Column

Peters tekeningen schetsen een wereld die ik goed heb gekend

Theodor Holman Beeld Wolff
Theodor HolmanBeeld Wolff

Wat erg dat Peter is gestorven. Een tekenaar die later een eigen museum krijgt, want wat was hij briljant.

Hij was na niet alleen een teke­naar, hij was een schrijver; hij liep het pad verder af waar Carmiggelt en Nescio waren gestopt.

En hij liep lang op dat pad.

Met een humor die onovertroffen was: er is geen tekening van hem te vinden die je niet even even een glimlach ontlokt of die je niet hardop doet schateren.

Toen hij dit jaar de Inktspotprijs had gewonnen, kon hij er al vanwege zijn ziekte niet bij zijn.

We gingen naar zijn huis om de prijs te geven.

Daar zat hij, in zijn rolstoel, slangetje met zuurstof in zijn neus. Ik vertelde hem over de jurering, en daarna wilde hij nog een sigaretje roken. Dat ging nog bijna fout, want hij had zijn sigaret aangestoken terwijl het zuurstofslangetje nog niet geheel uit zijn mond verdwenen was.

Een jaar daarvoor hadden we elkaar nog ontmoet op Texel. Peter was 'op stoot'. Vertelde verhalen over vroeger. Over Carmiggelt, Rijk de Gooyer, over de tekenaar Yrrah en vele anderen.

"Gezellig hè, over al die ­doden te praten."

Ja, het was gezellig. Het werd een mooie, dierbare avond. Af en toe verdween hij naar buiten om een sigaretje te roken.

Hij was toen al zwak, vermoedde waarschijnlijk dat hij niet al te lang meer had, maar liet daardoor zijn humeur niet bederven, althans niet waar wij bij waren.

Peters tekeningen schetsen een wereld die ik goed heb gekend. De wereld van de in­gewikkelde relatie, van het ­caféleven, van een vorm van eenzaamheid die zich al voordoet in de jeugd en niet is verdwenen als je oud bent.

Het menselijk tekort wist hij meer dan diepgang te geven door zijn fijne pen en zijn groots gevoel voor relativeringsvermogen. Pareltjes
van zinnetjes versterkten zijn teke­ningen en zijn tekeningen versterkten zijn zinnetjes, waarbij het er altijd om ging om wat er niet werd gezegd.

De grootmeester van het kleine, stille verdriet waarom je toch onbeschrijflijk moest lachen, is gestorven.

Een van zijn grote verzamelboeken heet Het Is Niet Anders. Een voor Peter typerende zin; er schuilt berusting in.

Die berusting is een grondtoon in zijn werk: we zijn allemaal schlemielig maar daar kunnen we niets aan doen.

Hij leerde ons te berusten in onze eigen schlemielige lot.

Wat erg dat hij dood is. Het is niet anders.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden