Plus

Özcan Akyol: 'Ik vertik het om die idioten een podium te geven'

Schrijver-columnist Özcan Akyol (32) geeft vanuit de luwte van Deventer zijn - soms stevige - mening. Het resultaat is dat hij op internet aan de lopende band wordt bedreigd. 'Het is raar dat we dat normaal vinden.'

Özcan Akyol: 'Ik ben geen intellectueel, die pretentie heb ik ook niet. Ik probeer zaken met mijn boerenverstand te benaderen.'Beeld Mark Van Der Zouw

'Leukste Turk na Ali B.' Het was een berichtje waar columnist en schrijver Özcan Akyol nog wel om had kunnen grinniken, zeker als je het wegzet tegen de bende die dagelijks via verschillende kanalen over hem wordt uit­gestort. Het hoort erbij, zeggen mensen dan. Wil je een flinke mening verkondigen, dan moet je tegen de consequenties kunnen.

Het is Akyol te kort door de bocht. "Het gaat aan de lopende band door. Ik laat mijn leven er niet door beïnvloeden, maar het is wel een raar mechanisme dat we met zijn allen normaal zijn gaan vinden. We accepteren het." Met een brievenrubriek in de Varagids, een column in Nieuwe Revu en sinds mei een column in het AD is Akyol drukker dan ooit.

U kiest ervoor nauw in contact te staan met de mensen die op uw columns reageren. Waar mogelijk mailt u iedereen terug. Waarom?
"Dat zijn de aardige mensen. Zij nemen de moeite om mij te contacten, me een hart onder de riem te steken - niet altijd even subtiel, maar goed - of me te laten weten dat ze het wel of niet eens zijn met wat ik heb geschreven. Dan kun je op zijn minst een korte reactie teruggeven."

Is dat een dagtaak?
"Op Facebook en Twitter ga ik niet meer in dialoog. Het zijn over het algemeen randdebielen. Het debat verlies je altijd - er valt niets te winnen, namelijk. Er zitten daar zoveel psychopaten, daar hoeven we niet moeilijk over te doen. Je hebt geen idee van wie de berichten komen, maar ze zitten gewoon tegen je aan te lullen."

D66-voorman Pechtold besloot een rechtszaak aan te spannen tegen de man die een foto van een vuurwapen op zijn Facebookwall ­postte met de tekst 'Pechtold, je moet n kopschot hebben'. U schreef in een column dat u dat niet van plan bent. Waarom niet?
"Dan lijkt het of ik mezelf heel belangrijk vind. Het gaat niet om mij, het is een maatschappelijk fenomeen. Wat Pechtold deed is te prijzen, al zegt de cynicus in mij ook dat het bij politici in campagnetijd nooit duidelijk is of de intenties zuiver zijn."

"Ik heb alles voorbij zien komen: smaad, laster, bedreiging, discriminatie. Volgens mijn advocaat zou ik in veel gevallen morgen een rechtszaak kunnen beginnen, maar ik vertik het om die idioten een podium te geven. Kijk, het is niet iets van landsbelang, hè. Bedreigingen zijn iets waar columnisten mee te maken hebben, maar normaal is het niet."

Valt bedreiging aan te pakken?
"Ik heb geopperd dat een medium kan besluiten dat mensen die willen reageren zich eerst moeten registreren. Met identiteitsbewijs. Dan vervalt de schijnveiligheid van gal spuien via internet."

Is het nog mogelijk een zuiver debat te voeren?
"Het is moeilijker geworden. Iedereen hanteert eigen spelregels. Ik schreef deze week een column over Denk; die deel ik niet eens meer. Ik kan de reacties namelijk al uittekenen: 'Je bent zeker een Erdoganaanhanger', 'Waarom spreek je je nooit uit over de Armeense genocide, lafaard?' Het heeft er niets mee te maken, maar wordt er voortdurend bij gesleept. Dat heeft niets met een debat te maken, al denkt zo'n jongen dat misschien wel."

"Wat me dit jaar ook meer is opgevallen dan voorheen: het eerste waar mensen je op proberen te pakken als je een onwelgevallige mening hebt, is etniciteit. Als het je niet bevalt, rot je toch op. Je wordt meteen gelabeld als ongewenste buitenlander. Los van het feit dat ik gewoon geboren ben in Deventer, stemt dat somber."

Door columnist van het AD te worden bent u midden in de discussiearena gekomen.
"Ik hoef niet hypocriet te doen: het AD heeft niet het meest fijnzinnige internetpubliek. Het grootste schorem zit bij De Telegraaf en het AD, denk ik, vooral op Facebook. Maar wat op de AD-website reageert, zijn niet de abonnees. Nu.nl is gestopt met Nujij, waar je kon reageren, dus nu komen ze als ratten op andere sites af."

Hoe bevalt de column verder?
"Ik vind het niet altijd leuk. Voor mijn gevoel schrijf ik soms een goed doordacht stuk, een doorwrochte analyse. Dat wordt dan door sommigen moedwillig niet begrepen, lijkt het. Op Blendle wordt zo'n stuk een hit, op de website wordt het afgekraakt. Dat laat zien dat je te maken hebt met verschillende soorten publiek."

Wat zegt dat?
"In elk geval heb je bij Blendle te maken met mensen die willen betalen voor content - dat zijn toch andere mensen."

Akyol pauzeert even. "Voor de duidelijkheid: dit gaat puur over het internetgebeuren. Met het AD en zeven regionale titels bereik ik een miljoen mensen. Dat is een fantastisch publiek. Dat zijn de mensen voor wie ik schrijf en voor wie ik altijd heb willen schrijven, omdat ik me heel erg verwant voel met die mensen. Ik kom ook uit de provincie. Amsterdam heb ik een tijdje geprobeerd: geen succes."

Hoe zou u uw rol in het debat omschrijven?
"Ik ben geen intellectueel, die pretentie heb ik ook niet. Ik probeer zaken met mijn boerenverstand te benaderen. Dat is volgens mij ook waar 'de grote zwijgende meerderheid' zich bij thuis voelt. Extremen winnen terrein, ik probeer daartussen de boel te overzien."

"Ik denk dat de meerderheid niet per se links of rechts wil zijn. Maar dat deel van de Nederlanders mengt zich niet in het debat, omdat de media - ik doe daar zelf ook aan mee - te veel ruimte geven aan extremen. Ik noem dat graag rendementsjournalistiek. Er moeten kranten worden verkocht en als je twee extremen aan een talkshowtafel hebt, levert dat goede televisie op."

U beschrijft een entertainmentindustrie.
"Daar neigt het soms naar, ja. Terwijl de regels van de journalistiek niet zijn veranderd. Laten we beginnen met bepaalde zaken niet als waarheid te presenteren. Er wordt gesuggereerd dat Wilders 38 zetels zou hebben als er nu verkiezingen zijn. Totale onzin. Wilders is nog nooit goed gepeild."

"Het is kijken naar de waan van de dag. De kranten, talkshowtafels, het is zó gericht op de waan van de dag. Er zijn wel initiatieven die achtergrond en diepgang willen toevoegen, maar als jij nu een goede tweet plaatst, bepaal jij de waan van de dag. Het is allemaal op sensatie gestoeld. Vaak zijn het ook nog discussies die slechts over een kleine groep gaan."

U heeft zich vaker opgewonden over de verschillen tussen de Randstad en 'de provincie'.
"Ik durf wel te zeggen dat ik het vanuit Deventer beter in perspectief zie. Veel discussies, ook in jullie krant, denk ik, zijn Randstedelijke discussies. Zwarte Piet bijvoorbeeld. Het zijn hele reële gevoelens van mensen die ertegen zijn, zij hebben voelbare klachten. Maar ik heb in Deventer rondgekeken: alle Zwarte Pieten waren zwart, gouden oorbellen incluis."

"De mensen hier, maar ook in Brabant, Drenthe en Gelderland volgen de discussie, maar het is totaal geen issue. Daarmee zeg ik niet dat het niet bestaat, ik zeg alleen dat wat bij Pauw of De Wereld Draait Door wordt geroepen vaak een veralgemenisering is van wat er in Amsterdam leeft."

"Deventer heeft 110.000 inwoners, er zijn hier nog geen vijf Surinaamse gezinnen. Door de problemen zo algemeen te maken ontstaan chagrijn en ongemak. En je hoeft geen Wilders­adept te zijn om dat te ervaren."

Mensen herkennen de problemen niet?
"Ze herkennen het niet en zijn het niet eens met de labels die ze krijgen. Ik zei gisteren ­tegen mijn vriendin: Nederlanders moeten Nederland niet willen terugveroveren, maar de Randstad. Dat is waar de kloof ontstaat."

"Ik geef je nog een voorbeeld: in Utrecht en Amsterdam moeten genderneutrale toiletten komen. In Deventer wordt dat gelezen, en nadat mensen hebben opgezocht wat een transgender is, vragen ze zich af wat zij daarmee te maken hebben. Dat kun je als niet-progressief en niet-ruimdenkend bestempelen, maar misschien hebben ze wel een punt. Je kunt sentimenten uit Amsterdam exploiteren naar de rest van het land, maar je zou ook kunnen kijken wat daarbuiten gebeurt."

Is dat journalistieke luiheid?
"Natuurlijk is dat luiheid. Ik denk dat veel mensen in Amsterdam deze dynamiek herkennen. Ik word regelmatig gebeld door tv-programma's, ook het NOS Journaal. De helft weet waar ik woon, de andere helft vraagt het. 'In het oosten,' zeg ik dan. O, in Oost? Nee, in het oosten, Deventer. Dan gaan ze toch vaak op zoek naar iemand anders. Dat heb ik nu een paar keer meegemaakt. Politici hebben daar ook last van."

Özcan Akyol: 'Veel discussies, ook in jullie krant, denk ik, zijn Randstedelijke discussies'Beeld Mark Van Der Zouw

Dat is niet iets van de laatste jaren, toch?
"Dat kan ik moeilijk inschatten. Ik kijk tien jaar bewust televisie, nu. Het valt in elk geval op en mensen storen zich eraan. Ik ook. Het zit in kleine dingen. Jeroen Pauw die een zin begint met: 'Onze burgemeester zegt dat...' Wie is jouw burgemeester? Het is klein bier, provinciale frustratie, maar het draagt wel bij aan het tanende imago van de media."

Komt u met een dochtertje van 10 maanden en vijf deadlines per week nog aan het schrijven van boeken toe?
"Een beetje. In 2018 moet er weer een roman verschijnen, maar volgend jaar komt eerst mijn eerste non-fictieboek uit, dat ik ga schrijven op basis van een vijfdelige documentaireserie waaraan ik werk. In maart begin ik daarmee, dan stop ik zes weken met mijn AD-column."

Tot slot, heeft u veel gedoe gehad toen u uw collega-columnist Halina Reijn eerder dit jaar op de korrel nam, nadat ze in een column mensen die haar op Schiphol aanstaarden als zeekoeien had beschreven?
"Nee, helemaal niet. Ik heb vooraf gemaild met de redactie, met de vraag of het oncollegiaal was. Toen werd gezegd dat ik vrij was als columnist. Ik heb nog drie mensen gebeld en die zeiden ook: gewoon doen."

Wat had u ervan gevonden als de redactie de column had geweigerd?
"Ik had het wel begrepen. Het is dubbel. Je moet je veilig voelen in je eigen krant, maar als je het te bont maakt, zoals Halina deed, moet je wel worden gecorrigeerd. Als ik mezelf voor lul zet, wil ik ook dat mensen dat zeggen of schrijven. Ik ben iemand die graag de waarheid zegt, maar mensen mogen ook eerlijk tegen mij zijn."

Is dat wat te allen tijde overeind blijft?
"Ja. We hebben het best veel over toon en de extremen gehad, maar je kunt elkaar toch op een ordentelijke en doordachte manier de waarheid zeggen? Ik kreeg ook oproepen om Halina te vermoorden. Dat is toch minder mijn stijl."

Özcan Akyol

Geboren 7 april 1984, ­Deventer
Opleiding Journalistiek, aan Hogeschool Windesheim, Zwolle. Nederlandse taal en cultuur aan de VU (niet afgemaakt)
Loopbaan Debuutroman Eus (2012); Hé Scheids, Jij Hebt Thuis Zekers Niks Te Vertellen? (met @DuBlanqeBogarde, 2014); kinder­boek Wij Vieren Geen Feest (2014), roman Turis (2016). Verder is Akyol columnist voor ­Varagids, Nieuwe Revu en AD en schuift hij geregeld aan bij DWDD.

Opgebiecht

Leermeester "Mai Spijkers (uitgever Prometheus). Dertig jaar ouder en mijn beste vriend. Hij kent de mediawereld en de historische context van onderwerpen."

De beste uit het vak "Jan Blokker sr., die tot zijn overlijden columnist voor NRC was. Een heldere denker die bovendien mooi Nederlands gebruikte."

De slechtste uit het vak "Arnold Karskens, een sensatiebeluste ­fantast."

Het beste advies gekregen "Nooit jezelf googelen."

Het slechtste advies "Dat ik een kinderboek moest schrijven. Het is een vak apart, daar had ik me niet aan moeten wagen." (In 2014 verscheen Wij Vieren Geen Feest)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden