Plus

Op je vijftigste voor het eerst van de kinderpiste

Kun je leren skiën als je vijftig bent, niets met wintersport hebt en het angstzweet je al uitbreekt op de oefenweide? Journalist Mark Roos neemt de proef op de som.

Mark Roos op de piste: Op dag twee verdwijnt de spanning uit mijn lijf. Beeld Mark Roos

Controle Mark, controle!" schalt het over de kinderpiste van de Hartkaiser, een 1555 meter hoge berg nabij het Tiroler wintersportstadje Ellmau. Skileraar Laura is vandaag in een fanatieke bui. De zes deelnemers aan de tweedaagse cursus skiën voor beginners, in leeftijd variërend van 31 tot 54 jaar, krijgen tussen alle oefeningen door nauwelijks tijd om op adem te komen.

Tot vervelens toe herhalen we de remoefeningen, waarbij je met je ski's een pizzapunt nabootst. We staan op de kinderpiste, die deze dagen louter wordt gebruikt door volwassenen. Daarna volgen oefeningen waarin je, door tijdens het afdalen je rechterhand op je linkerknie te leggen en vice versa, leert het gewicht van je ene ski naar de andere te verplaatsen.

Zo kun je soepele bochten maken. En als je beneden bent, ga je met een skilift in de vorm van een honderden meters lange, overkapte lopende band weer naar boven. Voor iemand die nog nooit in zijn leven heeft geskied, verloopt de eerste dag ronduit bemoedigend.

Slechts als ik in een overmoedige bui besluit een extreem steile helling nabij het kinderparcours te proberen, word ik genadeloos afgestraft en kukel ik met een soort mislukte dubbele rittberger voorover de helling af, waarbij ik halverwege mijn ski's verlies en op mijn kin in de rulle sneeuw land.

Tot mijn huidige, vijftigste levensjaar was ik nog nooit op wintersport geweest. Mijn ouders waren dol op Oostenrijk, Zwitserland en het Zwarte Woud, maar dan wel hartje zomer, op een vol terras, met een glaasje ijskoude Grüner Veltliner en een stralende zon die de alpenweiden zo groen maakt dat het pijn doet aan je ogen.

Ook tijdens mijn tienerjaren is de wintersport aan me voorbijgegaan, waarbij ik heel puberaal besloot dat het niets voor mij was vanwege te koud, te veel heisa, te duur, te kakkineus, te veel gedrang bij de skilift, vies eten (spek! deegknoedels!), zweethandjes in de stoeltjeslift en visioenen van valpartijen en gipsvluchten.

De door velen geroemde après-ski kon me evenmin verleiden tot een retourtje Tirol. Ik zag en zie mezelf niet zo snel compleet starnakel de polonaise lopen op Oostenrijkse pareltjes als So Geil Auf Malle en Nur Noch Schuhe An.

Alleen daarom was de uitnodiging om mee te doen aan een groepsreis skiën voor beginners een ingrijpende lakmoesproef. Slaan die vooroordelen die ik over wintersport heb ergens op? En kan een niet overdreven sportieve vijftig­plusser nog op verantwoorde wijze leren skiën?

Losersclub
Op dag één van het Tiroler avontuur blijkt hoezeer wintersport een immense industrie is. De organisatie Skiwelt, eigenaar van het merendeel van de skigebieden in dit deel van Tirol, investeerde dit jaar 12,6 miljoen euro in ondergrondse parkeergarages, skikanonnen (voor als het even niet wil sneeuwen), computergestuurde sneeuwschuivers op rupsbanden, kinderopvang op de pistes, viaducten, energiebesparende innovaties en verbetering van liften en pistes.

Een van de nieuwste aanwinsten in Ellmau is de Tirol Lodge, een afgelopen december geopend, compleet uit hout opgetrokken hotelcomplex met meerdere vleugels, een buitenzwembad en een wellnessafdeling. Het bevindt zich precies tussen twee skiliften en pistes. Vanaf de piste ski je zo het hotel in. Naast het hotel bevindt zich ook een immens skicentrum, waar we onze laarzen, ski's en helmen huren, voordat we de gondelbaan naar boven pakken voor de eerste skiles op de Hartkaiser.

Mark Roos Beeld Mark Roos

Bovenop de berg wordt de groep van twaalf man in tweeën gedeeld. De ene groep bestaat uit mensen die al eerder hebben geskied, de tweede uit absolute beginnelingen, door de groep zelf al snel omgedoopt tot de losersgroep. Een Britse medecursist van mijn leeftijd heeft het in de losersgroep duidelijk niet naar haar zin.

Ze moppert op alles en iedereen en houdt het na twee valpartijen voor gezien. Na de lunch haakt ook de andere Britse af, omdat ze het niet kan bijbenen. Zo heeft Ellmau zijn eigen, kleine minibrexit. Volgens de Nederlandse skileraar Lisa zijn er steeds meer 45-plussers te vinden op de beginnerslessen.

"Het gaat wellicht allemaal wat langzamer dan bij kinderen, maar ik ben er echt van overtuigd dat je op latere leeftijd kunt leren skiën," zegt ze. "Mijn ervaring is dat je met zeven lessen de blauwe piste op kunt." Met de uit Hannover afkomstige medecursist Uwe, een vrolijke dertiger, besluit ik zo hard te oefenen dat we dag twee de blauwe piste op kunnen.

Het zal een heel karwei worden, want hoewel deze piste te boek staat als een piste voor beginnende skiërs, heeft die van Ellmau enkele stukken die imponerend steil zijn, waarschuwen de mede­cursisten uit de andere groep tijdens een calorierijke lunch waarvan de Sonja Bakkers en Fajah Lourensen van deze wereld spontaan een rolberoerte zouden krijgen. Zo bestaat een 'eenvoudige, lichte salade' in Tirol uit een berg sla met rauwkost, een flinke kwak mayonaise en enkele stevige hompen schnitzel.

Babyblauwe piste
De reacties van vrienden en collega's op mijn voornemen om 'op mijn oude dag', 'met die stramme botten van me', te gaan skiën, waren gevarieerd. De echte wintersportfanaten verzekerden me dat ik het heerlijk zou vinden, zo'n hele dag buiten in zo'n prachtig winters landschap. Maar de meeste reacties waren sceptisch. Een bloemlezing: 'Op jouw leeftijd is de après-ski al onverantwoord.' En: 'Ga niet skiën, ga lekker sneeuwpoppen maken'.

Ook waren collega's zo vriendelijk om me fijntjes te wijzen op verhalen over dodelijke lawines in Oostenrijk en YouTube-filmpjes van een op hol geslagen lift in Georgië die skiërs lanceert. Voeg daarbij grappen over gipsvluchten, de Duitse uitdrukking Hals- und Beinbruch ('Succes!') en verhoogde verzekeringspremies vanwege mijn aanwezigheid in de Alpen, en de stemming zit er goed in.

Op dag twee lijken de pistes sneller dan op dag één. In tegenstelling tot de dagen ervoor heeft het niet of nauwelijks gesneeuwd, waardoor de bovenlaag zo vroeg in de ochtend ijsachtig en superglad is. Vrijwel iedereen in het ­losersklasje moet wennen aan de nieuwe omstandig­heden. De een na de ander vliegt uit de bocht en ook ik ga een keer flink onderuit.

Meer zelfvertrouwen
Na een halfuur krijg ik de slag te pakken. Ik besluit, in voorbereiding op een eventueel middagavontuur op de blauwe piste, het tempo wat op te schroeven. Ik probeer langere stukken te skiën, meer vaart te maken, scherpere bochten te draaien. Ik merk dat ik vooruit ga, dat mijn zelfvertrouwen groeit. De spanning verdwijnt langzaam uit mijn lijf en ik voel dat alles steeds soepeler gaat.

De machtige vergezichten, het rustgevende geluid van mijn ski's op de sneeuw, het laagstaande zonnetje, de ontspannen sfeer in de groep: zou skiën dan toch iets voor mij zijn? Na de lunch besluiten Uwe en ik een poging te wagen de blauwe piste af te dalen. Lerares Lisa gaat voor, maar al na vijftig meter, bij mijn eerste bocht, wordt de helling zo steil dat ik hard onderuit ga. Uwe ziet het hoofdschuddend aan en besluit af te haken.

Hij gaat terug naar de groep, die weer is begonnen met de rondjes op het circuit dat we inmiddels liefkozend de babyblauwe piste zijn gaan noemen. Ik sta in dubio. Ga ik door, met alle risico's van dien, of haak ik ook af? Ik zie de ene volleerde skiër na de andere met een rotvaart voorbijkomen, maar dat helpt niet. Ik ben van een ander niveau en zie op tegen de volgende afdaling, vijftig meter verderop.

Die is zo steil dat je niet kunt zien wat erachter ligt. Als ik in de verte ook nog een gemotoriseerde ambulance-slee met loeiende sirenes voorbij zie scheuren, besluit ik naar de babyblauwe piste terug te keren. Daar word ik door de rest van de groep ontvangen met begripvolle blikken.

"Weet je wat het is," zegt skileraar Benedict van een van de andere groepen tijdens de lunch, "voor skiën moet je een beetje dom zijn. Jullie stadsmensen denken te veel na. Wij zijn bergmensen, we go with the flow. Pas als je je helemaal kunt laten gaan en stopt met nadenken in elke bocht, merk je dat het beter gaat."

Flinke investering
Geen idee of ik het ooit zo ver zal schoppen. Op de vraag of ik nog een keer terugkom voor een wintersportvakantie in Tirol, heb ik geen eenduidig antwoord. Ja, ik vond dit driedaagse avontuur de moeite waard. Ja, het was heerlijk om de hele dag buiten te zijn in dat prachtige berglandschap. En ja, Tirol is prachtig en je kunt er ook iglo­dorpen bezoeken, wandelen, langlaufen, rodelen en feesten.

Maar ik heb ook bedenkingen. Niet zozeer over de ultravoedzame speckknödel en kasspatzln en de behoorlijk gênante après-skibacchanalen; daarmee is te leven. Nee, ik denk dat skiën pas echt leuk is als je het goed kunt, als je van piste naar piste, van gondelbaan naar skilift kunt skiën en tochten kunt maken. Dat vergt een flinke investering, zowel in tijd als in geld. En geduld, veel geduld.

Ervaren skiërs raden aan om, voordat je afreist naar het hooggebergte, een paar lessen te nemen in Nederlandse skihallen om de techniek te leren. Vervolgens oefen je een paar dagen in bijvoorbeeld Sauerland, een skigebied dat goedkoop, dichtbij en redelijk overzichtelijk is. Bevalt dat, dan ben je klaar voor het serieuze werk. En maak je als een jonge god van vijftig plus de blits op de blauwe, rode of zelfs de angstaanjagende zwarte piste.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden