Plus

Op zoek naar het oermannengevoel in Albanië

Geen vrouwen, geen telefoons, geen camera's. Parool-redacteur Peter van Brummelen (56) maakte in de bergen van Albanië een 'mannenreis' om los te komen van het dagelijks leven. 'Meet the new me: een natuurmensch. Ik geniet zelfs van het poepen in de bosjes.'

'Gids Gent springt als een balletdanser van het ene rotsblok op het andere' Beeld Jason Cuddy

Johnny Cash sleept me erdoorheen. Dat een zweethut heet was, had ik begrepen, veel en veel heter nog dan een sauna. Maar dit slaat alles. Ik transpireer als nooit tevoren, mijn hart bonkt als een gek en mijn gezicht houd ik platgedrukt tegen de grond in de hoop daar enige koelte aan te onttrekken. Ik deel de pikdonkere, benauwde hut met tien andere kerels. Ik zie ze niet, maar hoor ze zeker.

Er wordt gehuild, er worden openhartige bekentenissen gedaan: "Wat ik nu ga vertellen, weet zelfs mijn eigen vrouw niet..." In het midden van de door ons gebouwde zweethut is een kuil met daarin withete keien. De andere staat van bewustzijn die de mannen om me heen door die hitte bereiken, lijkt voor mij niet weggelegd. Ik zou ook wel iets willen zeggen, maar heb er simpelweg geen adem voor.

Zweethutkoor
In foetushouding liggend op de grond word ik beheerst door maar één gedachte: ik wil hieruit. Nu! Maar dan begint iemand te zingen: "Love is a burning thing / And it makes a fiery ring." Johnny Cash, een van mijn grote helden! Praten gaat niet, zingen wel. Met een stem bijna zo diep als die van Cash zelf voeg ik me in het spontaan gevormde zweethutkoor: "I fell into a burnin' ring of fire / I went down, down / And the flames went higher."

De temperatuur wordt er geen graad lager door, maar het gezamenlijke zingen maakt het verblijf in de zweethut plots wel een stuk draaglijker. Er zijn van die momenten waarvan je meteen weet dat je ze je hele leven nooit meer zult vergeten; dit is er één.

Lord of the Rings
Ring of fire is de rest van de week een beetje 'ons nummer'. Bij het bestijgen van een Albanese Alp, rond een kampvuur of
's ochtends vroeg vlak nadat we zijn gewekt door een haan: er is telkens wel iemand die de Cashklassieker fluit of zingt.

Met zijn elven zijn we. Jaap Duin is de leider. Een Amsterdamse psycholoog die in het dagelijks leven types uit het bedrijfsleven en topsporters coacht. En hij organiseert dus expedities, mannenreizen. Jaap, geboren en getogen op Texel, vindt dat mannen elk jaar ­minimaal vijf dagen met andere mannen in de natuur zouden moeten doorbrengen. En met natuur bedoelt hij dan niet de Waterleidingduinen of de Maarsseveense Plassen, maar de echt ongerepte natuur, zoals je die hebt in het bergachtige noorden van Albanië.

Het land is groter dan Nederland, maar telt slechts drie miljoen inwoners, die vooral in het zuiden wonen. Daar in het zuiden hoef je er niet heel veel moeite voor te doen je voor te stellen hoe het in Albanië was ten tijde van de dictatuur van Enver Hoxha, toen het land een Europees Noord-Korea was. Maar in het noorden is het echt krankzinnig mooi. De eerste dag in de bergen heb ik voortdurend de neiging om dat imposante, zelfs een beetje dreigende Lord of the rings-achtige landschap te fotograferen. Maar onze mobiele telefoons hebben we moeten inleveren en camera's zijn niet toegestaan (alleen de Albanese gids mag foto's maken).

'Ik voel me weer het gassie dat ik was toen huttenbouwen en fikkie stoken mijn core business waren' Beeld Jason Cuddy

Loskomen van het dagelijks leven, dat is het idee. We struinen door de bergen, wassen ons in rivieren, slapen bij boeren of in tenten. Wie Jaap vraagt naar een dagprogramma, krijgt op zijn best een vriendelijke glimlach terug. Het is voor de controlfreaks onder ons even wennen, maar niemand sputtert tegen.

Kruispunt
Wie zijn mijn reisgenoten? In het na een lange en hobbelige rit bereikte gehucht Teth, startpunt van onze expeditie en nog door A. Den Doolaard genoemd in zijn klassieke roman De herberg met het hoefijzer uit 1933, maken we een eerste kennismakingsrondje. Mannen met drukke banen zijn het over het algemeen. Mannen op een kruispunt in hun leven vaak ook. Hoe nu verder in hun werk? Hoe verder na die net verbroken relatie? Daar pas ik tussen: ook zo'n stresskip, gescheiden en daar niet zonder kleerscheuren vanaf gekomen.

Een einzelgänger was ik altijd al. Op reis met een groep: het is heel ver buiten mijn comfortzone. Maar ik heb er, vooral vanwege het avontuur, wel zin in. Zo veel zin zelfs dat ik me te vroeg op Schiphol meld. En dan echt te vroeg. "Lukt het niet meneer," vroeg een dame van de luchtvaartmaatschappij die me zag hannesen bij het automatisch inchecken.

"Heel raar, dit apparaat zegt dat ik pas 24 uur van tevoren kan inchecken." Mevrouw, na een korte blik op mijn paperassen: "U bent ook een dag te vroeg, meneer." Weer naar huis dus. Gelukkig was het nog zo vroeg dat slechts één buurvrouw me de beschamende terugtocht met volle bepakking zag maken.

De reisgenoten in Albanië moeten lachen om het verhaal. Ze zijn een stuk jonger dan ik. Er is een generatiegenoot van halverwege de vijftig, maar verder zijn er vooral jonge gasten, meestal zo rond de dertig, zo te zien in de kracht van hun leven. Gelukkig heb ik, op advies van Jaap, van tevoren getraind. Met de conditie is weinig mis, maar bergwandelen is nieuw voor me. Op de sportschool heb ik mijn bergschoenen ingelopen op de loopband in de stand 'belachelijk schuin'.

Flink veel trappenlopen, had Jaap ook aangeraden. Ik deed het op de Nesciobrug. 25 keer die wenteltrap op en neer, dat moest ik toch wel kunnen halen? Ja hoor, ik haalde het makkelijk, ook op die dag dat de zon voor de verandering eens heel fel scheen. Maar toen ik de volgende dag mijn bed uit wilde stappen, kon ik bijna niet op mijn benen staan zo stijf waren ze.

In Albanië blijven echte lichamelijke ongemakken me bespaard. De eerste dag, als we beginnen met een stevige klim, onze ­bagage gelukkig grotendeels gedragen door ezels, is het wel even wennen. Al na een kwartier lopen lijk ik geen droge draad meer aan mijn lijf te hebben en adem ik zo zwaar dat ik half aan het hyperventileren sla. Blijft dit echt een hele week zo? Meer ervaren lopers hebben goede tips. Kleinere stappen zetten. Zo ademen: twee stappen in, drie uit. En jawel, ik vind mijn cadans.

Opastokken
Hiking poles stonden op de paklijst als optioneel. Mijn kinderen kwamen niet meer bij toen ze zagen dat ik ze had aangeschaft - "Haha, papa heeft opastokken" - maar hier ben ik zeker bij het afdalen blij dat ik ze bij me heb. En een hele geruststelling: gids Gent heeft ze ook. De Albanees beweegt zich bijna irritant handig over de bergen. Als een balletdanser springt hij van het ene rotsblok op het andere.

Vergeleken daarbij voel ik me een olifant. Maar hé, Hannibal trok met een hele kudde van die beesten de Alpen over, dus deze olifant lukt het ook. Afzien ken ik van de sportschool, maar daar duurt de spinningles altijd maar een uur. Een hele dag afzien is andere koek, maar schenkt nog veel meer voldoening. Het is tijden geleden dat ik me aan het eind van een dag zo tevreden en ook wel trots voelde als hier. Tijden geleden ook dat ik zo goed sliep. Zelfs die nacht die ik in de buitenlucht doorbreng - ik heb niet voor niets zo'n speciale slaapzak met capuchon gekocht - bevalt uitstekend.

Meet the new me: een natuurmensch. Ik geniet zelfs van het poepen in de bosjes.

Indiaantje spelen
Is het anders, op reis met alleen kerels? Toch wel. Nooit eerder hoorde ik zo veel boeren en scheten. Alleen de eerste dag wordt na zo'n knaller nog wel eens 'sorry' gemompeld. Ook opvallend, maar ik zou het niet als typisch mannelijk durven typeren, is dat door niemand over wat dan ook wordt gezeurd. De ­totale afwezigheid van luxe lijkt geen enkele deelnemer te deren. En ook over het nachtelijk gesnurk van die vent van Het Parool worden alleen goedmoedige grappen gemaakt.

Een reisgenoot zegt dat hij zich voelt als een man in de oertijd Beeld Dim Balsem

Maar wat me echt verbaast: hoe openhartig die mannen zijn en hoe diep hun gesprekken vaak ook gaan. En nog verbazender: ik doe er zelf aan mee. Lullen met seksegenoten gaat me altijd prima af zolang het onderwerpen betreft als de beste oldschoolhiphopnummers uit de jaren tachtig, de voors en ­tegens van het gebruik een dakkoffer bij een autovakantie of wat was nou de betere Vietnamfilm was, The Deerhunter of toch Apocalypse now.

Maar als het over gevoelens gaat, praat ik toch makkelijker met vrouwen (kom er maar in, Dr. Freud). Hier praat iedereen, zonder dat daar drank aan te pas komt, over soms behoorlijk intieme zaken. Gelukkig wel zonder dat daar ook maar één woord softeknorrentaal aan te pas komt.

Theorietje: juist doordat we hier in Albanië het grootste deel van de dag met allemaal van die stoeremannendingen bezig zijn - houthakken, vuur stoken - durven we veel meer dan anders ook die andere, ahum, kwetsbare kant te laten zien. Het één faciliteert het ander. Dat we elkaar nog maar net hebben leren kennen, werkt ook goed natuurlijk. In ons gezelschap bevinden zich een vader en een zoon, maar verder kennen de deelnemers elkaar niet. Jaap wil geen groepjes binnen de groep.

Dat er ook nogal wat rituelen op het programma staan, draagt bij aan de sfeer van openheid en vertrouwen. Meteen al de eerste dag in de bergen beginnen we in een kring, ieder gezeten op een eigen steen. Vertel het maar: wie je bent en hoe het er met je voorstaat. Een check-in, noemt Jaap dat, zoals er aan het einde van een dag soms ook een check-out is.

Regel is dat je, als je uitgesproken bent, 'Aho' zegt, waarna de anderen ook 'Aho' zeggen. Zo deden en doen Indianen dat ook. De eerste paar keren komt dat 'Aho' er bij mij heel onwennig en schuchter uit, later gaat het vanzelf. Er wordt veel indiaantje gespeeld deze week. Menno, mee als onze eigen sjamaan (kort door de bocht, met dank aan Van Dale: een priester-tovenaar), weet er alles van. In mijn dagelijks leven kom ik nooit iemand tegen als hij, ik zou er vast ook niet erg voor openstaan, hier geef ik alles een kans.

Menno leidt de zweethutceremonie halverwege de reis. De hut bouwen we zelf, zoals we ook zelf eerst een vuur maken waarin die keien (drie de man) heet worden gestookt. Met groot enthousiasme en ook grote ernst is iedereen, vaak met ontbloot bovenlijf, hard aan het werk. Boomstammen worden aangesleept en in stukken gehakt. De straks met dekens af te dekken hut wordt schitterend (we hebben een architect in ons midden), het vuur is zo groot dat je er met oud en nieuw indruk mee zou maken.

Een reisgenoot zegt dat hij zich voelt als een man in de oertijd. Ik ga minder ver terug in de tijd: ik voel me weer het gassie dat ik was toen ik een jaar of tien was en huttenbouwen en fikkie stoken mijn core business waren.

Volkomen ontspannen
Bij de jongensrituelen van toen hoorde dat we elkaar in zo'n hut de smerigste dingen lieten eten of drinken. Dat gebeurt hier ook. Menno heeft een potje water waarin tabaksbladeren drijven. En die donkerbruine drab gaan we, voorafgaand aan de zweethut, opsnuiven - precies, een indianendingetje.

Ik voel me geweldig. Een dikke Boeddha. Volkomen ontspannen en op een aangename manier leeg. Beeld -

Staan we dan, tien mannen in hun onderbroek, de linkerhand in een kommetje om het tabakssap te ontvangen. Het beloofde effect: helderheid en energie.

Lekker is anders; na het water te hebben opgesnoven staat iedereen een tijdlang hevig te kokhalzen, sommigen zelfs half te braken. Meteen maar een waterritueel erachteraan. In colonne lopen we 'Heu! Heu! Heu!' roepend naar de rivier, waar we ons één voor één onderdompelen in het ijskoude water. De oerkreten die bij bovenkomst worden uitgestoten, zijn zo luid dat in de verte een stel honden al even woest begint te blaffen.

En dan dus die zweethut in. Een bekentenis hier: heel even steek ik tijdens de ceremonie een vingertop onder een van die dekens door. Het voelt of daarbuiten de Noordpool is. Evengoed liggen we, als we eindelijk naar buiten mogen en het daar inmiddels ook donker is, tijden lang poedelnaakt in het natte gras. Zal er best maf uitzien, maar wat maakt dat hier in de wildernis uit?

Turend naar de sterren voel ik me geweldig. Een dikke Boeddha. Volkomen ontspannen en op een aangename manier leeg.

Op expeditie

Sinds 2012 organiseert psycholoog Jaap Duin (32) mannenreizen. Twee per jaar: één naar Albanië en één naar Noorwegen. Aan een reis in de Schotse Hooglanden wordt gewerkt. Voor Noorwegen geldt no catch, no dinner: deelnemers vissen, jagen en verzamelen hun eten bij elkaar. Kosten per reis: ongeveer 1250 euro, exclusief vliegreis.

“Als mannen onder elkaar zijn, gaat het snel over alleen voetbal en vrouwen,” zegt Jaap Duin. “Ze zijn gewoon niet zo goed in het organiseren van momenten waar het dieper gaat. Deze reizen zijn zo’n moment. Je kunt er heel open en kwetsbare gesprekken voeren, zonder dat het meteen therapeutisch wordt. Dat mag wel, maar het moet niet. Deelnemers ken ik in sommige gevallen uit mijn eigen praktijk, die sowieso voor 95 procent uit mannen bestaat. Ik zeg dan: ‘Je kunt twee jaar therapie volgen, maar volgens mij schiet je meer op als je gewoon zes dagen mee de natuur in gaat.”
www.elements-expeditions.com

En oh ja, die zwetende, naakte gasten om me heen vind ik ook stuk voor stuk aardig.

Een paar dagen later staan we op Schiphol. Hoe afscheid te nemen? De handdrukken waarmee we een week geleden op dezelfde plek kennismaakten, volstaan niet meer. Het worden mannenhugs, met veel geklop op elkaars ruggen, zoals je mannen van motorclubs op tv ziet doen. Het gaat wat onhandig, maar het is daarom niet minder gemeend. Onze telefoons hebben we ook weer terug. Normaal trek ik hem minimaal elke tien minuten een keer uit mijn zak, nu heb hem ik zes dagen geen moment gemist.

Als ik hem aanzet, zie ik dat er 370 mails op me wachten. Ik stop hem heel snel weer terug.
Aho.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden