Plus PS

Op snoepreis door Amsterdam met een handvol Japanse Kitkats

Moet je altijd ver weg voor het betere reisgevoel? Verslaggever Lex Boon maakt een snoepreisje in eigen stad. Met een handvol Japanse Kitkats in exotische smaken gaat hij op avontuur.

Beeld Rowin Ubink

Het is tegen één uur 's nachts en ik hoor mezelf, samen met een Zuid-Afrikaanse jongen die ik net een paar minuten ken, uitbundig zingen dat 'Grease the way we are feeling' is. We krijgen applaus en daarna eten we samen een Kitkat met pompoenpudding.

Terwijl we wachten op ons volgende nummer, vraagt hij hoe ik aan de bijzondere Kitkat kom en waarom ik die heb meegenomen naar een karaokebar. "Dat is een beetje een vreemd verhaal," zeg ik.

Het was een half jaar eerder geweest, dat ik luiers nodig had en ze bij Amazon.de voor een stuntprijs werden aangeboden. Eén probleem: ik kwam zeventig cent te kort om in aanmerking te komen voor gratis verzending.

Ik tikte 'Kitkat' in het zoekscherm. Amazon bleek ze niet los te verkopen, maar ik stuitte wel op een levendige handel in Japanse Kitkats, met smaken als kersenbloem, wasabi en framboos. Zou een Kitkat meloen-mascarpone echt lekker zijn? En wat te denken van de smaak die zich liet vertalen als 'broodje gevuld met gezoete bonenpasta'?

Status apart
Waar er in Nederland maar weinig zo conservatief is als een snoepmachine - er is een Mars, een Snickers, een Kitkat en soms een Bounty - wordt er in Japan oneindig gevarieerd met smaken. En vooral de Kitkat heeft een status aparte in chocoladeland.

Dat is behalve marketing vooral toeval: als Japanners de naam van het van oorsprong Britse snoepje uitspreken, klinkt het als Kitto Kattsu. Dat betekent 'je gaat zeker winnen', waardoor het geven van een Kitkat wordt gezien als een soort gelukswens. Daardoor zijn er inmiddels honderden verschillende smaken op de markt gebracht, waarvan sommige in beperkte en tijdelijk oplage.

Van het bestaan van de exotische Japanse Kitkats was ik al op de hoogte door de verhalen van een vriend die een paar weken in zijn eentje door Japan had gereisd. Op zijn blog Yolo-solo.com had hij tussen de jaloersmakende reisverhalen door in bijzinnen over zijn groeiende verzameling Kitkats geschreven.

'Het was een lange treinrit,' zo schreef hij eens, 'maar gelukkig heb ik wel Kitkat groene thee, sake en crème brûlée weten te scoren.'

Als jonge vader bezocht ik vooral luierprijsvergelijkingssites, in plaats van - bijvoorbeeld - de Rokuonjitempel in Kyoto. Maar dankzij Amazon was nu plots de sensatie van het ontdekken hoe een Kitkat boterkoek smaakt binnen handbereik. Klik. Voor 21,99 euro bestelde ik op de Duitse site de 'Japanische Kit Kat Auswahl verschiedene Aromen Sortiment' mee met de luiers. Gratis verzonden.

Een ruime week later werd er een dichtgetapet pakketje van kraftpapier bezorgd, vol Japanse labels en stempels. "Wat heb je nu weer besteld?" vroeg mijn vriendin. Het idee dat ik door het bestellen van Japanse Kitkats een soort reiservaring zou kunnen beleven, klonk nu belachelijk.

En toen ik het pakje openmaakte en slappe en een beetje verkruimelde mini-Kitkats aantrof, waarvoor ik zeker anderhalve euro per stuk had betaald, voelde ik vooral schaamte voor de impulsaankoop - geen lonkend avontuur.

Beeld Rowin Ubink

Alsof ik zonder mijn huis te verlaten alsnog in een toeristenval was gestapt. Het pakketje stopte ik, zonder een Kitkat te proeven, weg in de berging. Bij de andere miskopen.

Souvenirs
Vorige week meldde persbureau Bloomberg dat Nestlé - het grootste voedingsmiddelenbedrijf ter wereld - dit jaar in Japan een tweede Kitkatfabriek bouwt, om aan de alsmaar groeiende vraag van exotische Kitkats te kunnen voldoen. Een van de redenen is de toename van het aantal toeristen in Japan, die massaal de vreem- de Kitkats als souvenir meenemen.

Ik pakte mijn Kitkats er weer eens bij. Bij het zien van de felle verpakkingen met vreemde tekens voelde ik weer dezelfde reislust als op het moment dat ik de Kitkats bestelde.

Voor mij was het een vakantieloze zomer en ik had zin om door een vreemde stad te slenteren en me te laten leiden door het toeval, in de hoop op willekeurige maar interessante ontmoetingen en ontdekkingen. Zou dat ook niet gewoon in Amsterdam kunnen, door naar voor mij onbekende plekken en mensen te gaan? Met de Kitkats als een goed excuus?

Witte chocola met sake
Zo was het me nooit opgevallen dat er op de Nieuwezijds Voorburgwal een Japanse winkel zit die onder andere keramiek, boeken en papier verkoopt. Als ik binnenkom rekent iemand net een fotoboek van de mij onbekende fotograaf Hiroji Kubota af.

Miho Yamagami begint te lachen als ze mijn verzameling Kitkats zien. "Ja, in Japan heb je altijd en overal veel keus," zegt ze. De Nederlandse supermarkten vond ze dan ook maar saai, toen ze hier negentien jaar geleden naartoe verhuisde.

De Japanse Kitkats mist ze niet, maar nu ik ze toch bij me heb, wil ze die met sake wel proberen. De witte chocola heeft een zoete, weeïge smaak. Van de 0,8 procent alcohol die erin moet zitten, is niet veel te proeven. Het lijkt niet echt op sake, vindt Yamagami. Zelf kan ik me niet herinneren wanneer ik voor het laatst sake heb gedronken.

Met de weeïge smaak nog in mijn mond loop ik richting de Damstraat, op zoek naar sake. Op de hoek met de Dam blijkt op de eerste etage Chinees-Japans restaurant Asiadam te zitten, met uitzicht op het monument.

"Kan ik hier een glaasje sake drinken?"
"Dit is een restaurant, geen bar. Als u alleen wat wilt drinken moet u naar beneden."
Daar, bij café Zwart, had ik alleen maar toeristen met pullen bier zien zitten.
"Hebben ze daar dan sake?"
"Nee, dat denk ik niet.'

De serveerster loopt alweer weg. Ik ga uiteindelijk aan een tafeltje zitten ("Nee, niet deze tafel") en bestel sake met twee stukjes sushi ("Alleen dat?"). In tegenstelling tot de ontvangst is de sake wel warm. Hij is ook veel lekkerder en scherper dan de laffe Kitkat. Ook de wasabi bij de sushi overtreft de Kitkat­variant. Dat zompige, groene reepje chocola smaakt eigenlijk nergens naar.

De verfijnde smaken van de Japanse keuken staan in schril contrast met de slappe Kitkats die ik tot nu toe heb gegeten. Ik ben dan ook verbaasd dat in de keuken van Kagetsu, een Japans eethuis in de Hartenstraat, kok Shinya Sunada meteen stopt met het rollen van sushi als hij mijn Kitkats ziet.

Hij bespreekt ze allemaal, maar kiest voor de Kitkat met bonenpasta. "Ik vind het echt lekker. Heerlijk," zegt hij. "Het is de soja die je proeft, en daar houden Japanners van." Ik neem ook een stukje en Sunada heeft gelijk: deze hartiger Kitkat heeft een bite.

Geliefd bij kinderen
"De Kitkats zijn vooral een symbool van de Japanse jongerencultuur," zegt Ingrid Beyer, terwijl ze in haar woning in West een bakplaat met een Kitkatboterkoek in de oven schuift. Twee minuten op 180 graden, volgens de verpakking.

Beyer studeerde Japans, waarna ze samen met een vriendin in 2008 de Japanse delicatessenzaak Roppongi begon. Op IJburg, want ze gingen er vanuit dat dat het centrum van het universum zou worden. Later verhuisde de winkel naar de Rozengracht, maar de huur was bijna niet op te brengen. Sindsdien zijn ze een webwinkel.

De Kitkatboterkoek heeft ze vaker gebakken, omdat ze de Japanse Kitkats zelf weleens importeert. Die Kitkats verkoopt ze op cosplay-conventies, waar fans van Japanse tekenfilms (anime) en stripboeken (manga) verkleed als hun favoriete personage rondlopen.

Als de witte chocola borrelt en bruin wordt, is de Kitkat gereed. Hij is mierzoet, maar door het knapperige randje niet eens zo heel vies.

Kleurrijk en levendig
Volgende halte: het Rijksmuseum. Maar dan wel naar de zalen waar ik anders nooit kom. In ruil voor een Kitkat met gedroog-de bessen en amandelen is conservator Aziatische kunst Ching-Ling Wang zo aardig om een rondleiding te geven.

Bij een maquette van Deshima, een eilandje van nog geen 200 bij 70 meter in de haven van Nagasaki, legt Wang uit hoe de Nederlanders in 1641 als enige buitenlandse macht toestemming kregen om vanaf dit eiland te handelen met Japan. Voor de westerse wereld vormden de paar Nederlanders op het eiland - ze mochten er niet af - jarenlang het enige contact met het afgesloten Japan.

De handelsgoederen van toen staan nu in het museum, zoals bijvoorbeeld het sierlijke Kakiemon-porselein.Het hoogtepunt van de Japanse collectie vindt Wang de twee imposante, houten tempelwachters uit de veertiende eeuw, die in het Aziatische paviljoen van het museum staan.

"Het stereotype van Japanse kunst is dat alles altijd heel strak en zen is. Deze beelden zijn juist ontzettend kleurrijk en levendig. Kijk naar de voeten: je ziet de aderen in het beeldhouwwerk. Kinderen vinden deze beelden ook altijd geweldig."

Als ik de vergelijking maak met de Japanse Kitkats - ook veelkleurig, gevarieerd en vast geliefd bij kinderen - kijkt Wang me een beetje meewarig aan. "Een beetje misschien," zegt hij.

Het is druk in het museum, maar er lopen geen grote groepen Japanse toeristen rond. Bij de steiger van rondvaartbedrijf Blue Boat Company deel ik met directeur Ramón van der Storm een chemisch smakende Kitkat rum-rozijnen.

"Er zijn al jaren heel weinig Japanse toeristen in de stad. Ze zijn voorzichtig geworden na de aanslagen in Europa van de afgelopen jaren. De rest van de Aziatische wereld komt nu langzaam weer terug, maar de Japanners laten zich nog bijna niet zien. Je kunt beter naar Amstelveen gaan."

Gewoon melk, puur en wit
Tot een paar jaar geleden werd Amstelveen wel Japan aan de Amstel genoemd, vanwege de groep van ongeveer 1600 Japanse expats die al decennialang in de stad wonen. Tegenwoordig vormen Indiërs de grootste groep expats, maar de Japanners zijn ook nog prominent aanwezig.

Zo zitten er in winkelcentrum Kostverlorenhof vlak naast elkaar een kleine Japanse supermarkt, een Japans restaurant en een Japanse kapsalon. Daar is kapster Kiyo verbaasd over mijn verbazing over de vele smaken Kitkats. "In Nederland heb je toch ook Goudse, Leerdammer en Beemster kaas? Nou, zo heeft elke regio in Japan ook zijn eigen Kitkats."

Goed punt. Blijft alleen de vraag waarom niet elke Nederlandse regio óók zijn eigen Kitkats heeft.

Toevallig zit in Amstelveen ook het Nederlandse hoofdkantoor van Nestlé,
dus ik kan het gewoon gaan vragen. Met Business Executive Officer Confectionery Martine Olijslagers-Kuip kan ik alleen geen Kitkat framboos delen: ze is op vakantie. Later belt ze me vanaf haar vakantieadres terug.

"We proberen hier ook weleens wat hoor, zoals een Kitkat aardbei-vanille. Nederlanders willen dat best eens proberen, maar de herhalingsaankopen zijn zo laag, dat het niet rendabel is. De populaire chocoladesmaken zijn hier toch gewoon melk, puur en wit."

In Japan zijn de volumes groot, waardoor het de moeite waard is om soorten te ontwikkelen. En omdat op de Japanse retailmarkt een continue vernieuwingsdrift heerst, moet Nestlé nieuwe smaken blijven ontwikkelen. "Anders raak je daar de schapposities kwijt. Terwijl in de kleine Nederlandse supermarkten alleen plaats is voor de hardlopers, de basissmaken."

Dat betekent volgens Olijslagers-Kuip niet dat het altijd zo blijft. "We zitten nu ook allemaal aan de sushi, dat was veertig jaar geleden ondenkbaar."

Maar zit ik daarop te wachten? Een echt lekkere Kitkat heb ik nog niet gegeten. Ik heb er vooral veel lol in gehad om kriskras, met prachtig weer, de stad door te fietsen met die gekke dingen.

Vrolijke sfeer
Met mijn laatste exotische Kitkats besluit ik naar een andere Japanse uitvinding te gaan: de karaokebar. "Er komen hier weleens Japanners, maar niet zo vaak hoor," had Samantha van 24K in de Halvemaansteeg me aaan de telefoon gewaarschuwd.

Dat maakt me niet zoveel uit: ik vind karaoke misschien nog leuker dan de gemiddelde Japanner en heb nu eindelijk weer eens een reden.

Als ik tegen één uur 's nachts binnenstap, zijn er inderdaad geen Japanners. Wel is er een groep blonde vrouwen die bier door rietjes drinkt uit een opblaasbare My Little Pony en Geef Mij Nu Je Angst zingt. Met Samantha ruil ik een Kitkat kersenbloesem voor een biertje.

Aan de bar zit ook Bradley Mercuur uit Zuid-Afrika. Hij is net in Amsterdam, zijn vrienden gingen slapen, maar hij wilde nog even op pad. Hij gaat graag naar karaokebars, omdat de sfeer altijd zo vrolijk is. "Wil je met me zingen? Ik heb Grease aangevraagd," zegt hij.

Een paar minuten later zingen we uitbundig dat 'Grease the way we are feeling' is, krijgen we applaus en eten we daarna samen een Kitkat met pompoenpudding. Bradley vraagt meteen Greased Lightning voor ons aan.

Waarom Grease? vraag ik. "Het is gewoon het perfecte liefdesverhaal," zegt hij. "Ik kijk de film een paar keer per jaar."

Waarom die Kitkats? vraagt hij. Ik vertel hem het verhaal en de uitstekende dag die ik daardoor in de stad heb gehad. Dat je niet per se op reis hoeft om nieuwe dingen te ontdekken, omdat Amsterdam nu eenmaal ook vol zit met onbekende plekken en mensen. Je hoeft er alleen maar even voor je stoel uit te komen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden