'Ik schaam me: we zijn niet veranderd en we zijn grenzen over blijven gaan,' aldus een mannelijk corpslid van 21.

Plus

(Oud-)corpsleden spreken zich uit na week vol ophef: ‘Waarom zou ik nog meebetalen aan dit instituut?’

'Ik schaam me: we zijn niet veranderd en we zijn grenzen over blijven gaan,' aldus een mannelijk corpslid van 21.Beeld Desiré van den Berg

Het Amsterdamsch Studenten Corps heeft tijdens de lustrumviering vorige week bewezen dat er van een cultuurverandering nog geen sprake is. Onder actieve leden en reünisten groeit het ongemak: ‘Ben ik te naïef geweest?’

Raounak Khaddari en Anna Herter

Wil ik überhaupt nog lid blijven, vraagt een 22-jarig vrouwelijk lid zich af. Ze heeft de afgelopen week veel getwijfeld: “Constant heb ik me afgevraagd, ben ik hier trots op, sta ik hier achter? En nu kan ik zeggen: het antwoord is nee.”

De uitgelekte speeches van afgelopen week, waarin vrouwen onder meer hoeren en sperma-emmers werden genoemd, is voor haar een grens. “Niet alleen de speeches zelf zitten me dwars, maar ook alles wat eraan vooraf moet zijn gegaan. Dat iemand dit van te voren heeft zitten tikken op z’n laptop, met de aanname dat dit gaat resoneren bij het publiek. Dat is hier zo teleurstellend aan.”

“Dit is een harde les,” zegt een van de ruim 2700 actieve leden van Het Amsterdamsch Studenten Corps (ASC) en de Amsterdamsche Vrouwelijke Studenten Vereeniging (AVSV). De man van 21 staat op donderdagavond tegenover de sociëteit waar een paar minuten daarvoor voorzitter Heleen Vos haar aftreden bekendmaakte. “Ik schaam me voor wat er is gebeurd, en voor wat er in de afgelopen jaren niet is gebeurd. We zijn niet veranderd en we zijn grenzen over blijven gaan. Blijkbaar is die cultuurverandering niet gelukt, anders waren we hier nu niet.”

Groeiend ongemak

De twee leden staan niet alleen. Steeds meer corpsleden spreken zich uit, zo illustreert de brief die meer dan tweehonderd leden deze week ondertekenden in reactie op de vrouwonvriendelijke speeches tijdens het herendiner als onderdeel van het 34ste lustrum van ASC/AVSV.

‘Woorden kunnen niet beschrijven wat het met ons, vrouwelijke leden, doet om op ons eigen heren- en damesdiner dusdanig respectloos beschreven te worden,’ staat in de brief. En: ‘Wij horen mannen denken: ‘het is maar een grap’. Volgens ons is de grap voorbij. Een jaar lang cultuurverandering etaleren en vervolgens dit soort termen zelf uitkramen en het wordt nog toegejuicht ook? Neemt de senaat nou zijn eigen ‘cultuurverandering’ niet serieus?’

Dat het ongemak groeit, blijkt ook uit de gesprekken die Het Parool deze week voerde met een tiental actieve leden en reünisten van ASC/AVSV. De vereniging heeft ze veelal een geweldige studententijd geboden, maar ze stellen ook dat het corps moet veranderen.

Dat zei het verenigingsbestuur vorig jaar zelf ook al. Toen werd een ‘drastische cultuuromslag’ aangekondigd, nadat ontgroeningen voor de zoveelste keer uit de hand waren gelopen. De cultuur is ‘verrot’, stelde het bestuur destijds. Ook de zwijgcultuur moest worden doorbroken.

Symptoombestrijding

Er is wel wát geprobeerd, stellen de (oud-)leden, die in de meeste gevallen anoniem willen blijven. “Dat de ontgroeningen vorig jaar zijn afgeschaft, bijvoorbeeld, is echt een aardverschuiving,” stelt een 28-jarige man, tot 2019 actief bij het corps.

Een actief lid van 23 jaar wijst op de brief die zij mede ondertekende. “We hebben onze mond opengetrokken en we voelden de veiligheid om dat te doen. Dat is een stap, maar we zijn er nog niet. We komen van ver en we hebben tijd nodig.”

Het corps heeft in samenwerking met externe consultants, gespecialiseerd in cultuurverandering, dialoogsessies gehouden met leden. Dat heeft inderdaad tot meer bewustwording geleid, stellen meerdere leden. “Maar ja,” zegt Amarylle van Doorn (25) die tot 2020 actief was, “misschien was dit slechts symptoombestrijding. Want je ziet: het is niet genoeg.”

Apen in de boom

Wat is er dan wél nodig om een cultuur van een organisatie te veranderen? Dat is verschrikkelijk moeilijk, zegt hoogleraar leiderschap en organisatieontwikkeling aan de Universiteit Leiden Aukje Nauta. “Het corps is van oudsher een heel traditioneel systeem waar mensen ook trots zijn op hun tradities en gebruiken. Die zijn heel hardnekkig.”

Nauta gebruikt een verhaal over apen als metafoor: tijdens een experiment werden apen die in een boom klommen om een banaan te halen door onderzoekers natgespoten. “De volgende generatie apen leerde van hun ouders niet in de boom te klimmen. Een generatie later klommen apen niet de boom in, terwijl ze geen idee hadden waarom niet. Kortom: sommige dingen doen we, omdat ze nu eenmaal zo worden gedaan.”

Voor cultuurverandering moet de status quo ter discussie worden gesteld. “Zo’n traditie voelt vaak veilig,” zegt Nauta. “Verandering is oncomfortabel. Want je hebt het altijd zo gedaan.”

Statuswinst

Reünisten zeggen het fenomeen te herkennen. “Vijf jaar geleden werd zo ongeveer precies dezelfde speech gegeven,” zegt een 28-jarig oud-lid dat anoniem wil blijven. “Ik en mijn dispuut vonden er geen reet aan,” zegt hij, “maar we bleven wel zitten. Het eten werd ook net geserveerd.”

“Ik heb het vanaf begin af aan lastig gevonden,” zegt oud-lid Van Doorn. “Aan de ene kant pluk je de vruchten van de vereniging, want het heeft ook veel mooie kanten. Aan de andere kant kan ik me ervoor schamen, zeker na wat er nu weer is gebeurd. Het is een beetje alsof je iets lekkers at, maar ook weet dat er bloed aan kleeft. Ik vraag me nu af of ik tijdens mijn lidmaatschap, ondanks mijn inzet tot verandering, daar niet te naïef over ben geweest.”

Wat een cultuurverandering ook ingewikkeld kan maken, is de sterke relatie tussen de vereniging en haar reünisten, die in hun tijd nog wel wegkwamen met soortgelijk gedrag. “Wie kan wegkomen met antisociaal gedrag, wint met name in mannengroepen aan status,” legt evolutionair en sociaal psycholoog Joshua Tybur van de Vrije Universiteit uit. “Hoe extremer het gedrag waarmee iemand wegkomt, hoe meer kans op statuswinst. Hoe hoger de status, hoe meer leiderschapskwaliteiten iemand in die groep krijgt toegedicht.”

Het doet Tybur denken aan Donald Trump, waarvan vlak voor de Amerikaanse presidentsverkiezingen in 2016 beelden opdoken waarin hij zich laatdunkend uitliet over vrouwen: het ‘grab ’m by the pussy’-filmpje. “Veel mensen dachten dat hij daardoor de verkiezingen zou verliezen, maar hij won juist. Een deel van het electoraat houdt van mensen die normen overtreden. Thierry Baudet doet in Nederland precies hetzelfde. Sociale normen doorbreken werkt in de ogen van sommige mensen statusverhogend.”

Grof, denigrerend en hard

Het moet maar eens klaar zijn, zegt Santje Kramer (59) die in 1982 net als haar moeder en grootouders lid werd van ‘het Amsterdamsche’. Ze is nog lid van de Vereniging van Reünisten, ‘maar dat ga ik opzeggen’. “Waarom zou ik nog meebetalen aan een instituut dat niets meer voorstelt? Ken jij groepen waarin mensen het accepteren dat vrouwen hoeren worden genoemd?”

“In mijn tijd waren we ook niet heilig,” benadrukt Kramer. “Ik weet wel dat ik een keer gewoon in mijn reet werd geknepen toen ik bij de bar stond. Ik heb toen een biertje besteld en dat in zijn decolleté gegooid. Maar behalve excessen was er ook inhoud. Ik werd lid omdat ik het gevoel had dat je je als persoon kon ontplooien en verrijken. Er was veel meer aandacht voor kunst en cultuur. Als je meedeed aan het grote toneelstuk dat werd opgevoerd en je veroverde de hoofdrol, dan was dat een eer. Nu ben je een homo als je op het toneel staat.”

Lisca Stutterheim (47) werd 23 jaar geleden lid, net als haar vader voor haar. “Het was ongekend grof, denigrerend en hard. Ik weet nog dat we samen met de mannen Twister speelden in badkleding terwijl ouderejaars eromheen stonden. Als je pech had met de kleuren die je gooide móest je met je benen gespreid gaan staan. Ik moest met mijn neus tegen een bloedend gevild koeienhoofd schuren en toen ik weigerde een shotje te nemen, moest ik een fles wijn atten.

“De foto van een dispuutsgenoot die topless lag te zonnen, is afgedrukt op elke bladzijde van het maandblad,” vervolgt ze. Toch wil Stutterheim niet zeggen bij welk dispuut ze zat. “Dat zeg je niet. Dat hoort niet. Ik krijg al heel veel gezeik omdat ik me er überhaupt over uitlaat.”

Uniform

Ook dat is een van de knelpunten, zegt leiderschapshoogleraar Aukje Nauta, refererend aan de video waarin te zien is hoe de mannen tijdens het herendiner gekleed waren: allemaal in een wit overhemd met bretels. “We weten uit onderzoek dat mensen met een uniform eerder geneigd zijn tot machtsmisbruik. Ze voelen zich minder individu en meer onderdeel van een geheel.”

Nauta ziet dat het vrijwel allemaal witte mensen zijn uit een bepaald milieu, in hetzelfde uniform en met weinig invloeden van buitenaf. “Dat heeft veel weg van een sekte. Hoe meer diversiteit, hoe minder kans er is op excessen, weten we. Daarom zijn diverse organisaties doorgaans ‘gezonder’.”

Volgens de (oud-)leden waar Het Parool mee sprak is het goed dat er nu ophef is; dat kan volgens hen verandering in gang zetten. “Dit creëert hopelijk eindelijk momentum,” aldus Van Doorn. “Er moet fundamenteel iets veranderen.”

Nauta: “Stop bijvoorbeeld met dezelfde pakjes dragen, stop met gescheiden diners voor mannen en vrouwen. Gedrag hoort immers vaak bij een systeem. Als je dat lostrekt, merk je vrijwel direct verschil. Je moet het systeem doorbreken.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden