PlusPS

Parween Alhinto (19) bracht vier maanden door in gevangenschap van IS

Verraden door haar eigen buren, bracht jezidi Parween Alhinto (19) ruim vier maanden door in gevangenschap van IS. Ze wist uit die hel te vluchten, maar het leven staat stil. 'Ik moet steeds denken aan mijn vader en moeder'.

Parween AlhintoBeeld Ernst Coppejans

Halverwege het gesprek stroopt ze de mouw van haar jasje op en laat de binnenkant van haar onderarm zien. In slordige blokletters staat haar naam getatoeëerd: PARWEN. Toen ze de naald in haar vlees zette, dacht ze: als ik straks word vermoord of gebombardeerd door een F-16 kan mijn moeder me zo in elk geval nog terugvinden.

Nu is het een eeuwige herinnering aan wat haar is overkomen: vier maanden en tien dagen leven in de hel van IS. Vanavond is ze in het Amsterdamse debatcentrum De ­Balie om getuigenis te doen. Ze wil dat de wereld het weet.

Parween Alhinto werd geboren in Noord-Irak, in het dorpje Grêzer, en groeide op in het nabijgelegen Rambuz. Een jezidimeisje uit het gebied tussen Mosul en Duhok. "Een goed leven," zegt ze. Arm, maar vreedzaam. Haar ­vader werkte in de bouw, haar moeder, één van de twee vrouwen met wie hij was getrouwd, zorgde voor het huishouden. Haar broertje ging naar school.

In augustus 2014 viel IS de jezidiprovincie Sinjar binnen.

"Ze kwamen eerst naar Grêzer," zegt Alhinto, terwijl ze strak voor zich uit kijkt. Er werd gevochten, ook door haar vader. Veel helpen deed het niet. De complete gemeenschap van haar dorp werd bijeengedreven en ge­arresteerd.

44 Familieleden opgepakt
"We zijn verraden door onze eigen buren. Ze zeiden tegen IS: 'Dat zijn jezidi's, dat zijn ongelovigen.' Arabieren met wie we al eeuwenlang samenleven. Ik werkte met ze in de landbouw, mijn vader werkte voor ze in de bouw."

De verbijstering staat nog altijd in haar ogen. Vorige week werd haar dorp bevrijd, maar hoe moet ze weer leven naast de mensen die haar hebben uitgeleverd aan IS in de hoop zelf met rust te worden gelaten?

Ze spreekt monotoon, maar uiterst ferm en zelfverzekerd. Van haar familie werden 44 leden opgepakt. "Ze zeiden: kom maar, we gaan niets met jullie doen," zegt Alhinto. "Er gaat niets met jullie gebeuren."

Met haar jongere broertje en zusje werd ze in een auto ­gezet en meegenomen naar de stad Sinjar. In een gebouw, waar normaal gesproken bruiloften en andere feestjes werden gehouden, zag ze ook de anderen weer: mannen boven, vrouwen en kinderen beneden. Opnieuw geruststellende woorden, maar een half uur later al werden de mooiste meisjes geselecteerd en meegenomen.

Alhinto: "Daar was mijn nichtje bij. Ze was zeventien jaar, net als ik. Sommige meisjes waren nog veel jonger."

Zonder genade
Haar vader en moeder werden voor haar ogen gekneveld en afgevoerd. Ze zeiden tegen de achterblijvers: we gaan de mannen vermoorden. Alhinto schreeuwde en huilde. Ze wilde bij haar vader blijven. "Ik heb de hand van mijn broertje proberen vast te houden, maar hij moest ook mee. Hij was 10 jaar oud. Ik heb hem nog één keer gezien. Ik weet niet wat er met ze is gebeurd, al drie jaar niet."

Zelf werd ze met vijf meisjes naar een IS-kamp gebracht. Als handelswaar op de bazaar. IS-strijders kwamen kijken wie ze wilden hebben. Ze werden verkocht of geruild. Of weggegeven als cadeautje voor iemand die goed gevochten had. Meisjes van 17 of nog veel jonger, 10 jaar soms.

Ze werd van plek naar plek versleept. Doorverkocht, uitgeleend, weggegeven. De laatste keer zei een IS-strijder tegen haar: nu gaan we je verkopen aan een Saoedi of een ­Syriër. "Ik was hun gevangene," zegt ze. "Ze deden met me wat ze wilden: slaan en martelen. Ik heb honger geleden en moest de Koran uit mijn hoofd leren. Ze wilden ons bekeren tot de islam. Ze waren zonder genade."

Veel jezidimeisjes in gevangenschap raakten zwanger van hun beulen. Even stokt het gesprek. Dan zegt ze: "Daar wil ik niet over praten."

Parween Alhinto: 'Met een vriendin had ik een gat in de muur gevonden. We zijn erdoor gekropen en hebben ons eerst schuilgehouden'Beeld Ernst Coppejans

Na vier maanden wist ze te vluchten. Het was elf uur in de avond. Op het dak van het gebouw waar ze werd vast­gehouden waren twee IS-wachten bezig met hun meisjes. "Met een vriendin had ik een gat in de muur gevonden. We zijn erdoor gekropen en hebben ons eerst schuilgehouden voor de bewakers en de honden. Het was koud in de modder. We hadden geen schoenen. Op een gegeven moment was het genoeg en zijn we keihard gaan rennen."

In het Sinjargebergte kwamen ze uiteindelijk twee jezidimannen tegen, die hun een jas en schoenen gaven. "We omhelsden elkaar. We waren opgelucht en moesten huilen, maar ons gevoel was dubbel. Ik moest steeds denken aan mijn vader en moeder en aan de kinderen die waren achtergebleven."

Gereinigd met heilig water uit de tempel
Vroeg in de ochtend bereikten ze de top van de berg en werd Alhinto naar een neef in Koerdistan gebracht.

Angst: zou ze nog worden geaccepteerd? Wie seksueel contact heeft gehad buiten de gemeenschap wordt in de traditie van de jezidi's uitgestoten. Haar neefjes vroegen haar niets, dat was in elk geval een opluchting. Na drie dagen rust is ze naar Lalish gegaan, het spirituele centrum van de jezidi's. Geestelijk leider Baba Sheikh heeft haar gereinigd met heilig water uit de tempel. Hij zei: "Jullie zijn voor ons nog meer waard dan al die andere meisjes."

Alhinto woont nu in een Koerdisch vluchtelingenkamp bij Duhok, in een tent van de zus van haar 'andere moeder', de tweede vrouw van haar vader. Ze zitten er met zijn achten: man, vrouw, vijf kinderen en zijzelf. Al twee jaar en twee maanden. Van haar familie is nog niemand terug­gekomen.

Ze is bang van het donker, zegt ze. Ze slaapt slecht en kan zonder kalmerende pillen nauwelijks functioneren. Ze zou heel graag worden behandeld. Haar verhaal kunnen doen aan een professionele hulpverlener. Iemand die haar niet kent, iemand uit het Westen die na een tijdje weer weggaat. Ze vindt het moeilijk om het met bekenden over haar ellende te hebben. Er is schaamte.

Hoe ziet zij haar toekomst?

Alhinto: "Ik bid tot God. Als mijn ouders terugkomen, kan ik misschien een nieuwe start maken."

Parween Alhinto spreekt dinsdagavond in De Balie, 20.30 uur. Met onder meer ook VVD-Kamerlid Han ten Broeke en Irak-­correspondent Judit Neurink.

Jezidi's en hun godsdienst

Jezidi's geloven in één opperwezen, Yezdan, en aanbidden de zeven aartsengelen die door hem zijn aangesteld om de wereld te besturen. De voornaamste is Taus Malek, de Pauw-engel. Jezidi's ­beschouwen zichzelf als het eerste volk, geschapen voor alle andere volken. Het is een van de oudste religies ter wereld. In de loop van de eeuwen zijn elementen overgenomen uit andere godsdiensten, waaronder het christendom en de islam.

De voornaamste heilige plaats is Lalish, in het noorden van Irak. Daar bevindt zich het graf van Sjeik Adi ibn Musafir, uit de twaalfde eeuw, volgens de jezidi's de reïncarnatie van Taus Malek. Lalish is de zetel van geestelijk leider Baba Sheikh, die na de verkrachtingen door IS het achthonderd jaar oude decreet heeft af­geschaft dat vrouwen worden verstoten als zij seks hebben gehad met een niet-jezidi.

Volgens de overlevering hebben de jezidi's 74 genocides meegemaakt. Op 3 augustus 2014 viel IS de jezidiprovincie Sinjar binnen. Meer dan 6000 mannen, vrouwen en kinderen werden ­afgevoerd naar IS-gebied. De meisjes werden verhandeld als seksslaaf, jongens en mannen werden in­gelijfd als strijder voor IS. Duizenden mannen en oudere vrouwen werden vermoord. Na de bevrijding van Sinjar in december 2015 zijn massagraven gevonden.

Naar schatting zijn nog zo'n 3000 vrouwen en kinderen in handen van IS. De meerderheid van de circa 500.000 jezidi's woont in vluchtelingenkampen in het Koerdische deel van Irak en durft niet terug. Een klein deel van de meisjes is opgenomen in ­Europa, vooral in Duitsland.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden