rolkoffers en donutwinkels horen helemaal bij het Amsterdam van nu, maar het zijn ook problemen waar ze in de jaren zeventig alleen maar van konden dromen.

De heroïne was de Nutella van toen, en vrijwel wekelijks werd er in de stad wel ergens een dodelijk slachtoffer aangetroffen, vaak nog van jonge leeftijd.

"Halverwege de jaren zeventig waaierde de heroïne uit van de binnenstad naar de wijken," zegt Piet de Groot (65) van Streetcornerwork. "Het spul werd gemeengoed onder buurtjongeren. Zij gebruikten het zoals alcoholisten drinken: onmatig. Dat heeft in die periode tot heel veel overdoses geleid, niet zelden met dodelijke afloop."

Veel narigheid
Meer dan veertig jaar werkte De Groot op straat met verslaafden. Vorige week nam hij officieel afscheid van Streetcornerwork, en nam de stad afscheid van een man die in zijn werkzame leeftijd alles van dichtbij heeft beleefd, van de nieuwe drugs die hun entree maakten, de problemen die dat op straat veroorzaakte en de manier waarop gemeente, politie en gezondheidszorg die problemen probeerden aan te pakken.

De Groot trekt met een goed gevoel de deur achter zich dicht: de situatie op straat is veel beter dan vroeger. "Ik heb veel narigheid gezien, maar ook veel verbetering. Drugs spelen op straat nauwelijks nog een rol. Het probleem van deze tijd in het openbaar domein is alcoholisme."

De Groot landde in Amsterdam in 1972, na zijn dienstplicht. "Via een vriend kreeg ik een baantje bij het Zomerjeugdtoerisme, een gemeentelijke opvang voor jonge toeristen. Wij zaten in Noord in een oude machinefabriek. Er was een boot waar veertig mensen konden slapen en nog een zaaltje met stapelbedden. Een gezellige tijd."

Softdrugs
"We voerden overleg met de grote jongens van Paradiso en Fantasio. Bij ons konden de mensen blowen. Het ging vooral om softdrugs. In de haven kocht je voor vijftig gulden een grote zak Acapulco Gold. LSD was ook populair: het was de tijd van Easy rider en Space odyssey."

De komst van de heroïne veranderde alles, herinnert De Groot zich. "Dat ging razendsnel. Toen we in 1973 weer open gingen voor de zomer, was de heroïne er. De sfeer was totaal omgeslagen. De vriendelijke hippiesfeer was verdwenen, de mensen waren agressief en vervelend. Ik maakte mijn eerste overdosis mee, we vonden 's ochtends een dode Italiaan op het grasveld voor de opvang."

"Dat was nieuws voor de voorpagina. De volgende dag stond er een ambtenaar van CRM voor de deur. Die wilde weten wat er aan de hand was. Ik nodigde hem uit binnen te komen voor een kop koffie, maar hij bleef liever buiten staan. Voor de overheid was het ook nog een totaal onbekende wereld."

Vechten om het spul
De zorgen groeiden en de gemeente nam het initiatief voor een voorlichtingsbijeenkomst voor jongerenwerkers in de grote zaal van Tuschinski. "Daar kregen we te horen hoe het allemaal in elkaar stak. Ook over de verslavingsaspecten. Er was nog helemaal niets georganiseerd. De klassieke verslavingszorg richtte zich op alcoholisten, niet op druggebruikers."

De heroïne zorgde ook voor veel onrust op straat. "Als in Rotterdam een container werd onderschept, schoten de prijzen in Amsterdam meteen omhoog. Het liep in de honderden guldens per gram. Mensen gingen elkaar te lijf om aan het spul te komen."

Een veelheid aan organisaties probeerde in de jaren zeventig gesubsidieerd het wiel uit te vinden. De term mozaïekmodel suggereerde een weloverwogen beleid dat in werkelijkheid niet bestond. "Iedereen deed eigenlijk maar wat. De verwachting was ook dat de heroïne wel zou overwaaien. Maar het ging niet voorbij."

Alternatief middel
Toen dat doordrong, werd in 1980 besloten tot grootschalige methadonverstrekking om de duizenden verslaafden in de stad minder afhankelijk te maken van de heroïne. "De mensen bleven gewoon gebruiken, maar er was in elk geval een alternatief middel voorhanden. Het is echt een belangrijke stap geweest."

De methadonverstrekking stond symbool voor de benadering door beleidsmakers en hulpverleners. Verslaafden werden gezien als patiënt, iets waar De Groot achteraf moeite mee heeft. "Met de beste bedoelingen, maar je zet wel de hele groep weg als ziek, zwak en misselijk. Dat is ook typisch Amsterdams: de mensen zijn zo snel zielig."

"Soms lijkt iedereen wel slachtoffer in deze stad. Er zijn mensen die alle hulp nodig hebben, maar er zijn ook mensen die gewoon een trap onder de kont moeten krijgen. Er zit ook een hoop slapte bij verslaafden. Geen zin in dit, geen zin in dat. Daar mag best wel wat strenger tegen worden opgetreden."

Straatjunkenproject
Als keerzijde van de gerichtheid op de moeilijkste gevallen noemt De Groot de verdeling van de subsidie. "Het overgrote deel gaat naar een kleine groep gebruikers. De rest moet het met de kruimels doen, met het risico dat zij ook wegzakken."

"In de jaren negentig gaf ik leiding aan het straatjunkenproject in Zuidoost. Er kon daar veel voor de geselecteerde gebruikers: nachtopvang, dagbesteding, beheer van uitkeringen inclusief een zorgverzekering. De problemen waren groot, maar ik heb ook wel mensen bij me gehad die vroegen hoe ze straatjunk konden worden. Dan legde ik uit dat ze minstens vier antecedenten moesten scoren. Waanzin natuurlijk."

De afgelopen tien jaar werkte De Groot weer in de binnenstad, als onderdeel van een keten met politie, justitie en gezondheidszorg. "Aanleiding waren de veelplegers in de stad. Terecht was daar steeds minder tolerantie voor. Waarom zou je het moeten pikken dat schreeuwende mensen de sfeer in het park verpesten?"

Begripvol maar streng
"We hebben nu een veelplegerspreekuur waar we de mensen laten komen die dreigen af te glijden. De politie is leidend in die gesprekken, de toon is begripvol maar streng. Wij hebben de middelen om mensen iets aan te bieden, zoals woonruimte. Wat we vragen is gedragsverandering, en daar wordt ook streng op toegezien. Wij moeten concurreren met de straat. Wij proberen beter te zijn dan de straat."

Dat verleiden van verslaafden tot beter gedrag zorgt voor een spanningsveld, beseft De Groot. "Er kan tegenwoordig veel voor speciale doelgroepen. Dat is mooi, maar je zult maar schoonmaker zijn op het Centraal Station en vijf jaar op een woning moeten wachten. Dan is het zuur om te moeten zien hoe een overlastveroorzaker aan een huis wordt geholpen."

"Dat kan volgens mij alleen als je ook stevige eisen aan mensen stelt. Al die alcoholisten die zitten te schreeuwen en te lallen in het park, daar zitten veel mensen tussen die een uitkering krijgen. Daar mag je best wat voor terugvragen. Stuur ze maar op verplichte dagbesteding. De overheid moet wel de baas zijn in de stad."

Verkeerde verwachtingen
De Groot houdt van Amsterdam, maar is niet verslaafd geraakt aan de stad. Hij wil nu naar Ierland, met in zijn bagage de Frans Banninck Cocqpenning die hij van een dankbaar stadsbestuur heeft gekregen.

Heeft hij nog een laatste advies? "Ik vind dat de stad best wat strenger mag zijn. In Rotterdam is de sfeer harder, maar ook duidelijk. Als je daar niet wordt toegelaten in een traject, kom je nergens binnen."

"Als hier het ene loket nee zegt, is er altijd wel een instelling die ja zegt. Dat lijkt sympathiek, maar je kweekt ook verkeerde verwachtingen en uiteindelijk een hoop frustratie. Ik vind ook niet dat Amsterdam alle probleem­gevallen uit andere steden moet opvangen omdat wij zulke goede voorzieningen hebben."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden