Open brief COC Nederland

Morgen precies tien jaar geleden, op 1 april 2001, schreef Nederland wereldgeschiedenis. Voor het eerst mochten partners van gelijk geslacht met elkaar trouwen. Een gebeurtenis met grote emotionele betekenis voor lesbische en homoseksuele paren in Nederland. Eindelijk konden zij hun liefde op dezelfde manier bezegelen als heteroparen. Met een boterbriefje in plaats van een margarinebriefje, met een bruiloft in plaats van een 'geregistreerdparnterschapsceremonie'. Eindelijk gelijke rechten.

De openstelling van het huwelijk in Nederland inspireerde tal van landen. België, Spanje, Canada, Zuid-Afrika, Noorwegen, Zweden, Portugal, IJsland en Argentinië volgden het Nederlandse voorbeeld. Zelfs in een paar Amerikaanse staten kunnen mannen inmiddels met mannen trouwen en vrouwen met vrouwen. Het opengestelde huwelijk werd ons mooiste exportproduct.

Het zijn wapenfeiten om trots op te zijn, maar we zijn er nog niet. Gelijke rechten leiden helaas niet automatisch tot emancipatie, zoals blijkt uit het groeiend aantal geregistreerde geweldsincidenten tegen homo's en de ernstige problemen rond homoseksualiteit op school. Maar ook van gelijke rechten is nog niet altijd sprake, zelfs niet waar het om het huwelijk gaat.

Als een trouwlustig homopaar bijvoorbeeld naar de website van de gemeente Groningen gaat, kunnen de heren daar al snel tot de conclusie komen dat de trouwambtenaar van hun voorkeur weigert om hen te trouwen. Zo zijn er tal van gemeenten waar 'weigerambtenaren' geen huwelijken tussen partners van gelijk geslacht sluiten. Het is ondenkbaar dat de overheid ambtenaren in bescherming neemt die weigeren Joden of mensen met een andere huidskleur te trouwen. Ambtenaren die geen homoparen willen trouwen, werden tot voor kort echter zelfs door het regeerakkoord beschermd.

In het huidige regeerakkoord is die bescherming niet opgenomen. De Commissie Gelijke Behandeling adviseert al sinds 2008 om met een wettelijke regeling een einde te maken aan het fenomeen van de weigerambtenaar. Wij stellen voor dat verantwoordelijk minister Donner morgen met zo'n regeling aan de slag gaat.

Wanneer een lesbisch echtpaar met behulp van een zaaddonor een kind krijgt, dan moet de duomoeder dat kind adopteren. Een lange, emotionele en kostbare procedure, die leidt tot veel juridische onzekerheid voor het kind. Het kind kan zelfs zonder juridisch ouder achterblijven. Wanneer een heteropaar met behulp van een zaaddonor een kind krijgt, dan hoeft de (niet-biologische) vader alleen maar geboorteaangifte te doen. Voor kind en ouders is alles dan gelijk juridisch goed geregeld. Al jaren belooft de regering verbetering in deze situatie te brengen, maar nog altijd ligt er geen wetsvoorstel bij de Tweede Kamer.

Voor lesbiennes en homo's met een buitenlandse partner dreigt een huwelijk binnenkort zelfs helemaal onmogelijk te worden. De regering wil zogenaamde gezinsvorming namelijk beperken tot partners die al in het buitenland met elkaar getrouwd zijn. Aangezien homo's en lesbo's in de meeste landen niet kunnen trouwen, vallen zij buiten de boot. Dat betekent bijvoorbeeld dat een Nederlandse lesbienne die in Venezuela haar grote liefde tegenkomt, geen leven in Nederland met haar kan opbouwen. Een heteroseksuele man zou dat wel kunnen. Verantwoordelijk minister Leers heeft toegezegd naar deze kwestie te zullen kijken, maar hier geldt: eerst zien, dan geloven.

Door deze drie problemen nog dit jaar op te lossen kunnen kabinet en Tweede Kamer het homo- en heterohuwelijk écht helemaal gelijk stellen. Volgens ons is dat het best denkbare cadeau voor de tiende verjaardag van het opengestelde huwelijk.

Vera Bergkamp, voorzitter COC Nederland
Philip Tijsma, voorzitter Landelijke Werkgroep Politiek COC

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden