Operettegezelschap Thalia wordt 100

Met drie concerten viert operettegezelschap Thalia zijn honderdjarig bestaan. 'We zijn altijd de beste geweest in Amsterdam.'

null Beeld Klaas Fopma, www.klaasfopma.nl
Beeld Klaas Fopma, www.klaasfopma.nl

'Als jij verkeerd zit, nooit laten merken!' roept Alexander Koeznetsov met een zwaar Russisch accent vanachter zijn piano naar de solisten. Opnieuw zet hij de Barcarolle in, ofwel het gondellied, uit Hoffmann's vertellingen. De linkerhand ploinkt over de toetsen, de rechterhand golft geestdriftig door de lucht. Volgzaam vallen de twee dames weer in met hun duet.

Jacques Offenbachs Barcarolle is slechts één van de vele liederen die operettegezelschap Thalia vandaag ten gehore zal brengen. Thalia bestaat deze maand honderd jaar en dat wordt gevierd met drie concerten in het Zuider Amstelkanaal Theater. Het concert bestaat uit 25 bekende en minder bekende liederen uit operettes die het gezelschap door de eeuw heen uitvoerde. Voorafgaand aan de generale repetitie van gisteren en de première vandaag, repeteerden de solisten hun partijen donderdagavond nog eenmaal.

De oefenruimte, een lokaaltje in de Boomkerk in Bos en Lommer, is spartaans te noemen; een pianootje in de rechterhoek, een tiental tafeltjes in schoolse kubusopstelling. 'Ik weet het, in zo'n ruimte klinkt het nog voor geen meter,' fluistert bestuurslid Irma Derksen. 'Zondag in het theater kan het geluid makkelijker weg.'

Derksen (75) is als bestuurslid één van de veteranen binnen het gezelschap. 'Mijn ouders zijn al lid sinds mijn tweede, dus ik weet eigenlijk niet anders,' zegt ze. Het antwoord op de vraag hoe Thalia zich honderd jaar heeft weten te handhaven is naar haar zeggen simpel. 'We zijn in Amsterdam gewoon altijd de beste geweest. Vroeger waren er nog wel twaalf verenigingen als deze in de stad. Thalia is de enige die over is gebleven.'

Dagje ouder
Derksen weet zich de hoogtijdagen in de vroege jaren zestig nog goed te herinneren. 'Thalia had toen wel zestig leden en deed twee grote producties per jaar. Per productie wel drie, vier voorstellingen. Mensen vochten om kaartjes.' Dat Thalia destijds groot aanzien genoot, is daarnaast te zien aan de namen die het voortbracht. Opera­legende Cristina Deutekom zong drie jaar bij Thalia, voordat ze werd ontdekt.

Ondertussen brengt in het repetitielokaaltje ras-Amsterdammer Wil Stravers een melancholische ballade uit The desert song van Sigmund Romberg. Achter een zwaar Jordanees accent blijkt een doorleefde stem vol bombast te schuilen. 'We hebben nog steeds goede zangers in ons midden. Er is ook nog steeds publiek voor operette. Iedereen wordt alleen wel een dagje ouder,' geeft Irma Derksen toe. 'De jongeren gaan naar de grote musicals. Aan operette kleeft toch wat oubolligheid, volgens sommigen.' Dat is doodzonde, vindt ze. 'Er huist bijzonder veel goede muziek in dit genre. De meeste musicalliedjes lijken uiteindelijk erg veel op elkaar. Operette is eigenlijk altijd weer anders. Bovendien zijn de verhalen van de stukken vaak ongelooflijk humoristisch.' 'Mensen die het voor de eerste keer horen, zijn altijd verrast. Het blijkt meer dan een Weens walsje in achttiende-eeuwse jurken.'

Historische charme
Het huidige ledenbestand bestaat uit ongeveer dertig zangers, grotendeels vijftigplussers. Maar er komen nog steeds nieuwe leden bij. 'Mensen zoeken dat verenigingsleven toch weer een beetje op. Ze komen hier in de eerste plaats natuurlijk om te zingen. Maar ze doen het ook voor de gezelligheid en die historische charme.'

Het nog honderd jaar uithouden? 'Dat kan ik haast niet geloven, maar we willen het proberen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden